Page 1


Oproer in de Grote Kerk in 1619 Tot 2014 jaar was de Dr. Hofsteestichting gevestigd in het Hooge Huys in Alkmaar. Deze stichting, die projecten van algemeen maatschappelijk belang subsidieert, werd in 1960 opgericht door Henk Hofstee, directeur van de Noord-Hollandsche Levensvezekeringsmaatschappij, later overgenomen door SNS Reaal. Toen bekend werd dat SNS Reaal het Hooge Huys wilde afstoten werd het Regionaal Archief Alkmaar in september 2013 gevraagd om archiefstukken, boeken en andere documenten van de stichting te komen bekijken die in de kelder waren opgeslagen. Onder de stukken die naar het Regionaal Archief zijn overgebracht bevonden zich enkele oude drukken, onder meer een pamfletje uit 1619. In drie pagina's wordt hierin beschreven wat er op 8 maart 1619 gebeurde in Alkmaar en Hoorn. Rond de Alkmaarse Grote Kerk had zich op die dag een menigte dronken burgers verzameld die de kerkenraad belaagde. Een vooraanstaand burger werd bekogeld met vuil, uitgescholden en in een kruiwagen rond de kerk gereden. Ook in Hoorn vonden op dezelfde dag opstootjes plaats, waarbij zelfs doden vielen. Wat was er aan de hand? De oorzaak van het oproer was een godsdienstig conflict. Van november 1618 tot mei 1619 vond in opdracht van de StatenGeneraal de Synode van Dordrecht plaats, een landelijke vergadering van de gereformeerde kerk. Het belangrijkste onderwerp was het meningsverschil tussen de remonstranten en de contraremonstranten over de predestinatieleer: de uitverkiezing van de mens door God. Volgens de contraremonstranten was deze uitverkiezing voorbeschikt en kon de mens daar niets aan veranderen. De remonstranten meenden dat de mens er wel invloed op kon hebben. Het resultaat van de Synode was dat de remonstrantse leer verboden werd. Overal in het land werden predikanten afgezet. Ook in Alkmaar werden de remonstrantse predikers ondervraagd door afgevaardigden van de Synode. Dat niet iedereen het met deze gang van zaken eens was blijkt uit het optreden van een groep burgers, canaille volgens de pamfletschrijver, dronken van wijn en bier. Toen de kerkenraad door een achterdeur vluchtte koelden zij hun woede op een contraremonstrantse burger. In het pamfletje is sprake van een kruiwagen, in andere bronnen wordt de man rondgereden in het broodwagentje waarmee de huisarmenmeesters brood plachten uit te delen. Hij kwam met de schrik vrij, maar het Alkmaarse stadsbestuur had honderd musketiers nodig om het volk in bedwang te krijgen.


O

p vrijdag na noen, als de eerzame kerkenraad te Alkmaar in de Grote Kerk vergaderd was, om haar kerkenraad te houden ter ere Gods, en tot onzer zielen zaligheid, maar alzo de helse satan een zielverderver is, en nimmer meer rust, maar altijd nacht en dag omgaat als een leeuw om te zoeken wie hij verslinden mocht, en daartoe stookt alle tijd des mensen hart om hem in vele zonden te brengen. Om tot onze propoost1 te komen, zo heeft de helse duivel een deel licht volk in Alkmaar het grauw of Jan Rap en zijn maat tot gramschap verwekt, dat zij de welstand van Gods kerk gingen beletten. En om die te verhinderen zo kwamen zij als een deel canaille, de een half en de ander geheel dronken van bier en wijn, en verzamelden zich in een grote hoop rondom de kerk, al razend, roepend en tierend met veel spottende, lasterlijke woorden, tegen de gereformeerde religie zeer scheldend, op de predikanten en op de gereformeerde kerkenraad met veel blasfemie veracht, en liepen met een nijdige vergramde toorn op de deur van de kerk, om die met geweld op te breken. Maar alzo de eerzame kerkenraad veradverteerd2 werd van dit rumoer, en om dit te ontvlieden, zo zijn deze predikanten met de ganse kerkenraad een heimelijke deur uitgegaan, en alzo dit Jan Raps volk ontkomen. Maar als het canaille dit zag dat de kerkenraad met de predikanten al weg waren, onder welke was de predikant Plancius van Amsterdam3, waarop dat ze zeer verbitterd waren, en alzo 't toen scheen en ook sommigen door hun woorden lieten blijken, dat zij ze alle

1

Uiteenzetting Ingelicht 3 Enkele contraremonstrantse predikanten, waaronder Petrus Plancius, waren in opdracht van de Synode van Dordrecht naar Alkmaar gekomen om de remonstrantse predikanten te ondervragen en te beoordelen. 2


zouden in de kerk vermoord hebben, hadden zij zich daar in de kerkenraad bevonden, maar God zij lof dat ze weg waren. Maar om hun boze wil en opzet te gebruiken, zo hebben zij alzulks bewezen aan een vrome en voortreffelijke rijke burger, die om beters wil ten beste wilde spreken, (maar om hun schalkheid te tonen) hebben zij hem tot driemaal toe om de kerk gevoerd op een kruiwagen, hem nog zeer werpend met alle vuiligheid, hem zeer bespottend en uitlachend. Maar de vrome man heeft het al met geduld verdragen, denkend aan het woord van onze Heer en Zaligmaker Jezus Christus: Verblijdt u wanneer u enige vervolging geschiedt om mijnent wil, etc.1

Geschied in Hoorn, op 10 maart 1619.

O

p zondag met de roos of mid-vasten2 's morgens omtrent tussen negen en tien uur stond een overdekte koetswagen met paarden ingespannen, om daarop te rijden de Arminiaanse predikant Dominicus3, die van de Synode van Dordrecht was afgeweken, met nog de Arminiaanse predikanten aldaar vast gearresteerd. Maar deze Dominicus boven arrest is hij 't nog ontkomen, en alzo gevlucht tot in de stad Hoorn, aldaar residerend tot een goudsmid op het Noord, op de hoek van de Kerksteeg. Maar alzo daar twee gedeputeerde heren kwamen van de heren Staten en zijne prinselijke excellentie4 om hem wederom te halen, en hem alzo bepraat hadden dat hij goedwillend zou meegereden hebben naar 't Hof van Holland. Maar alzo deze predikants huisvrouw bevrucht gaande, groot jammer en geschrei bedreef om haar mans vertrek, vergaderden daar om het huis veel vrouwvolk

1

Mattheus 5:11 (Bergrede). Halfvasten, de vierde zondag in de vasten. 3 Dominicus Sapma (1586-1635) was remonstrants predikant (aanhanger van Arminius) in Hoorn. Hij werd door de Synode van Dordrecht gedagvaard, maar verliet zonder toestemming de synode om in Hoorn zijn zwangere vrouw bij te staan. 4 Maurits, graaf van Nassau, prins van Oranje (1567-1625) stond aan de kant van de contraremonstranten. 2


en manspersonen, en spraken veel lasterlijke woorden, maakten alzo groot getier, zeiden op het laatst: 'Wij willen onze Dominicus hier houden en hem ontzet doen'. Toen hij zulks hoorde en zag, zo schooraarzelde hij achterwaarts, en wou niet meerijden. Ttoen wierp het volk met stenen, en hielden de paarden vast, en sneden de strengen in stukken en braken de wagen. En alzo de wacht daar kwam, werd ook met stenen op haar geworpen, aleer de soldaten in haar wapens kwamen, werd de luitenant van de Zwitsers zeer met stenen gesmeten. Toen sprak hij tot de soldaten: 'Tsa1 vrome krijgsknechten, betracht en voldoe nu de eed die gij onze prinselijke excellentie en de edele mijne heren Staten Generaal beloofd hebt'. Toen hebben ze terstond hun musketten (zonder scherp) geladen en vuur gegeven, maar het rapaille werd veel stouter in 't werpen, alzo dat St.-Stephanus geschut daar velen kwetste. En als zij zagen dat haar de soldaten nog meden, riep deze Arminiaanse troep: 'Tsa val aan, courage, zij nemen de vlucht voor ons'. Toen geboden de oversten de soldaten met scherp te schieten, 't welk zij terstond deden, en daar werden van de Arminianen vier doodgeschoten en vele gekwetst, de rest nam de vlucht. Twee van de Arminianen zijn gevangen, nog zijn er ook twee jongens doodgeschoten. Men zegt dat d Arminiaanse predikants huisvrouw ook dodelijk ziek ligt. En alzo heeft de trommel alarm geslagen tot aan de avond, en de soldaten al in 't geweer, en de Arminiaanse holwagen is alzo tot nog toe in stilte gebracht. God zij lof in eeuwigheid, die haar kwaad voornemen tot ondergang gebracht heeft. Amen. F I N I S.

1

Aansporing: Welaan

Bladerboek oproer 1619