__MAIN_TEXT__

Page 1

rinus


Rinus met trompet, 1963


r i nu s samenstelling en redactie diederiekje bok 路 martien frijns

AFdH Uitgevers


verantwoording Er is naar gestreefd om zo volledig mogelijk te zijn in de toelichtingen bij de afbeeldingen van het werk van Rinus van den Bosch in dit boek. De door ons geselecteerde kladblokschetsen uit het archief van de kunstenaar zijn gemaakt tussen 1960 en 1992. Ze werden door hem nooit voorzien van titels en jaar van ontstaan. De uitgever heeft getracht de auteursrechten van de illustraties en teksten volgens de wettelijke bepalingen te regelen. Zij die menen nog zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich tot de uitgever wenden.

isbn 978 90 72603 11 1 © Rinus van den Bosch, Den Haag en AFdH Uitgevers, Enschede/Doetinchem Omslagfoto’s Lex van Pieterson (voorzijde) en Frans Nieuwenburg/het Parool (achterzijde)

Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


inhoud

7 a.l. snijders erster verlust 9 wytze patijn fonteinen van vrijheid 11 willem otterspeer zonder huis en haard 14 dick matena rechtsonder effect 25 rinus van den bosch gedichten 31 peter struycken rinus van den bosch 61 wim beeren ten hemel rijzend 73 a.l. snijders hemel 75 rutger h. cornets de groot kleine gebaren 79 hein van haaren voorstel 83 jan pieter guÊpin herkennen – niet-herkennen 87 nina van den bosch zien en inzien 88 a.l. snijders paarden zoeken 97 frans elsen een chinees karakter 99 tommy wieringa de tien lagen van troje 101 gijs mßller tekening 102 hans wolf een rijzige blonde jongen 103 wladimir roemjantsew an die musik 105 kees van kooten monodroom paars 107 diederiekje bok dank 109 over de auteurs 111 colofon 112 sjarel ex een haagse ziel


sjarel ex een haagse ziel Hij schildert, tekent, schrijft, dicht, componeert, musiceert, zingt en biljart. Een kunstenaar die zijn ogen de kost geeft. Een persoonlijkheid die mensen voor zich inneemt. Het leven viert. Conflict niet mijdt. Die het leven wonderlijk noemt, en elk moment volmaakt. Een vader uit duizenden. Die liefheeft, gek is op billen en op Heinz heldere kippensoep. Een Hagenees met een topos van Lange Poten tot Lange Voorhout, die perspectief studeert op het Malieveld. Een man die met een paar pennenstreken de aan touwtjes zwiepende bovenlichten neerzet van een herfstige Haagse straat. Een virtuoos. ‘Een Haagse ziel zoals er zelden een heeft rondgelopen’, aldus Hein van Haaren. Een melancholicus, zoals hij zelf zegt. Een man die in het vpro-programma Nederland C sjort aan een levensgroot schilderij, en dan Cees van Ede repliceert, ‘je moet niet vragen of ik kleiner kan schilderen, je moet vragen of ik groter kan schilderen’. Een man die zegt over zijn monochrome doeken, verticaal en horizontaal geschilderd: ‘Het is oprecht... of ik ben stapelgek.’ Een man die je bij toeval aantreft in Cafe Sport om er daarna je leven lang mee bevriend te zijn. Een man wiens naam met respect wordt uitgesproken. Een puzzel van aan elkaar gelegde herinneringen, meeslepend, boeiend. Rinus van den Bosch is niet dood. En wat zou hij nou vinden van zo’n laatste zin?

Rond vierkant, gouache met lichtgevende oranje verf, 120 x 85 cm, 1987

7


a.l. snijders erster verlust Op een zondag 11 januari belt Rinus me, precies om één uur. Ik kan niet ontkomen, want ik neem zelf op. Hij zegt: ‘Je kunt niet weg, je kunt niet doen alsof je niet thuis bent, ik heb het gehoord, je zei je naam, je bent het’. Hij heeft gelijk, ik ben het. Ik kan niet naar het nieuws luisteren, ik ben veroordeeld tot zijn verwijten, Ik zou hem in de kerstvakantie komen bezoeken om zijn boek Eidènai te bekijken, maar ik heb het niet gedaan. Ik ben thuis gebleven. Toen we de afspraak maakten, was de vakantie nog ver weg, en alles gemakkelijk te beloven. Maar toen het ineens zover was, ben ik in mijn schulp gebleven. Hij houdt het niet kort, hij meet mijn zwak- en huiselijkheid breed uit. Steeds als hij zwijgt om adem te halen, denk ik: dit was het. Steeds breidt hij er weer een nieuwe beschuldiging aan. Was ik maar katholiek, dan zou ik in namaak-Gregoriaans mea culpa, mea maxima culpa voor hem zingen. Ook hierin echter maait hij me het gras voor de voeten weg, want als hij eindelijk klaar is, vraagt hij: ‘Zal ik Schubert voor je zingen?’ Ik zeg: ‘Graag’. ‘Even de telefoon op de vleugel zetten.’ Ik hoor harde, scherpe geluiden in mijn oor, dan stilte, dan Schubert. Rinus, principieel autodidact, zingt op zondag 11 januari om 13.10 uur, met onvaste stem een lied van Schubert, tekst Goethe: Erster Verlust. In de telefoon, terwijl ook de vleugel danig ontstemd is. Tijdens de ontroerende voordracht van de eerste strofe Ach, wer bringt die schönen Tage, Jene Tag der ersten Liebe, Ach, wer bringt nur eine Stunde Jener holden Zeit zurück! hoor ik verontrustend stommelen en geroep op de achtergrond. Hij houdt op met zingen en zegt peinzend: ‘Wacht even, ik geloof dat er iemand is.’ Ik hoor schreeuwen en duwen, ver weg ten eerste in Den Haag, ten tweede in de gang. Mijn oor ligt roerloos op de vleugel. Daar is hij weer. ‘Het was de buurvrouw die kwam klagen over luchtvervuiling.’ ‘Wat doe je dan?’ ‘Ik laat de auto stationair lopen, want mijn accu is zo slecht met die kou. Kan ik er wat aan doen dat het een oude auto is? Ik word bestolen door deze regering, nu hebben ze de bkr weer afgeschaft. Ik kan alleen maar zeer oude auto’s betalen. Moet ik doorgaan?’ Hij gaat door.

9


Einsam nähr’ ich meine Wunde, Und mit stets erneuter Klage Traur’ ich um’s verlorne Glück. Ach, wer bringt die schönen Tage, Jene holde Zeit zurück! Mijn vriendschap met Rinus is net zo oud als zijn auto, ongeveer 30 jaar. Dit is niet de plaats om uit te leggen hoe dat precies zit. Wel zou ik u ervan willen overtuigen dat het een heel bijzondere, exclusieve ervaring is om al 30 jaar het gevoel te hebben dat je bevriend bent met 10

de beste schilder van het land. Rinus en ik zaten in 1957 op dezelfde Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. En vanaf de eerste dag had ik dit idee, dat later nooit veranderd is. Nu heeft hij een boek gemaakt, Eidènai, ‘kennen door zien’. Toen hij er mee bezig was, ging ik wel eens helpen met punten en komma’s van de ‘lange titels’. Hij maakte een plaatsje voor me tussen de grote stapels papier, hij legde een plank op mijn schoot met weer ander papier en dan moest ik een taalkundig probleem oplossen. Als ik dat gedaan had, negeerde hij mijn suggestie en schreef de uiteindelijke versie zoals hij, en hij alleen die in zijn hoofd had. De gordijnen waren altijd dicht en nu en dan ging hij een lied van Schubert voor mij zingen. Meestal nam hij eerst een trekje bewustzijnsverruiming. Dan klonk het mooier, zei hij, en hij had gelijk, het klonk heel mooi en ruim, Schubert in Den Haag. Aan het einde van de middag bracht hij me naar het station in zijn levensgevaarlijke auto. Hij bleef altijd op het perron staan tot de trein wegreed en wuifde nog lang. Het nrc-Handelsblad dat hij voor me kocht ‘om onderweg wat te lezen’, bleef altijd ongeopend want ik had de reisuren nodig om alles in mijn hoofd te laten bezinken.

Profile for AFdH Uitgevers

Rinus  

Een vriendenboek over Rinus van den Bosch met o.a. Kees van Kooten, A.L. Snijders, Tommy Wieringa.

Rinus  

Een vriendenboek over Rinus van den Bosch met o.a. Kees van Kooten, A.L. Snijders, Tommy Wieringa.

Profile for afdh