Issuu on Google+

advertorial —

Cepezed heeft het beeld van de fabriek op een geabstraheerde wijze teruggebracht.

de jaren twintig een complex in een Uvorm. Sinds de jaren zestig kwam het complex in gebruik bij andere partijen, met een kunstenaarscollectief als belangrijkste gebruiker. In de loop der jaren onderging het gebouw tal van aanpassingen en in recente jaren verkeerde het in slechte staat. In de optiek van de gemeente behoorde het fabriekscomplex echter tot het meest karakteristieke industriële erfgoed van Helmond. Ze wilde het ‘gemeentelijk monument’ behouden en zag een mogelijke bestemming in een nieuwe culturele hotspot langs het kanaal. Het zou daarmee ook een oplossing bieden voor de verspreide ligging van een aantal kleine culturele organisaties, zoals poppodium De Lakei, Filmhuis Helmond en Omroep Helmond, terwijl kunstenaarscollectief De Nederlandsche Cacaofabriek er gevestigd kon blijven. Het diverse programma wilde de gemeente aanvullen met ruimte voor creatieve bedrijvigheid.

Toen cepezed bij het project betrokken werd, trof het een verrommeld en vervallen complex aan. Een deel van het gebouw was door brand onbruikbaar geworden, de toegevoegde hal op het binnenterrein verkeerde in slechte staat en het karakteristieke schilddak was verdwenen. “Het complex had iets aan charme verloren”, zegt Schleurholts met understatement. De charme van het gebouw vond het architectenbureau nog vooral in het interieur, met karakteristieke elementen als gietijzeren constructies, en geledingen en structuur in het metselwerk. Aan cepezed de uitdaging om de oude fabriekssfeer en de leesbaarheid van het interieur te bewaren, de bestaande structuur optimaal te benutten en verschillende gebruikers in het gebouw een plek te geven. “Terwijl het voor de meesten niet hun eigen keus was om naar de Cacaofabriek te gaan verhuizen”, zegt Schleurholts.

Karakteristiek Het architectenbureau en de constructeur hebben een analyse gemaakt van wat gesloopt diende te worden en wat

behouden kon blijven. Cepezed heeft ervoor gekozen om het complex weer tot een ‘fabriek’ te maken, maar die fabriek vooral op geabstraheerde wijze vorm te geven. Allereerst heeft het opschonen van de verrommelde situatie gezorgd voor een helderder beeld. Verder is het voormalige schilddak – een daktype met twee driehoekige dakvlakken aan de korte en twee trapeziumvormige vlakken aan de lange zijden van het gebouw – teruggekeerd, maar met een hedendaags voorkomen. Het dak heeft een toplaag van roestvast staal met een minimale detaillering. De installaties zijn in het nieuwe dak geïntegreerd; de aanzuigroosters >

Het karakter van de oude Cacaofabriek vond cepezed met name in het interieur terug architectenweb — 51


Architectenweb magazine #6