Page 1

INTRODUCTIE

n e jv i r h c s & n e z e L met

k n a r F e n An Een korte instructie

Lezen en Schrijven met Anne Frank is een project dat bestaat uit een kleine tentoonstelling met online, audiovisueel en schriftelijk lesmateriaal. Het is bedoeld voor leerlingen van de bovenbouw van het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs en dan met name leerlingen van het VMBO. De tentoonstelling geeft historische informatie over Anne Frank, de Holocaust en de Tweede Wereldoorlog. Anne Frank is niet alleen slachtoffer maar ook schrijfster. Zij deelde haar idealen en toekomstdromen en inspireert mensen wereldwijd om na te denken over hun eigen talenten. Bij de tentoonstelling horen twee korte films. De eerste film geeft informatie over het leven van Anne Frank. In de tweede film laten jongeren van nu zien wat zij gemeen hebben met Anne Frank. Bij de films zijn werkbladen met opdrachten gemaakt. Ook worden de films gebruikt in de digitale les. Deze digitale les kan op school gemaakt worden na een bezoek aan de tentoonstelling. Op twee niveaus zijn werkboeken ontwikkeld. Werkboek 1 is voor het primair onderwijs en werkboek 2 voor het voortgezet onderwijs.

Deze instructie is voor docenten en bibliotheekmedewerkers die met de tentoonstelling Lezen en Schrijven met Anne Frank gaan werken. In deze instructie maak je kennis met de inhoud van de tentoonstelling, de leermiddelen en het didactisch concept van dit project. Ook worden ter inspiratie suggesties voor aanvullende lesopdrachten gegeven. Door de opdrachten voor leerlingen zelf te maken, word je goed voorbereid op het project.

Alle materialen zijn gratis te downloaden op de website van de Anne Frank Stichting.

www.annefrank.org

1


EEN BEZOEK AAN DE TENTOONSTELLING De tentoonstelling Lezen en Schrijven is geschikt om op school of in de bibliotheek te plaatsen. Leerlingen kunnen in klassenverband een bezoek brengen aan de tentoonstelling. Een bezoek bestaat uit drie onderdelen. Ieder deel duurt ongeveer een half uur. Na het bezoek kan op school gewerkt worden met de digitale les. 1 2 3 4

Kennisoverdracht Werken met de tentoonstelling Iedereen heeft talent Terug op school

Opdracht 1 Bedenk drie vragen die je aan leerlingen kunt stellen om de voorkennis over Anne Frank en de Tweede Wereldoorlog te activeren. Opdracht 2 Bekijk met de leerlingen de historische film. Deze duurt ongeveer vier minuten. Opdracht 3 Vul onderstaand schema met de leerlingen in. Door de gebeurtenissen uit het leven van de familie Frank te koppelen aan gebeurtenissen in de geschiedenis, verbind je de grote met de kleine geschiedenis.

Jaar

Dit gebeurt er in de wereldgeschiedenis

1929

Economische crisis in de Anne wordt geboren wereld

1933

Hitler komt aan de macht in Duitsland

De familie Frank verhuist naar Nederland

1940

Nederland wordt door het Duitse leger bezet

De vrijheid van Anne en haar familie wordt beperkt, omdat ze joods zijn

1942

Joden worden opgepakt en in treinen naar concentratiekampen gebracht

De familie Frank duikt onder in het Achterhuis. Hier schrijft Anne haar dagboek

1945

Op 5 mei wordt Nederland bevrijd

Anne sterft in het concentratiekamp Bergen-Belsen

1947

Nederland is aan haar opbouw begonnen

Otto Frank geeft het dagboek van Anne uit

DEEL 1 KENNISOVERDRACHT {De meeste leerlingen hebben wel eens van Anne Frank gehoord. Een leerling kan thuis, van de tv, via films of op school al wat geleerd hebben over de Tweede Wereldoorlog. Om snel de achtergrondkennis van leerlingen te activeren, kunnen leerlingen een woordweb maken. De docent kan ook een voorwerp meebrengen dat te maken heeft met deze geschiedenis.

Dit gebeurt er in het leven van de familie Frank

2


TIP Voer een klassengesprek met leerlingen. Jongeren hechten erg aan vriendschappen en sociale contacten. Hoe ver zou je gaan om je vrienden te helpen?

DEEL 2 WERKEN MET DE TENTOONSTELLING Dit boekje is van:

ERKD IT W VA N IS BOEK

Lezenme&t schrijven

Wat weet je al over de HELPERS in het Achterhuis? Namen zij een groot risico? Het is erg bijzonder dat vijf mensen de onderduikers in het Achterhuis twee jaar lang geholpen hebben. Zij brachten daarmee hun eigen leven in gevaar. De Jodenvervolging gebeurde niet van de ene op de andere dag, maar was een stapsgewijs proces. 1 Het begon met vooroordelen en stereotypen over joden. Deze vooroordelen worden door de propaganda van de nazi’s door steeds meer mensen geloofd. 2 Joden worden voorgesteld als de vijand. Ze krijgen de schuld van alles wat slecht gaat in Duitsland, Hitler gebruikt joden als zondebok. Zij verliezen hun burgerrechten. Joden worden stapsgewijs uitgesloten. 3 Joden worden gearresteerd en naar kampen gedeporteerd. 4 Joden worden vermoord. Bedenk bij iedere fase wat je zou kunnen doen om iemand te helpen. Wanneer is het voor jezelf gevaarlijk en wanneer niet? In welke fase heeft hulp bieden de meeste zin?

Anne Frank Werkboek 1

Lezenme&t schrijven

Anne Frank Geef jezelf een stem door

te schrijven!

Werkboek 2

Werkboek 1 is bedoeld voor leerlingen uit het primair onderwijs. Werkboek 2 is bedoeld voor leerlingen uit het voortgezet onderwijs. Bekijk met de leerlingen de tentoonstelling. Leerlingen uit het primair onderwijs maken in het werkboek de opdrachten op bladzijde 1 t/m 6. Daarna wordt de groep opgedeeld in drie kleinere groepen. Iedere groep begint op een andere bladzijde van het werkboek (7,9 of 11) en draait na tien minuten door. Daarna werken de leerlingen aan de vragen die op hen zélf betrekking hebben en maken een (verrassings)gedicht. Leerlingen uit het voortgezet onderwijs maken de opdrachten op pagina 1 t/m 7 in het werkboek tijdens het bezoek aan de tentoonstelling. De overige opdrachten kunnen gezamenlijk gemaakt worden, of later in de klas. Dit zijn twee schrijfopdrachten, namelijk het schrijven van een Twaiku en een biografisch gedicht. Door het schrijven van een biografisch gedicht, denken tentoonstelling Anne de leerlingen na over hun eigen woorden omlijst uitgelicht identiteit.} ik ben verwonderd アンネの隠れ家に 展示された日記とその説明に 大きく感嘆する

3


DEEL 3 IEDEREEN HEEFT TALENT

DEEL 4 TERUG OP SCHOOL

Wat betekent ‘talent’? Dit is voor iedereen anders.

Na een bezoek aan de tentoonstelling kan in de klas de digitale les gemaakt worden. De les bevat een aantal schrijfopdrachten die leerlingen zelfstandig uit kunnen voeren. In de digitale les komen zowel de historische film over Anne Frank als het actuele filmpje over jongeren vandaag terug. Daarnaast is er een twitter opdracht en één over het gebruiken van je talent bij sollicitaties.

Opdracht 1 Vraag de leerlingen zoveel mogelijk woorden op te noemen die met talent te maken hebben en schrijf deze op een flip over. Bespreek met de leerlingen welke talenten aangeboren zijn en welke je kunt ontwikkelen of aanleren. Opdracht 2 Bekijk de tweede film. Welke talenten zag je voorbij komen? Bespreek dit met de leerlingen. Opdracht 3 Het talentenspel Deel de talentenkaarten uit. Iedere leerling krijgt vier talentenkaartjes: twee bedrukte en twee lege. Vraag de leerlingen of de talenten op de kaartjes bij ze passen. De opdracht is dan: geef het talent door dat niet bij je past en/of je niet wilt gebruiken. Zorg dat je tenminste één kaartje overhoudt. Op de lege kaartjes schrijf je een talent op dat je hebt en één talent dat je zou willen hebben voor de toekomst, bijvoorbeeld voor je werk. Bespreek vervolgens de volgende vier vragen:

Waar ben je goed in? Wat vind je leuk om te doen? Waar wil je goed in worden? Welk talent moet je hiervoor nog ontwikkelen?

?

TOT SLOT Het project Lezen & schrijven met Anne Frank biedt leerlingen een positieve leerervaring. Via de kernwoorden identiteit, talent en toekomst komen ze via Anne Frank bij zichzelf terecht. Leerlingen maken kennis met de geschiedenis van Anne Frank. Ondanks de omstandigheden wist Anne haar talent voor schrijven te ontwikkelen en te benutten. Leerlingen worden in de opdrachten bevestigd in hun kunnen en hun talenten. Zij worden daarbij geïnspireerd door het schrijven van Anne Frank. 4

Docenteninstructie Lezen & Schrijven met Anne Frank