Page 1

# nieuwsbericht

Beste vriend(in) van de vereniging

4

juli 2017 jaargang 16

Het vierde Nieuwsbericht van dit jaar staat voor een groot deel in het teken van de Human Olfaction Conference. Een leerzame, tweedaagse conferentie die ik vorige maand heb bijgewoond in Nijmegen. Topwetenschappers uit allerlei disciplines van over de hele wereld deelden er hun kennis. Vol passie vertelden zij over geur in taal, cultuur, psychologie en in de medische wetenschap. Hun verhalen waren inspirerend en hoopvol. Het zou geweldig zijn als de resultaten die wetenschappers op de conferentie presenteerden, hun weg vinden naar de medische wetenschap en toekomstige behandelmethodes. Daarnaast was het heel fijn om te merken dat er onder de deelnemers van de conferentie veel begrip was voor de problematiek rondom reuk- en smaakstoornissen. Er was dan ook veel belangstelling voor onze vereniging en we hebben interessante contacten gelegd voor de toekomst. De avond voor de conferentie ontmoette ik professor Thomas Hummel voor het eerst. Geweldig om zo’n icoon op het gebied van onderzoek en de behandeling

van reuk- en smaakstoornissen nu eindelijk de hand te schudden. We hebben elkaar tijdens een etentje uitgebreid gesproken en hiermee de basis gelegd voor een hartelijke relatie. We hebben zelfs afgesproken om samen te werken aan een aantal nieuwe projecten, maar daarover later dit jaar meer...

presentatie waar we van veel leden heel enthousiaste reacties op kregen. Daarom hebben we Caro opnieuw gevraagd onze leden te verrijken met haar kennis over geuren in kunsthistorie in de vorm van een bijzondere rondleiding door het Rijksmuseum.

Tot slot vindt u het interview met laboratoriumarts Ellen Kramer, dat ook in ons magazine Achter glas verscheen. Net als de wetenschappers van de conferentie in Nijmegen is zij een gepassioneerd arts die zich inzet voor betere ondersteuning van kankerpatiënten die als gevolg van chemotherapie problemen hebben met hun reuk of smaak. Kirsten Jaarsma _ voorzitter Momenteel wordt er hard gewerkt In dit Nieuwsbericht staat ook een vervolg op Achter glas, vol een verslag van de rondleiding boeiende verhalen van bevlogen door het Rijksmuseum die geurprofessionals. Het resultaat wordt kunsthistorica Caro Verbeek een gepresenteerd op onze volgende aantal van onze leden vorige Vriendendag. Ik raad u dan ook maand gaf. Wij vinden het binaan om zaterdag 23 september van het te noteren, nen de vereniging belangrijk ‘’Uit dat de resultaten alvast in uw agenda onderzoek uit 2014 bleek datmooie als het zintuig reuk in heel brede het belooft weer een gevolg van een reukof smaakzin aan bod komt. Tijdens onze Vriendendag te worden met een stoornisboeiend de relatie met voeding vorige Vriendendag gaf Caro een programma! • wel degelijk belangrijk signaal richting de medische wetenschap om mensen met een reuk- of smaakstoornis hierin te begeleiden als daar behoefte aan is, bijvoorbeeld door middel van een diëtiste’’, stelt Jaarsma. Voor Wageningen University was het een signaal om dit nieuwe onderzoek toe te spitsen op het eetpatroon en de voedselvoorkeuren van onze leden.

Vriendendag 2017

Op zaterdag 23 september a.s. – van 11.00 uur tot 16.00 uur – organiseren wij weer de jaarlijkse Vriendendag. Medio augustus ontvangt u hiervoor een uitnodiging met meer informatie over de locatie en het programma. We hopen u te mogen verwelkomen!

Inhoud

2 GEUREN IN DE GESCHIEDENIS – rondleiding in het Rijksmuseum 4  HUMAN OLFACTION CONFERENCE – c onferentie in Nijmegen 7 DR. ELLEN KRAMER – ervaringsdeskundige uit ‘Achter glas’

de nieuwe anosmievereniging


Geuren in de geschiedenis een bijzondere route door het Rijksmuseum

Vorige maand gaf geurkunsthistorica Caro Verbeek leden van onze vereniging een bijzondere rondleiding door één van de mooiste museums die ons land rijk is: Het Rijksmuseum in Amsterdam. Op zaterdag 24 juli om 13:00 uur verzamelde de eerste groep van 20 leden in de centrale hal. Later die middag arriveert de tweede groep. door Susanne de Bruin Ronde en donkere geuren Caro neemt de groep direct mee op een reis door de tijd en leidt hen naar de kunstvoorwerpen en schilderijen uit de Middeleeuwen. Daar aangekomen legt ze uit dat geur in deze tijd werd gezien als de meest ideale manier om met elkaar te communiceren. Zoete geuren waren schaars en kostbaar en betekenden dus dat iemand belangrijk of welvarend was. Een geur als mirre is zoet en bitter tegelijk, en verwijst zo naar het lijden van Christus. ‘’Geuren waren een symbool op zich, in deze tijd bestaat dat niet meer.’’ Doordat geur tegenwoordig een veel minder grote rol speelt, is het voor mensen ook veel moeilijker om geuren te omschrijven. Leden geven aan dat partners dat ook niet altijd even gemakkelijk afgaat. Caro geeft tips: ‘’Probeer te benoemen of een geur donker of licht is. Scherp of zacht, fris of zwaar? En welke vorm past hierbij? Is het een ronde geur of misschien puntig of hoekig? Ruiken in religie De introducés mogen haar advies even later in de praktijk brengen, want Caro heeft iets bijzonders meegenomen naar de rondleiding: een geurige rozenkrans. Terwijl ze de krans rond laat gaan, legt ze uit waarom rozenkransen in die tijd vaak een zoete geur verspreidden. ‘’De zoete geur stond symbool voor heiligheid. Welke geuren kunnen jullie onderscheiden?’’, vraagt Caro. De roos wordt als

eerst genoemd, hieraan dankt de krans dus ook haar naam. ‘’De rozen waarvan etherische olie werd gemaakt om de kransen mee te begeuren, kwamen helemaal uit Damascus en kostten in die tijd een

nauw met elkaar verbonden omdat geur de taal van God zou zijn. Bovendien is het moeilijk om je op een gebed te concentreren wanneer je een vieze geur ruikt. ‘’Een begeurd gebed werd daarom als een hoger en

Geurkunsthistorica Caro Verbeek

krachtiger gebed gezien dan bidden in enkel woorden’’, stelt de geurkunsthistorica. Er zijn zelfs mensen in de geur der heiligheid gestorven. Veel paters en zusters deden in die tijd aan ascese, en aten en drinken daarbij niets omdat de ziel belangrijker was dan het lichaam. Hierdoor konden zij suikerziekte krijgen, waardoor

fortuin’’, licht ze toe. Anderen noemen kruidnagel, kaneel en nootmuskaat. ‘’Dat klopt, typische kruiden die de V.O.C. verscheepte naar ons land. Ik heb deze rozenkrans begeurd naar een 16e-eeuws recept en de olie in de balletjes gekleid zodat de geur heel lang behouden blijft’’, vertelt ze. Reuk en religie zijn in de Middeleeuwen

2

hun adem zoet ging ruiken. De adem stond gelijk aan de ziel, dus wie een zoete adem had moest wel heilig zijn... Ook in het leven van Christus speelt geur een belangrijke rol. ‘’Het is bekend dat hij bij zijn geboorte geuren cadeau krijgt, maar veel minder mensen kennen de versie van het bijbelverhaal waarin Maria haar onbevlekte ontvangenis, verwekt wordt door de zoete geur die engel Gabriël verspreidt’’, legt Caro uit. Tot slot is er het verhaal van Maria Magdalena die Jezus zijn voeten in nardusolie wast. ‘’Nardusolie was voorbestemd voor heiligen, koningen en farao’s. Maria Magdalena zag dus een groot leider in Christus. Daarnaast werden eigenlijk alleen de voeten van doden gezalfd. Zij voorzag dus zijn naderende dood.’’ Voor wie kan ruiken heeft Caro ook de geur van Nardusolie meegenomen. ‘’Het ruikt naar zweetvoeten’’, vindt een van de introducés. ‘’Nee, naar oude kaas’’, roept een ander. ‘’Veel mensen vinden het tegenwoordig helemaal geen prettige geur. Zo zie je maar wat cultuur met de beleving van geur kan doen’’,benadrukt ze. Geurige grachten Het blijkt een misvatting dat het in de Middeleeuwen overal stonk. ‘’Maar de contrasten waren wel groter. Riolen bestonden nog niet en alle dode dieren werden in de grachten gegooid. Om die reden deed Amsterdam aan stedelijke begeuring. ‘’Kijk, op dit schilderij


Isaak zegent Jakob – Govert Flinck, ca. 1638

zie je hoe de lindebomen langs de grachten bloeien. Hun heerlijke geur maskeert de stank uit de grachten’’, verklaart Caro. Ook in huis werden bloemen niet alleen ter decoratie en als statussymbool neergezet. Achter glas staat een grote, delfts-blauwe bloemenpiramide tentoongesteld. ‘’Die stond vroeger vol peperdure tulpen en de mooiste kamer, ver weg van de grachten en het toilet’’, vertelt ze. Onder de deelnemers bevindt zich ook Polly Visser: ‘’Ik vind het heel interessant. Ik ben altijd heel geïnteresseerd in alles wat met geuren te maken heeft. Het is leuk om het museum eens op een heel andere manier te bekijken’’, vindt ze. Jan van der Zanden is er samen met zijn vrouw Leonne die lid is van de vereniging. ‘’Die stedelijke begeuring vind ik heel interessant. Waarom wordt dat nu niet meer gedaan? Deze week rook ik de lindebloesem tijdens het fietsen, heerlijk vind ik dat! Het zou mooi zijn als er ook nu zo bewust met geuren zo worden omgegaan.’’ Zoet is gezond Tot de uitvindingen van Pasteur, heeft men lange tijd gedacht dat ziektes zich via

vieze geuren zouden verspreiden. ‘’Zoete lucht was gezond. Door steeds te zorgen dat het om je heen lekker ruikt, dacht men zich te kunnen beschermen tegen ziekte’’, legt Caro uit. Geheel onopvallend staat in een vitrine een bijzonder geurvoorwerp verborgen. ‘’Dit is een pomander, binnenin zitten verschillende vakjes met daarin verschillende geuren zoals kaneel, nootmuskaat en citrus. Het werd gedragen door hoogwaardigheidsbekleders zoals dokters, rechters en advocaten die vaak in stinkende ziekenhuizen en gevangenissen kwamen. De meest kostbare geurvulling was ambergrijs, het braaksel van een potvis. Wanneer dat gedroogd wordt ruikt het zoet en dat was in die tijd dus heilig en gezond.’’

Jakob zoals Esau naar akkers en gelooft Isaac dat hij zijn eerstgeborene zegent’’, aldus Caro. Soms lijkt geur echter ten onrechte aanwezig. In 2016 werd een nieuwe Rembrandt ontdekt die het zintuig ‘de reuk’ zou verbeelden. ‘’Op dat schilderij is te zien hoe een patiënt wordt opgewekt met reukzout. Dat ruik je niet, maar voel je net als ammoniak via trigemninale zenuwen. Het schilderij had dus eigenlijk ‘Nervus trigeminus’ moeten heten’’, stelt ze lachend.

Nieuwe naam Tijdens de rondleiding bespreekt Caro ook nog de geur boodschappen verborgen in kunst. In het schilderij Isaac zegent Jakob van Govert Flinck wordt de blinde vader Isaac om de tuin geleid door middel van geurbedrog. ‘’Jakob doet alsof hij zijn oudere broer Esau is door zijn trui om zijn nek te binden. Hierdoor ruikt

Leerzaam en confronterend Na afloop bespreekt de groep de rondleiding na onder het genot van koffie en gebak of een lekker wijntje met bittergarnituur. ‘’Tijdens deze rondleiding zijn we verrijkt met kennis over hoe belangrijk geur in onze geschiedenis was op gebied van gezondheid en religie. Wat extra bagage om ook anderen

3

te laten inzien dat het zintuig reuk veel belangrijker is dan veel mensen denken’, vindt voorzitter Kirsten Jaarsma. Ook deelneemster Elly Warnier- de Boer is enthousiast. ‘’Ik vond het heel mooi maar ook heel confronterend. Het gaat over wat je mist. Al die geuren om me heen zijn echt weg, dat kwam even binnen. Maar het is tegelijkertijd ook heel leerzaam, je kijkt op een andere manier naar kunst. Het werd vroeger veel meer op waarde geschat, wij leerden op school dat geur het minst belangrijke zintuig was.’’ Hieruit ontstaat een gesprek aan tafel. In de Middeleeuwen had men vast veel beter begrepen wat de impact van reukverlies was. Een interessante stelling, vindt Caro: ‘’Dan had je God niet kunnen ruiken, en ook de duivel niet. Je had je zelfs niet kunnen beschermen tegen ziektes’’, besluit ze. •


Human Olfaction Conference Voorzitter Kirsten Jaarsma en redacteur Susanne de Bruin bezochten op 22 en 23 juni j.l. de ‘Human Olfaction Conference’ in Nijmegen. Tijdens deze conferentie deelden 31 befaamde wetenschappers en geleerden vanuit de hele wereld hun kennis over reuk op het gebied van taal, cultuur en biologie in het Max Planck Instituut op de campus van de Radboud Universiteit. door Susanne de Bruin Hummel Professor Thomas Hummel, wereldwijd één van de grootste namen in de medische wetenschap rondom reukzin en pionier op het gebied van behandeling van en onderzoek naar reukstoornissen, geeft ook een presentatie op de conferentie. Hij gaat in op de functie van het reukzintuig en de gevolgen wanneer dat verdwijnt of ontbreekt. Allereerst bespreekt hij de resultaten van zijn onderzoek naar de gevolgen voor mensen met aangeboren anosmie. Met behulp van grafieken legt hij uit dat, hoewel het verschijnsel wel degelijk bekend is in de medische wereld, artsen maar weinig weten over de impact van congenitale anosmie. Zo laat hij zien dat de groep met aangeboren anosmie bijna dubbel zoveel ongelukken heeft in de keuken en in het huishouden vanwege de waarschuwende functie die ruiken in bijvoorbeeld de keuken heeft.

21% toename

11% afname 68% oorspronkelijk gewicht

Reukverlies = gewichtsverlies? Uit andere resultaten bleek dat er fysiek weinig verschillen waren tussen de groepen met en zonder reukzin. Ondanks de verminderde smaakbeleving voor de groep onderzochten met niet-aangeboren anosmie verloor slechts 11% gewicht. Daarentegen kwam 21% zelfs aan en de overige 68% behield zijn oorspronkelijk gewicht.

Sociaal en seksueel Daarnaast speelt reukzin een belangrijke sociale rol in het kiezen van partners en het herkennen van emoties in je omgeving. Zowel mannen als vrouwen met aangeboren anosmie geven aan zich niet zeker te voelen op sociaal gebied. Bij vrouwen komt aangeboren anosmie vaker voor. Zij blijken onzekerder in liefdesrelaties dan vrouwen uit de ruikende controlegroep. De mannen die nooit hebben kunnen ruiken hebben over het algemeen een stuk minder bedpartners dan de heren uit de controlegroep.

Bulbus trainen Wie ouder wordt dan 80, heeft een grote kans zijn reukzin te verliezen. Doordat het zo geleidelijk met de jaren verdwijnt wordt het echter vaak niet opgemerkt. Volgens Thomas Hummel kan 5% van de wereldpopulatie niet ruiken. Van de mensen in de leeftijdsgroep 70+ zou zelfs 30% een sterk verminderd reukvermogen hebben. De reuktrainingen die Hummel heeft ontwikkeld worden over de hele wereld worden gebruikt. Door middel van trainingen met essentiële oliën of de door Hummel ontwikkelde Sniffin’ Sticks in de geuren citroen, roos, kruidnagel en eucalyptus wordt de reukzin geprikkeld. Uit de resultaten van Hummel zijn onderzoek bleek dat de patiënten die de reuktraining 14 maanden volhielden, gemiddeld zo’n 25% beter konden ruiken. Bovendien neemt de Bulbus Olfactorius na vier maanden training toe in volume en is op MRI-beelden te zien dat ook de connectiviteit tussen de verschillende hersengebieden

Professor Thomas Hummel en voorzitter Kirsten Jaarsma

4


toeneemt. Wie de training structureel twee keer per dag uitvoert, heeft een grotere kans op positieve resultaten dan iemand die het geregeld vergeet. Volgens Hummel heeft dat te maken met het bewustzijn van de geuren om je heen. Met de training dwing je jezelf als het ware de geuren bewust waar te nemen waardoor je ze steeds beter zou kunnen herkennen en onderscheiden. Wie dat maar af en toe doet, lijkt het ruiken te verleren en is zich dus al snel minder bewust van de geuren. Geurgeluk Geur en stemming hebben ook veel met elkaar te maken. Zo blijkt zelfs dat de bulbus olfactorius slinkt wanneer iemand in een acute depressie verkeert. Het reukvermogen wordt eveneens minder sterk. Echter, het werkt ook andersom. Wanneer het reukvermogen, bijvoorbeeld door middel van de reuktrainingen, toeneemt heeft dat een positief effect op de gemoedstoestand. Uit onderzoek onder een groep senioren bleek dat zij zich na intensieve reuktraining zo’n zes jaar jonger voelden.

al wel meer vertellen over het effect van niet-aangeboren anosmie op ons brein. Zoals professor Hummel al aangaf in zijn presentatie, heeft het gebrek aan reukzin effect op de connectiviteit, ook wel de verbindingen, tussen de verschillende hersengebieden in ons brein. ‘’Het werkt net zoals met spieren; als je het niet gebruikt, vermindert de werking van de olfactieve cortex’’, stelt de Zweedse Lundström. Dat veroorzaakt grote veranderingen in de hersenen, zo legt hij uit. In het gehele brein neemt de connectiviteit af. ‘’Door het verlies van een zintuig krijgen hersengebieden in het hele brein minder input’’, gaat hij verder.

Pauzepraat Tussen de presentaties door was er voldoende gelegenheid om de wetenschappers en andere bezoekers te ontmoeten. In de pauzes werden dan ook volop handen geschud, nagepraat en

‘Door het verlies van een zintuig krijgen hersengebieden in het hele brein minder input’ Toch is daar volgens Lundström weinig van te merken in het gedrag van iemand die zijn reukzin verliest. Je merkt eigenlijk alleen dat diegene niet meer kan ruiken, verder niets meent hij. De theorie dat andere zintuigen beter gaan werken wanneer er één uitvalt, blijkt een misvatting: ‘’Je gaat niet per se beter horen, zien, of proeven maar je gaat de informatie wel efficiënter verwerken en gemakkelijker met elkaar linken’’, stelt hij. Voor we congenitale anosmie heeft, ligt het nog net even anders. ‘’De hersencapaciteit in de olfactorische cortex die normaal gesproken voor reukzin gereserveerd is, blijft dan over. Zie het als de harde schijf van een computer, die extra capaciteit kan dan worden gebruikt voor andere functies in het brein.’’

Johan Lundström

Kickstart na crush De Zweedse onderzoeker brengt vervolgens een ander onderwerp ter sprake dat binnen de vereniging ook leeft; anosmie veroorzaakt door een hoofdtrauma. Net als onze voorzitter Kirsten Jaarsma,die haar reuk verloor als gevolg van hoofdletsel, denken veel mensen dat bij een harde klap tegen het hoofd de hersenen in de schedel heftig bewegen en de reukreceptoren langs het zeefbot afscheuren. Als spaghetti door een vergiet. Dat is in veel gevallen echter niet zo, de schade zit vaak hoger, voorin de hersenen: ‘’Door de klap bewegen

dieper op onderwerpen ingegaan. We troffen ook een bekende, Elbrich Postma van het reuk- en smaakcentrum in Ede en als onderzoeker bij Wageningen University. Ze stelt ons voor aan de Zweedse wetenschapper Johan Lundström, hij doet onderzoek aan het gerenomeerde Karolinska Instituut in Zweden. Samen met Elbrich Postma doet hij momenteel onderzoek naar congenitale anosmie. Hierover geeft Postma meer uitleg tijdens de aanstaande Vriendendag op 23 september. Tijdens de conferentie konden ze ons

5


– tussen twee en een half en drie – lijken de kinderen het de moeite waard te vinden om over geur te praten. Ze hebben in Westerse talen echter weinig woorden tot hun beschikking om dat te doen. Na die leeftijd lijkt de focus zich weer naar de dingen die ze zien te verleggen.

de hersenen inderdaad en botst de frontale cortex vaak hard tegen de bulbus olfactorius. De bulbus wordt dan beschadigd door de cortex. Als we op een scan direct na het ongeval zouden zien dat de bulbus beschadigd is, konden we direct een medicijn toedienen dat patiënten ook krijgen na een beroerte. Het versnelt het herstel van beschadigd hersenweefsel. Dat middel moet echter wel binnen enkele uren na het ongeval worden toegediend’’, licht hij toe. Wie (langere tijd) na het hoofdtrauma zijn reukzin wil verbeteren, raadt hij net als Hummel de reuktrainingen aan. ‘’Het kan werken als een soort kickstart, om de aanmaak van nieuwe verbindingen weer op gang te brengen. Wij noemen dat de neuroplasticiteit van de hersenen’’, besluit hij.

Geuren in kleuren Ook volwassenen vinden het niet gemakkelijk om geuren en smaken te beschrijven. Volgens het spreekwoord baart oefening echter kunst; zijn de mensen die beroepsmatig met hun reukzin werken een uitzondering? Onderzoekers Ilja Croijmans en Asifa Majid van de Radboud Universiteit zochten uit of koffie- en wijnexperts beter zijn in het beschrijven van geuren en smaken dan andere mensen. De experts bleken inderdaad meer consistent in het beschrijven van geuren. Volgens Croijmans komt dit waarschijnlijk doordat zij er vaker over praten en dus een bredere vocabulaire tot hun beschikking hebben. Croijmans schonk de wijn in zwarte glazen zodat de proefpersonen zich niet door de kleur konden laten beïnvloeden. Er bestaat dan ook een verband tussen geuren en kleuren. Asifa Majid, Josje de Valk, Ewelina Wnuk en John L.A. Huisman van Radboud Universiteit en het Max Planck Instituut onderzochten het verband tussen de manier waarop geur in taal beschreven wordt in de keuze voor kleur. Wederom werden Nederlands, Thai en Maniq met elkaar vergeleken omdat deze talen geur heel verschillend benoemen. Hieruit bleek dat de keuze voor kleuren inderdaad samenhangt met de manier waarop de geur beschreven werd. Synestheten, mensen die extreem sterke verbanden leggen tussen o.a. geuren en kleuren, bleken hierdoor zelfs beter in benoemen en onderscheiden van verschillende geuren dan de controlegroep. Deze bevindingen suggereren dat met behulp van synesthetische waarnemingen geuren beter te omschrijven zijn.

Er is eigenlijk maar één Nederlands woord voorbehouden aan geur: muf Geen woorden voor geur De conferentie werd georganiseerd door het ‘Centre for Language Studies’ van de Radboud Universiteit. De verbinding tussen taal en reukzin was dan ook een veelvoorkomend onderwerp in de presentaties. In onze Westerse maatschappij hebben we geen brede woordenschat voor het beschrijven van geuren. We doen met name aan aan bronbeschrijvingen; iets ruikt bijvoorbeeld houtachtig of naar vers gemaaid gras. Er is eigenlijk maar één Nederlands woord voorbehouden aan geur: muf. Een andere manier om ons over geuren uit te drukken, is door er een waardeoordeel aan te hangen. Iets stinkt, of ruikt juist lekker. In andere talen zoals het Jahai, Maniq en Thai – gesproken door inheemse stammen in Thailand en Maleisië – zijn er veel meer woorden speciaal voor geuren. In veel gevallen komt dit doordat reukzin ook op cultureel gebied een belangrijkere rol speelt in hun cultuur.

Het waren twee leerzame dagen vol nieuwe ontwikkelingen en inzichten rondom geuren en het menselijk reukzintuig. Bovendien zijn er veel interessante contacten gelegd die de vereniging op de hoogte zullen houden van hun bezigheden in het werkveld. Een waardevol bezoek aan de conferentie dus! •

Woordenschat voor het beschrijven van geuren bron: Odor-color associations differ with verbal descriptors for odors: A comparison of three linguistically diverse groups (Josje M. de Valk, et al)

Doordat de Westerse samenleving veel visueler is ingesteld, wordt deze focus op kijken ook overgedragen op onze kinderen. Ouders zeggen vaker ‘kijk eens, een bloem’ dan ‘ruik eens, een bloem’. Lila San Roque van het Max Planck Instituut onderzocht hoe kinderen die de Engelse taal leren, geuren benoemen. Volgens San Roque lijkt het erop dat kinderen zich wanneer ze ongeveer twee en een half jaar oud zijn, bewust worden van geuren om zich heen. Dat zou dan later zijn dan het bewustzijn van andere zintuigen. Rond die leeftijd

Deelnemers aan de conferentie (foto Ilona Plug)

6


Ervaringsdeskundigen uit ‘Achter glas’ – interview met laboratoriumarts dr. Ellen Kramer

‘ Smaakverlies kan een belangrijke bijwerking van kankerbehandeling zijn’ tekst Carolien Hovenier – fotografie Dorien Scheltens

Veel kankerpatiënten proeven minder goed. Vooral radio- en chemotherapie kunnen de smaak fors aantasten. Gerechten kunnen ook anders smaken. Ook de voorkeur kan veranderen. Als je altijd hartig lekker vindt, kan dat nu bijvoorbeed zoet zijn. Of andersom. Er is nog weinig onderzoek gedaan naar dit fenomeen. Reden voor laboratoriumarts dr. Ellen Kramer (Isala Ziekenhuis) en hematoloog Otto Visser (VU Mc) om uit te zoeken hoe dit zit. Ze hebben er zelfs een aparte stichting voor opgericht: Beleef je Smaak.

7

Het is allemaal begonnen met een vriendin van Kramer. Zij had leukemie en trakteerde zichzelf op een lekker etentje bij De Librije, het restaurant van Jonnie Boer. De avond verliep anders dan dat ze zich had voorgesteld. Het eten smaakte haar niet. Dat intrigeerde Kramer. Zouden andere patiënten dat ook zo beleven?


Kramer sprak erover met Boer. De chef vertelde haar dat hij dit vaker hoorde van mensen in zijn restaurant. Een aantal gesprekken met haar eigen patiënten – Kramer is onder meer verantwoordelijk voor de afname van stamcellen bij mensen met leukemie – bevestigde dit beeld. Is het niet wat vreemd om dat zo laat te ontdekken? Kramer legt uit: ‘De behandeling van kanker is de laatste jaren sterk verbeterd en mensen leven langer. Als je met kankerpatiënten spreekt, gaat het altijd over beter worden en de behandeling die dit mogelijk maakt. Nu mensen langer leven, hoor je ook over bijwerkingen, zoals verlies van smaak.’ Smaakworkshops Een aantal gesprekken met patiënten geeft een indicatie van smaakverlies, maar het zegt niets over de omvang ervan. Om daarachter te komen, organiseerden de artsen van Beleef je Smaak en Jonnie Boer smaakworkshops in De Librije. Patiënten namen hun huisgenoten mee. Ze ontdekten dat ze de smaken anders beleefden. ‘Zo toonden we aan dat smaakverlies of smaakverandering veel voorkomt bij kankerpatiënten.’ De eerste smaakworkshops vormden de start van het wetenschappelijke onderzoek van Kramer en Visser, waarbij ze de smaak en smaakbeleving in kaart brengen voor, tijdens en na een intensieve behandeling. Ze doen dat aan de hand van smaaktests rondom de vijf basissmaken zoet, zuur, bitter, zout en unami (hartig). Ook zijn er geurtests aan toegevoegd en proeven met speeksel. Mondproblemen Er moeten nog veel mensen worden getest, maar het lijkt

erop dat de smaakbeleving van patiënten sterk kan veranderen. Wat tijdens de eerste test wel lekker was, smaakte niet goed tijdens de tweede test. Dit kan verschillende oorzaken hebben. ‘Sommige mensen krijgen een metaalachtige smaak in de mond door de chemotherapie. Later kunnen infecties in de mond ontstaan. Veel mensen krijgen een droge mond. Hierdoor mengt het voedsel niet goed met het speeksel en kunnen de smaakstoffen niet goed bij de smaakpapillen komen. Dat beïnvloedt

‘Deze smaakworkshops zijn een ontdekkingstocht naar wat je wel en niet lekker vindt. Verschillende smaakcombinaties worden getest. Wat levert dat op voor je smaakbeleving? Sommige patiënten, die dachten dat ze hun smaak definitief waren verloren, reageren goed op bepaalde ingrediënten.’ Grappig dat Kramer dat zegt. Ik dacht zelf ook lange tijd dat ik niets meer kon proeven dan alleen de basissmaken, totdat ik een recept vond van couscous met allerlei kruiden. De munt sprong eruit. Kwam mijn smaak terug? Of was het er altijd al en moest ik ontdekken wat ervan over was?

ook je smaakbeleving. Daarnaast kunnen kankerpatiënten een andere smaakvoorkeur krijgen. Dan smaakt zoet bijvoorbeeld naar hartig of andersom.’

De smaakworkshops geven de deelnemers een goede basis om lekkere gerechten te maken, voor zichzelf en hun gezin. Op beleefjesmaak.nl is een aantal mooie recepten te vinden waarin een grote rol is weggelegd voor de basissmaken. De komende tijd wordt deze site nog aangepast en er is een voorlichtingsfolder beschikbaar.

Ontdek je smaak Wat kankerpatiënten nog proeven en of het smaakverlies tijdelijk of blijvend is, hangt onder meer af van de behandeling. Kramer en Visser hebben een vermoeden welke kuren deze effecten veroorzaken, maar moeten het nog wetenschappelijk aantonen. Hiervoor werken ze samen met wetenschappers van de afdeling Sensoriek en Eetgedrag van Wageningen University. De workshops in De Librije leveren waardevolle input.

Smaakloze kauwgom Omdat patiënten ook vaak na hun behandeling last blijven houden van een droge mond, voeren Kramer en Visser samen met met de afdeling biochemie van het Academisch centrum Tandheelkunde Amsterdam apart onderzoek uit naar de rol van de verstoorde speekselproductie. Ze bestuderen of de smaak (gedeeltelijk) terugkomt als de speekselproductie op gang komt. Bijvoorbeeld door smaakloze kauwgom aan te bieden. Ook onderzoeken ze de samenstel-

8

ling van het speeksel. ‘Ook dat kan de smaakbeleving beïnvloeden. Als speeksel anders van samenstelling is, zal het eten waarschijnlijk zouter smaken.’ De artsen zijn hier nog volop mee bezig, dus het is te vroeg om hier uitspraken over te doen. Kramer en Visser hopen dat de puzzel over een paar jaar compleet is. ‘Kankerpatiënten vertellen ons smaakverlies een erge bijwerking van hun behandeling te vinden. Met de resultaten van ons onderzoek hopen we de kwaliteit van leven en de voedingstoestand te verbeteren. Genieten van maaltijden en dranken is zo belangrijk, ook uit oogpunt van gezondheid. Goed eten draagt immers bij aan herstel.’ •

reuksmaakstoornis.nl Nieuwsbericht juli 2017  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you