Page 1

De Nieuwe Tijd maandblad ACV-Openbare Diensten

Verantwoordelijke uitgever: L. Hamelinck, Helihavenlaan 21, 1000 Brussel

februari 2009

ACV Aviation van start

Signalisatie in Mechelen opnieuw in openbare handen


■ KORTWEG

ACV Openbare Diensten

Inhoud

Algemeen

■ FOCUS

3

Nieuwe nationaal secretaris voor lokale en regionale besturen

■ VLAAMSE OVERHEID

8

■ LOKALE & REGIONALE

BESTUREN

Het Nationaal Comité van ACV-Openbare Diensten heeft Vinciane Mortier aangesteld als Nationaal Secretaris voor de Lokale en Regionale Besturen. Vinciane is sinds 1988 actief binnen het ACV en heeft onder meer gewerkt als gewestelijk propagandist en verantwoordelijke voor de vrouwenwerking in het verbond Kortrijk. De afgelopen 10 jaar was ze er adjunct secretaris voor het bewegingswerk. We wensen Vinciane van harte veel succes!

10

■ FEDERALE OVERHEID

12

■ BIJZONDERE KORPSEN

14

■ VERVOER

20

■ PENSIOENEN

23

ACV-Openbare Diensten beloont haar militanten

Colofon

Een vakbond werkt voor haar leden, maar kan ook alleen werken als ze leden heeft. We hebben leden nodig om te kunnen functioneren, zij zorgen ervoor dat we kunnen spreken in naam van een grote en diverse groep mensen, wat onze kracht groter maakt. Dankzij onze dienstverlening, en de dienstverlening van onze militanten op de werkvloer, kunnen we dagelijks mensen overtuigen om zich aan te sluiten bij onze organisatie. We willen hiervoor onze militanten eens in de bloemetjes zetten. Tijdens de komende maanden zullen militanten die leden aanbrengen kans maken op mooie geschenken (Bongo-waardebon, aankoopbon Fnac of Wereldwinkel, …). Daarnaast zal ook de kern met de meeste nieuw aangebrachte leden een mooie beloning krijgen, voor de helen groep.

Redactie:

uldeiser: .............. ..............

aanvaard onder het

www.acv-openbarediensten.be

mmer van de sch

iciliëring werd vermelde dom De hierboven

erentienumme

aan de bank (ref

Voorbehouden

Straat

Naam

Contacteer ons

Identificatienu

r ACV-Openbare

nummer:

Diensten)

Handtekening

......... ............................

f hierbij toelati de bank en gee

............................

enbijdrage via

............................ Datum ..............

Nationaliteit

Naam werver Ik betaal mijn led

M V Werkgever

Geslacht

Voltijds/Deeltijds

mmer Aansluiting van af Graad/functie

Bus

Rijk sregisternu

Postnummer

Nr Gemeente

Geboor tedatu

m

-

Corelio Printing www.corelio.be

-

ij in als lid van

Druk:

Voornaam

ACV openbare die

Peeters & Peeters “Compleet Grafisch” www.peetersenpeeters.be

............................ ............................ Gelieve dit form ............................ ulier terug te bez .. orgen aan een Wordt u niet alle secretariaat van en lid, maar ben ACV-Openbare t u ook bereid op met een van Diensten u mee in te zet onze secretariat ten om onze syndica en. Dank vooraf le werking uit voor uw medew te bouwen,ne erking! em dan ger

............................

ust contact

......................

ng: via mijn rekeni ng om mijn ma

-

nsten

e-mail:

-

Vormgeving:

............................

andelijkse bijd

Amélie Janssens

............................

rage te innen

Eindredactie:

Ja, ik schrijf m

Identificatienu mmer van de sch uldeiser: .............. ............................ ............................ Gelieve dit form ............................ ulier terug te bez ................ orgen aan een Wordt u niet alle secretariaat van en lid, maar ben ACV-Openbare t u ook bereid op met een van Diensten u mee in te zetten onze secretariat om onze syndica en. Dank vooraf le werking uit voor uw medew te bouwen erking!

,neem dan ger

ust contact

Luc Hamelinck, Ann-Michèle Wieleman, Chris Herreman, Marc Saenen, Joris Lermytte, Fréderic De Gélissen, Amélie Janssens,

ACV-Openbar e Diensten Hoe leden wer

ven? Gids voor

de militanten

Waarom? Leden vormen de basis van onz sterker we sta e vakbondswerk an. Want hoe ing. Hoe groter meer mensen macht van het ons ledenaant we vertegenw getal kunnen al, hoe oordigen, hoe laten spreken. we nu tot een meer we de Samen met jull gezamenlijke ie, onze militan aan pak te komen jullie hierbij de ten, proberen om aan ledenw nodige onders erving te doen. teuning bieden aanpakken. Op We willen . In deze folder onze website, vind je hoe we en in de versch praktische tips dit willen illende secretaria terug over hoe je leden kan we ten vinden jull ie enkele rven. Hoe? 1. Onze leden waarderen, res pecteren en beh ACV-Openbar oud e Diensten is voo en ral een vakbon ons omdat ze d van kwaliteit. weten dat ze bij ons terech De mensen kie matie, voor per t kunnen voor zen voor soonlijke hulp correcte en rele en begeleidin team van specia vante inforg bij probleme listen die alles n op het werk, in het werk ste tuut van onze en voo llen r een leden. Hiermee om te ijveren voo mogen we we centrale zullen r de job en het l wat vaker naa stadan ook regelm r buiten komen. atig affiches, bro den, waarin onz Vanuit de chures en pam e werking uit de doeken wo fletten voorzie belicht. Hierdo rdt gedaan, en n woror blijven we ook onze realisaties ‘aanwezig’ op ningen en rea worden de werkvloer, lisaties niet zom en worden onz aar vergeten. e inspan2. Mensen wa rm maken voo r een lidmaatschap We willen daa bij ACV-Openbar rnaast ook me nsen warm ma e Diensten beurt best via ken om zich bij een persoonlij ons aan te slu k gesprek met den kan je eer iten. Dit gede werknemer. st een onthaa Bij nieuwe per lbrief bezorgen, uitlegt. Zo heb soneelsle waarin je ook je meteen een de syndicale we aanknooppunt 3. Nieuwe led rking kort voor een gespre en goed onthal k. en Bij aansluiting krijgen de nieuw e leden een ont afgegeven wo haalpakket. Dit rden pakket kan per brief, een lidkaar aan het nieuwe lid. Het om soo vat onder me t, een brochure er een verwelko nlijk van de sector, trale met de con mingseen tactgegevens, een klein gadget algemene voorstelling van de cen.

w w w.acv-ope

nbaredienste

n.be

openbarediensten@acv-csc.be 2

februari 2009 De Nieuwe Tijd


edito

ACV Openbare Diensten

Welke plaats krijgt de overheid? ■ De

economische crisis laat zich overal hoe langer hoe meer voelen . D e overheid werd de afgelopen jaren verguisd en verketterd. Vandaag kijkt iedereen naar de overheid als redder in moeilijke tijden . Wordt het meer dan de rol van tijdelijke depanneur?

D oor : Luc Hamelinck

Zorgen te over Het gaat economisch alles behalve goed. Niet in ons land, en niet in het buitenland. Ook in Vlaanderen hebben ondertussen duizenden mensen hun werk verloren. De grafiek hieronder en het kaartje illustreren die harde realiteit. Af te gaan op het nieuws uit grote bedrijven (zoals Opel, GM, Arcelor, Daf Trucks, …) zal die tendens nog doorgaan. Volgens de nationale bank zouden haast 60.000 mensen in ons land hun werk verliezen. Dat zijn evenveel gezinnen in de problemen. Daarbovenop krijgen vele duizenden arbeiders te maken met technische werkloosheid. Evolutie tussen januari 2008 en januari 2009 van het aantal niet werkende werkzoekenden in Vlaanderen naar gelang de werkloosheidsduur 60.000 50.000

januari 2008

januari 2009

40.000 30.000 20.000 10.000 0 < 3 maand

3 - 6 maand

6 maand - 1 jaar

1 - 2 jaar

Bron: cijfers VDAB Evolutie in % tussen januari 2008 en januari 2009 van het aantal niet werkende werkzoekenden naar gelang de regio

In de jaren 1980 zijn dan zware saneringsplannen uitgewerkt om de overheidsfinanciën en de economie opnieuw op goede sporen te zetten. Dit ging gepaard met een ongelooflijke omslag in de mentaliteit: de VS (President Reagan) en Groot-Brittannië (Premier Tatcher) speelden toen de rol van gangmaker in een beleid van privatisering, van terugdringen van de overheid, van meer vrije markt en concurrentie. De internationale financiële instellingen (zoals het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank) hebben die politiek toen ondersteund. Met desastreuze sociale gevolgen van dien in tal van landen. Economen vonden in het algemeen dat de overheid moest worden ontvet, de concurrentie meer vrijheid moest krijgen. Wie het nog aandurfde te pleiten voor de vrijwaring van de rol van de overheid (zoals de overheidsvakbonden) werd meewarig met de nek aangekeken en haast als wereldvreemd beschouwd. Eigenbelang en de ik-mentaliteit wonnen op die manier steeds meer aan belang. Vandaag is iedereen het erover eens: de financiële crisis kon maar zo’n omvang krijgen doordat liberalisering en concurrentie te veel vrijheid kregen. Gebrek aan toezicht en hebzucht liggen mee aan de basis van de problemen van vandaag. Het is zonneklaar dat de crisis niet zomaar vanzelf zal verdwijnen, maar een actief optreden vergt. Ondertussen zijn regeringen bijgesprongen om banken van het faillissement te redden, om bedrijven en sectoren te ondersteunen, om jobs en koopkracht van werknemers op peil te houden. Men lijkt het belang van de overheid opnieuw te ontdekken.

Op zoek naar een goede aanpak Bron: VDAB

Allerlei voorstellen om het economisch herstel te bewerkstelligen volgen elkaar op. In de Verenigde Staten is beslist 1.500 miljard dollar vrij te maken om de banken te saneren; dat is haast 3 keer zoveel als de ganse economie van ons land. En toch is er nog geen uitzicht op een reële oplossing van de problemen.

Merkwaardige omslag Het is opmerkelijk op welke manier de verwachtingen tegenover de overheid zijn omgeslagen. In de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw, werd de overheid gezien als gangmaker voor economische en sociale vooruitgang. Als in de jaren 1970 een economische crisis toesloeg, zijn grote budgettaire middelen vrij gemaakt om die crisis te bestrijden. De staatschulden zijn toen zo opgelopen, dat we ze tot op vandaag nog afbetalen. Naar mate de strijd tegen de crisis maar geen resultaten opleverde, werd de overheid gezien als een probleem. Het gros van de economen vond dat de overheid had gefaald: door de overheidsinterventies had men de economische problemen niet opgelost, maar de crisis zogezegd erger gemaakt. De Nieuwe Tijd februari 2009

Wie een beetje nadenkt begrijpt dat er een nieuw globaal evenwicht moet komen. Zoals het communisme uit Oost-Europa, met z’n verstikkend collectivisme geen goede optie was, zo is ook het blind geloof in de absolute vrije markt een waanidee. De geschiedenis leert hoezeer de vrije markt moet gecorrigeerd, sociale ingrepen doorgevoerd en collectieve voorzieningen uitgebouwd worden om een optimale welvaart en meer welzijn te realiseren. Waar het nieuwe evenwicht best ligt is vandaag lang niet duidelijk. Wellicht staan er de komende jaren een reeks fundamentele wijzigingen aan te komen. Vandaag kunnen we ze nog niet inschatten. Maar gaandeweg moet de evolutie wel worden aangestuurd. Dat wordt geen gemakkelijke zaak. Sommige landen zoals Ijsland bijvoorbeeld, zijn vandaag virtueel failliet. Ook voor ons land begint men te vrezen dat de nodige inspanningen de internationale kredietwaardigheid van ons land onder druk kunnen zetten. Als dat zou gebeuren zou dat voor ieder van ons erg vervelende gevolgen hebben. De komende maanden en misschien zelfs jaren, worden dus wellicht een tijd van veel onzekerheid. Dat zal moeten worden aangepakt, met de lessen uit het verleden in het achterhoofd. Maar vooral met een goede visie op de toekomst voor ogen. Luc Hamelinck Voorzitter 3


â&#x2013; FOCUS

ACV Openbare Diensten

De Vlaamse Jobkorting: minstens 250 euro meer loon in februari D oor : Joris Lermytte

Wat is een jobkorting? Sinds het inkomstenjaar 2007 geeft de Vlaamse Regering een korting op de personenbelasting aan actieven die op 1 januari in het Vlaamse Gewest wonen. De Vlaamse regering wil met dit jaarlijkse belastingvoordeel de actieven belonen en op die manier werken aantrekkelijker maken.

Wat verandert er in 2009? Tot en met 2008 bleef de Vlaamse forfaitaire vermindering van de personenbelasting beperkt tot belastingplichtigen met een activiteitsinkomen lager dan 21.000 euro. Nu wordt deze beperking opgegeven. Vanaf 2009 zal iedere inwoner van het Vlaamse Gewest met een minimum aan activiteitsinkomsten recht hebben op een vermindering van de personenbelasting. Wie enkel een vervangingsinkomen geniet komt echter niet in aanmerking. Het bedrag van de vermindering werd opgetrokken van 200 euro tot maximum 300 euro. De verrekening zal ook niet meer maandelijks gebeuren, maar jaarlijks in de maand februari.

Hoeveel bedraagt de vermindering? De jobkorting wordt door de werkgever berekend op basis van het belastbaar inkomen van de maand februari. Dat is het brutoinkomen na afhouding van de sociale bijdragen. De vermindering bedraagt 250 euro voor wie een belastbaar inkomen heeft van meer dan 24.375 euro op jaarbasis. Wie tussen de 6.980 euro en 24.375 euro belastbaar inkomen heeft krijgt 300 euro. In de praktijk bedragen de verminderingen dus:

4

Belastbaar inkomen maand februari*

Jobkorting februari 2009

Minder dan 520,89 euro

0 euro

Tussen 520,89 en 1819,02 euro

300 euro

Meer dan 1819,02 euro

250 euro

* cfr. CDVU: maandinkomen * 13,4 = benadering jaarinkomen De vermindering wordt door de werkgever verrekend met de bedrijfsvoorheffing voor de maand februari. Het nettoloon voor februari kan dus 250 euro of 300 euro hoger liggen. Wanneer men weinig belastingen moet betalen kan een deel van de vermindering ook in maart, april en zelfs bij de afrekening van de belastingen wor-den verrekend. In een gezin waar beide partners een activiteitsinkomen hebben, heeft elke partner recht op de korting.

Juridische basis? Decreet van 30 juni 2006 houdende de invoering van een forfaitaire vermindering in de personenbelasting. Koninklijk besluit van 11 januari 2009 tot toekenning van de Vlaamse forfaitaire vermindering op het stuk van de bedrijfsvoorheffing. Meer weten: http://www2.vlaanderen.be/omdatuhetverdient/

februari 2009 De Nieuwe Tijd


FOCUS

ACV Openbare Diensten

Pact 2020 voor een ambitieus Vlaanderen ■ O p 20 januari werd door de Vlaamse Regering, de Vlaamse Sociale Partners en de Verenigde Verenigingen het Pact 2020 ondertekend. H et pact bevat een aantal voorstellen en werkpunten om van Vlaanderen een van de Europese topregio’s te maken . We spraken hierover met A nn Vermorgen, Nationaal S ecretaris van ACV. D oor : Amélie Janssens Hoe kwam dit Pact 2020 tot stand? “De ambitie is om tegen het jaar 2020 tot de top van de Europese regio’s te behoren. Die ambitie wordt nu geconcretiseerd in een nieuw Vlaams toekomstplan, Pact 2020. Dat toekomstplan is opgebouwd rond vijf prioritaire thema’s: meer welvaart en welzijn, een competitieve en duurzame economie, meer mensen aan de slag in meer werkbare jobs en in gemiddeld langere loopbanen, levenskwaliteit van hoog niveau en een efficiënt en doeltreffend bestuur. Om bij die top te behoren, hebben we twintig kwantitatieve te halen doelstellingen geformuleerd rond onder meer solidaire en open regio, werkbaarheid en werkzaamheid, ondernemerschap, het bevorderen van proces-, product- én sociale innovaties in bedrijven, de uitbouw van een kwaliteitsvol, voor iedereen toegankelijk en betaalbaar zorgaanbod, milieu, natuurbehoud, armoedebestrijding, maatschappelijke betrokkenheid en verantwoordelijkheid … De top halen, dat betekent een sterke economie combineren met een goed uitgebouwde verzorgingsstaat en een gezonde leefomgeving,” beklemtoont Ann Vermorgen. Als nationaal secretaris bevoegd voor het Vlaams arbeidsmarktbeleid en als SERV voorzitter was Ann een cruciale spilfiguur in de totstandkoming van dit Pact. Op vraag van de Vlaamse Regering werd binnen de SERV tussen werkgevers en werknemers onderhandeld over een basisakkoord, dat nadien verder werd overlegd met de Regering en de Verenigde Verenigingen. Vinden we in het Pact 2020 ook de visie van ACV terug? Op welke vlak? Dankzij de inbreng van de Verenigde Verenigingen en de vakbonden werd ook voluit de sociale kaart getrokken, benadrukt Ann Vermorgen. “We streven er naar om in 2020 elk gezin een inkomen te geven dat minstens de Europese armoededrempel haalt. Over twaalf jaar moet het aantal kinderen dat in armoede wordt geboren, gehalveerd zijn. De laaggeletterdheid moet De Nieuwe Tijd februari 2009

weg en de kwaliteit van het wonen moet verbeteren.” Maar ook het aandeel mensen dat werk heeft, moet omhoog. En bij voorkeur in werkbare jobs. Jobs met voldoende kansen om bij te leren, met weinig werkstress, met een goede combinatie arbeid en privéleven. Meer mensen aan de slag in meer en betere werkbare jobs wordt de volgende 10 jaar een concreet actiepunt voor de regering en de sociale partners. Vlaanderen zal tegen 2020 ook verder uitgroeien tot een lerende samenleving. Het aantal kortgeschoolden op de arbeidsmarkt moet tegen dan met de helft verminderd zijn. “Daarom zetten we verder in

op een grotere toegankelijkheid van het hoger onderwijs en op meer levenslang en levensbreed leren. De lerende en leefbare loopbaan, die we in april op onze Vlaamse Dagen als toekomstidee naar voren schuiven, zal dus tegen 2020 in volle realisatie zijn,” vertelt Ann Vermorgen. Welke zijn volgens ACV de belangrijkste uitdagingen voor Vlaanderen voor de komende jaren? “De Vlaamse dagen en de krachtlijnen die er zullen gestemd worden geven een mooie staalkaart. Werk maken van waardig werk en werkbaar werk voor iedereen. Opkomen voor een degelijk inkomen en meer 5


■ FOCUS

koopkracht. Ijveren voor een kwalitatieve, toegankelijke en betaalbare collectieve dienstverlening. Dit alles gefinancierd via een sociaal rechtvaardige fiscaliteit waarbij de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. In verweer blijven gaan tegen uitsluiting van de sociaal zwakkere groepen en tegen discriminatie op de arbeidsmarkt en de werkvloer. In het Pact 2020 zitten een aantal doelstellingen vervat waarmee we een sociaal-politieke vertaling kunnen geven aan deze uitdagingen. “ Bevatten het Pact en ook de krachtlijnen van de Vlaamse ACV dagen niet te veel dromen? Welk beleid zal ACV zelf voeren, om de vele uitdagingen aan te gaan? “Maatschappelijke projecten gaan altijd langzaam vooruit. Belangrijk is een gemeenschappelijk doel te hebben. Meer nog: dat we voor elke stap die we zetten, een streefcijfer vooropstellen en dat we elke stap om dat cijfer te halen permanent opvolgen. Zo wordt het geen vrijblijvende oefening. Dit doen we zowel met het Pact als met de Vlaamse Dagen. In de loop van 2009 wordt het Pact omgezet in en ‘operationeel plan’. De besprekingen van de krachtlijnen op de Vlaamse ACV-dagen worden ook omgezet in een werkplan voor de komende vier jaar en systematisch opgevolgd op het niveau van het Vlaams Regionaal Comité.”

ACV Openbare Diensten

voorstellen voor meer solidariteit en sociaal beleid in Vlaanderen. Dus hierbij is een betrokkenheid en gedragenheid van militanten en vrijgestelden van bij het begin van het proces. Het gaat niet alleen over wat anderen – werkgevers en de Vlaamse regering – moeten doen. Maar ook over wat we zelf kunnen doen, in de bedrijven, de lokale afdelingen, advies- en overlegorganen, bij onderhandelingen of – als het moet – via syndicale actie. Over de syndicale lijn die het Vlaams ACV in de komende vier jaar moet volgen.” Wat precies zijn de Vlaamse ACV-Dagen? “De Vlaamse Dagen zijn een 4 jaarlijkse oefening in basisdemocratie en zelfreflectie. Ze vinden dit jaar plaats op 24 en 25 april te Oostende. Deze dagen zijn inmid-

dels aan hun vijfde editie toe. We blikken even terug: welke voortgang hebben we op sociaal-economisch vlak geboekt, maar kijken vooral vooruit: welk soort Vlaanderen willen we? Baseline van de dagen: opkomen voor meer solidariteit en sociale voortgang in Vlaanderen. De klemtoon ligt op de materies waarvoor Vlaanderen bevoegd is: vorm geven aan de loopbaan, toekomst van de zorg, duurzame economie en werkgelegenheid, collectieve diensten en overheidsfinanciering. Een prikkelende campagne en website www.”waarzijnwemeebezig.be” ondersteunt het geheel.”

Is het belangrijk een visie en maatschappelijk project zoals het Pact 2020 of zoals het sociaal en solidair Vlaanderen van de Vlaamse ACV dagen uit te dragen? “In tijden van crisis willen mensen een boodschap van verbetering, van hoop, een toekomstproject om aan te werken, om met zijn allen de schouders eronder te zetten. Het is nu de opdracht van het ACV om de boodschap van het Pact op een concrete, herkenbare en begrijpbare manier te vertalen naar de achterban. Een goede communicatie is een belangrijke voorwaarde om te komen tot een breder maatschappelijk draagvlak.” “De Vlaamse ACV-dagen werpen een blijk op de toekomst: welk soort Vlaanderen willen we? In het najaar 2008 organiseerden we een open discussieronde in verbonden en centrales. Met de vraag om na te denken over de sociaaleconomische en syndicale uitdagingen die in de komende jaren op ons afkomen en ideeën te spuien over mogelijke oplossingen. Het resultaat van de eerste besprekingsronde ligt nu voor: 71 ontwerpkrachtlijnen en discussie6

februari 2009 De Nieuwe Tijd


FOCUS

ACV Openbare Diensten

Wat is het Pact 2020? Het Pact 2020 is een initiatief van de Vlaamse Regering en de Vlaamse sociale partners. Als we Vlaanderen vergelijken met de brede buitenwereld, doen we het als regio niet zo slecht. Maar als we ons spiegelen aan de sterkste EU-landen, merken we dat we hun groeiritme niet kunnen volgen. Het Pact 2020 stippelt dan ook een langetermijnvisie uit om van Vlaanderen een van de topregio’s van Europa te maken op economisch, ecologisch, sociaal en maatschappelijk vlak. De strategie van het Pact 2020 richt zich op 4 prioritaire thema’s: ■ een competitieve en duurzame economie; ■ meer mensen aan de slag, in meer werkbare jobs en in gemiddeld langere loopbanen; ■ levenskwaliteit van hoog niveau; ■ een efficiënt bestuur.

1. Een competitieve en duurzame economie Vlaanderen moet tegen 2020 uitgroeien tot een kenniseconomie met sterk ondernemerschap en een sterke internationale oriëntatie. Bovendien moet ze in staat zijn om op een duurzame manier welvaart te creëren. Het is daarbij belangrijk dat we marktaandeel herwinnen maar dat het polyvalente karakter van de Vlaamse economie bewaard blijft. Ondernemingen zouden de slagkracht van

De Nieuwe Tijd februari 2009

de Vlaamse economie kunnen verhogen door samen te werken met of te investeren in buitenlandse ondernemingen. Dit alles moet ondersteund worden door een omgevingsbeleid met oog voor een zo laag mogelijk grondstof-, energie-, materiaalen ruimtegebruik.

2. Meer mensen aan de slag, in meer werkbare jobs en in gemiddeld langere loopbanen

vraagt onder meer een toekomstgericht zorgsysteem, een duurzame solidariteit en een kwaliteitsvolle leefomgeving. We moeten dus komen tot een samenleving waarbij alle leden betrokken zijn en uitsluiting teruggedrongen wordt.

4. Een efficiënt en doeltreffend bestuur

De ondernemingen moeten in 2020 voldoende en geschikte werknemers vinden. Bovendien moeten deze werknemers beter opgeleid zijn, en moet vraag en aanbod op de arbeidsmarkt beter bij elkaar aansluiten. De werkzaamheid moet voldoende hoog zijn (het aandeel van de actieve bevolking dat ook effectief aan het werk is) en kan zo bijdragen tot een verhoging van de welvaart en tot de financiering van de sociale zekerheid. Dit zal wel een loopbaanbeleid en competentiebeleid vragen. Bovendien moeten de jobs werkbaarder zijn, zodat er langer kan gewerkt worden.

Efficiënte en effectieve overheden zijn cruciaal voor het creëren en het behouden van walvaart en welzijn. Bovendien worden we geconfronteerd met snelle en ingrijpende veranderingen, onder meer door globalisering, liberalisering, migratie en klimaatverandering. Deze veranderingen vragen een groot aanpassings- en reactievermogen van de samenleving. Daarom moet het leer- en aanpassingsvermogen van de overheid en de andere sectoren verbeterd worden. Om de efficiëntie van de overheid te verhogen, is een actieve en gestructureerde betrokkenheid van het middenveld nodig. Dit verstevigt het draagvlak.

3. Levenskwaliteit van hoog niveau

Bron: Pact 2020, Een nieuw toekomstpact voor Vlaanderen

We moeten komen tot een systeem waarbij mensen naar vermogen een bijdrage leveren aan welzijn en welvaart, waarvan iedere burger kan genieten. Dit is belangrijk voor creativiteit en dynamiek in het economische, sociale en culturele leven. Dit

Voor de volledige tekst van het Pact 2020, met de verdere uitwerking van deze 4 prioritaire thema’s, kan u terecht op: www.vlaandereninactie.be (klik op ‘Actie’)

7


■ VLAAMSE GEMEENSCHAP

ACV Openbare Diensten

Personeelsvergadering Preventie-en Verwijzersbeleid ■ Op 3

februari organiseerden de drie vakbonden bij Preventie- en Verwijzersbeleid een personeelsvergadering om de per soneelsleden te informeren en consulteren over de werkbelasting en een tekort aan opvangplaatsen . D e consulenten van deze afdeling staan samen met het administratief personeel in voor jongeren met problemen, waarvoor ze een vorm van begeleiding organiseren .

D oor : Liesbet Sommen

Grote belangstelling voor personeelsvergadering

De personeelsvergadering ging door in het auditorium van het Boudewijngebouw te Brussel. Bij aanvang werd er gesteld dat er, om veiligheidsredenen, slechts 100 personen het auditorium mochten betreden. Al gauw bleek dat dit aantal ruimschoots onvoldoende was. Grosso modo werden er zeker 200 koppen geteld. De vakbonden stonden versteld van dit aantal, vooral gezien het feit dat de afdeling slechts ongeveer 350 personeelsleden telt. Gelukkig konden de gebouwverantwoordelijken overtuigd worden om iedereen, inclusief de massaal aanwezige pers, binnen te laten. De grote opkomst was al een eerste signaal van de teneur waarin de personeelsvergadering zou verlopen.

Problemen bespreekbaar maken en

slapen door deze problematiek, een aantal mensen spraken van burn-out, van het niet meer te zien zitten, van deeltijds te willen werken, enzovoort.

Actie bij kabinet Heeren Aanvankelijk was het de bedoeling dat er slechts een beperkte delegatie van vakbondsafgevaardigden naar het kabinet-Heeren (Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin) zou trekken na afloop van de personeelsvergadering. Het werd echter snel duidelijk dat het publiek dit niet pikte. Zij wilden actie, en wel nu! Snel werd dus de politie verwittigd dat er toch een grote groep zou optrekken naar het kabinet, en werd er toestemming gevraagd aan de leiding van het Agentschap Jongerenwelzijn (waaronder de personeelsleden vallen) om de dienstvrijstelling te verlengen.

oplossingen formuleren

De bedoeling van de vakbonden was om een aantal problemen binnen de afdeling Preventie-en Verwijzersbeleid bespreekbaar te stellen, om daarna een aantal voorstellen tot oplossing voor te dragen naar de personeelsleden toe. Ook werd er ruimte voorzien voor de personeelsleden om hun eigen insteek te geven. Dat er op dit laatste met zo veel emotie en frustratie zou worden ingegaan, was zeer opmerkelijk.

Getuigenissen over burn-out en agressie

In het uit zijn voegen barstende auditorium voelden heel wat personeelsleden zich geroepen om de vaak enorm moeilijke werkomstandigheden waarin zij dienen te functioneren, aan te klagen. Er werden getuigenissen gegeven van mensen die te maken kregen met agressie van cliënten, van mensen die hun cliënten niet aan de juiste opvangplaats konden helpen en op die manier vreesden voor de maatschappelijke gevolgen. Een heel aantal personeelsleden gaven te kennen niet meer te 8

Zo kwam het dat 180 mensen door de straten van Brussel naar het kabinet-Heeren trokken. Een delegatie van vakbondsmensen ging binnen; ze werden ondersteund door luid gescandeer van de manifestanten.

55 dossiers per consulent is maximum

Aan de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Veerle Heeren, werden de voorstellen tot oplossing voorgelegd die de vakbonden eerder die dag al met het personeel hadden doorlopen, en waarvoor massaal draagvlak was gevonden. We stelden dat we ten eerste een norm voor het aantal dossiers per consulent vragen. Onder minister Vervotte werd reeds bepaald dat 55 dossiers per consulent het maximaal haalbare is om een goede dienstverlening te garanderen. Deze norm werd echter nooit opgenomen in het personeelsplan. Vandaar dat de consulenten vandaag met dubbel zoveel dossiers moeten werken, waardoor de cliënt soms in de kou blijft staan en de consulent een zeer zware werkbelasting ervaart.

Zolang er geen werkbelastingsnorm is, valt ook het extra werk dat consulenten hebben aan het invullen van een elektronisch dossier (Domino) dat van elke cliënt wordt opgesteld, erg zwaar. De personeelsleden zien simpelweg niet in wanneer ze hier nog tijd voor kunnen maken. Dit werd ook gesignaleerd aan de minister. Daarnaast werd ook aandacht gevraagd voor het verschil tussen de omkadering van de consulenten en die van bepaalde collega-maatschappelijk assistenten aan de Vlaamse overheid. Deze laatste kunnen niet alleen genieten van een risico-premie wegens contact met cliënten, maar ook van extra leeftijdsgebonden verlofdagen.

Tekort aan opvangplaatsen Tenslotte blijft het grote tekort aan opvangplaatsen een ernstig probleem. Niet alleen kan dit maatschappelijk grote gevolgen hebben, maar ook ervaart de consulent hierdoor een zeer grote stress, aangezien hij/zij de jongere niet geplaatst krijgt. Hoewel er al inspanningen geleverd zijn, vragen wij blijvende aandacht en oplossingen voor dit probleem. De minister had wel oren naar de grieven van de personeelsleden van Preventie-en Verwijzersbeleid. Zij is principieel akkoord om een werkbelastingsnorm (voor consulenten en administratief personeel) op te nemen in het perspectiefplan dat zij nog voor de verkiezingen aan het Vlaams Parlement wil voorleggen. Hierin zijn ook 160 extra residentiële plaatsen opgenomen. De minister heeft zelfs het engagement aangegaan om te onderzoeken of er nog extra plaatsen dienen gecreëerd te worden in de toekomst. Ze is ook bereid om de omkadering van de consulenten bespreekbaar te stellen, in het kader van een harmonisering van arbeidsomstandigheden van maatschappelijk assistenten. Tenslotte zal ze ook bekijken hoe het elektronisch dossier efficiënt geïmplementeerd kan worden. Op 24 februari verwacht zij ons terug op haar kabinet om de concrete invulling van deze zaken verder te bespreken. februari 2009 De Nieuwe Tijd


VLAAMSE GEMEENSCHAP

ACV Openbare Diensten

Overgang VLAO-personeel naar agentschap economie verloopt moeizaam! ■ In de loop van januari is het migratiebesluit van het VLAO (Vlaams Agentschap O ndernemen) voor onderhandeling op sectorcomité 18 geweest. D it besluit regelt de overgang van de personeelsleden van het VLAO naar het Agentschap Econo mie. H et besluit met bijhorende bijlage (namenlijst) is van cruciaal belang om de bestaande voordelen (o. a . maaltijdcheques van 6 euro) vast te leggen voor de toekomst. D oor : Sofie Moerman Het VLAO is opgestart op 1 april 2006 en was een samensmelting van verschillende personeelscategorieën (ex-VIZO, ex-GOM, ex-LER,…). Het agentschap beschikte over rechtspersoonlijkheid waardoor het de mogelijkheid had om alle verschillen tussen de personeelscategorieën gelijk te trekken via het zogenaamde ASB (agentschapspecifiek besluit). Op het toenmalige EOC hebben we kunnen bekomen dat alle personeelsleden een maaltijdcheque van 6 euro kregen en een geschenkencheque van 35 euro. Op zich een goede zaak, ware het niet dat de toenmalige directie heeft nagelaten om dit juridisch te verankeren via het ASB. ACV-Openbare Diensten heeft dit telkens op het overleg naar voren gebracht. De directie heeft nagelaten om hiervan werk te maken!

Uitzonderlijke situatie

Onvoldoende garanties Het standaardbesluit dat de Vlaamse Regering heeft voorgelegd gaf niet voldoende garanties tot behoud van deze voordelen. ACV-Openbare Diensten heeft gevraagd om deze te verankeren in het besluit. Het gaat hier onder andere over het behoud van de maaltijdcheques van 6 euro met een werkgeversbijdrage van 4,91 euro, de geschenkencheque van 35 euro, de compenserende maatregel, enzovoort. ACV-Openbare Diensten heeft dan ook samen met de andere vakbonden de verDe Nieuwe Tijd februari 2009

gadering van sectorcomité laten schorsen! Het resultaat is dat de Vlaamse Regering een nieuw voorstel zal formuleren!

Woelig bestaan Het Vlaams Agentschap Ondernemen (VLAO), dat nu in een eerste fase opgaat in het Agentschap Economie, heeft een turbulente voorgeschiedenis achter de rug en is eigenlijk geen toonbeeld van het zogenaamde Beter Bestuurlijk Beleid van de Vlaamse Regering!

ACV-Openbare Diensten zegt dat het hier gaat om een uitzonderlijke situatie namelijk de overgang van een agentschap met rechtspersoonlijkheid naar een agentschap zonder rechtspersoonlijkheid. Dit is, en we blijven hierbij, om problemen vragen. Nu zal men moeten zoeken naar kunstgrepen! Indien de Vlaamse Regering had gekozen voor een agentschap met rechtspersoonlijkheid dan had men alle verschillen tussen de personeelscategorieën kunnen gelijk trekken via een ASB (zoals hierboven beschreven, het agentschapspecifiek besluit). Wij blijven bij dit standpunt maar, gezien de situatie, zullen we er alles aan doen om op een pragmatische manier rechtszekerheid te geven aan de personeelsleden van het VLAO met behoud van hun voordelen.

■ 9


■ VLAAMSE GEMEENSCHAP

ACV Openbare Diensten

Alle hens aan dek bij de dienst Studietoelagen ■ Ingevolge de uitbreiding van de mogelijkheid tot het toekennen van studietoelagen aan ouders van kinderen in het kleuter - en basisonderwijs , was er de voorbije maanden een enorme toename van het aantal aanvragen . D oor : Chris Herreman Dat dit voor bijkomende problemen zou zorgen, lag voor de hand. Met de normale personeelsbezetting van de dienst Studietoelagen kon men deze toevloed van werk onmogelijk aan. Hiervoor werden reeds eind vorig jaar bijkomende contractuele personeelsleden aangeworven.

Intake aanvragen studietoelagen Op advies van een externe consultant, werd voor de intake van alle aanvragen, een zogenaamd “treintje” met verschillende personeelsleden gevormd om de werkzaamheden vlotter te laten verlopen.

Maar in midden januari werden nog extra personeelsleden van het departement en de agentschappen van het Vlaams ministerie van Onderwijs en Vorming ingezet om de enorme toestroom van aanvragen te kunnen verwerken. Eind januari was de grote meerderheid van alle aanvragen geregistreerd. Vanaf februari kon dan de eigenlijke verwerking beginnen.

Er werd gesteld dat iedereen die bij deze werkzaamheden betrokken was, stipt om 8.00 uur diende aanwezig te zijn. Daar dit niet voor alle betrokken personeelsleden mogelijk was, b.v. omwille van familiale reden, hebben wij aan de lijnmanager gevraagd dat men kon afspreken om op een later tijdstip de werkzaamheden te kunnen aanvatten. Uiteindelijk was dit mogelijk.

Vakorganisaties niet vooraf

Uurregeling piekperiode

geraadpleegd

Vanaf het midden januari kregen wij veel verontruste reacties van onze leden. Samen met de twee andere vakorganisaties hebben wij aangedrongen op een dringend overleg met de leidinggevenden van het beleidsdomein O&V. Op 21 en 26 januari ll. werden alle problemen besproken.

Het was niet duidelijk welke tijdelijke maatregelen inzake werktijdregeling er voor alle betrokken personeelsleden van toepassing was tijdens de verlengde piekperiode in januari. Nochtans is er vroeger altijd overleg gepleegd i.v.m. de modaliteiten gedurende piekperiodes. Er is afgesproken dat er in de toekomst eerst met de personeelsverte-

genwoordigers zal worden overlegd voor men tot de verlenging van de piekperiode zal overgaan.

Te korte opleiding Bovendien was er ook onvoldoende tijd om de bijkomende personeelsleden een minimaal vereiste opleiding te geven, opdat zij onmiddellijk met kennis van zaken konden worden ingezet. Het was dus soms een beetje improviseren, maar voor wat de intake betreft hebben alle, inclusief de extra ingezette personeelsleden het beste van zichzelf gegeven. Wij appreciëren het enorm dat er zoveel solidariteit was binnen het beleidsdomein Onderwijs en Vorming.

Dossierafhandeling Voor de dossierbehandelaars volgt er nu nog een drukke periode tot eind april, waarbinnen in principe alle aanvragen dienen te worden verwerkt. Op donderdag 5 februari ll. hebben de drie vakorganisaties een personeelsvergadering georganiseerd, waarop zij hebben getracht een exacte inschatting te maken van de actuele werklast. Uit deze bevraging bleek dat de door de directie vooropgestelde planning niet door iedereen als realistisch kon worden beschouwd. Belangrijk hierbij is wat hierbij de voorkeur krijgt, nl. de tijdigheid van de betaling van de studietoelage of de kwaliteit van de afgehandelde dossiers. Intussen volgen wij de situatie van week tot week op. In de week van 9 februari ll. was er hierover nog overleg met zowel het kabinet van de minster, als met de leidinggevende van de dienst Studietoelagen. Intussen hebben wij de betrokken personeelsleden verder geïnformeerd en blijven wij hen ondersteunen in deze hopelijk uitzonderlijke en eenmalige situatie.

■ 10

februari 2009 De Nieuwe Tijd


LOKALE & REGIONALE BESTUREN

ACV Openbare Diensten

De nieuwe Rechtspositieregeling ■

nieuwe regeling rond compensatie onregelmatige prestaties voldoet niet.

D oor : Skender Baleci In heel Vlaanderen lopen de onderhandelingen over de invoering van de nieuwe rechtspositie nog steeds.

Onregelmatige prestaties blijft knelpunt

Zoals we tijdens de onderhandelingen in Brussel al hadden aangekondigd, blijkt één van de grote knelpunten de compensatie van de onregelmatige prestaties: avondopeningen, avondvergaderingen waar personeelsleden “even” een dossier moeten voorbrengen op de Raad, evenementen van cultuur, jeugd, huwelijken op zaterdag,

De (meeste) besturen hadden hieromtrent heel creatieve vormen van compensatie, al dan niet gebaseerd op regelgeving: “voor wat, hoort wat”. Sommige besturen grijpen nu echter de invoering van de nieuwe rechtspositie aan om de “puntjes op de i te zetten” en stellen zich nu ineens heel strak op. Ons standpunt is heel duidelijk: als een bestuur beslag legt op vrije tijd van de medewerkers of als de medewerker op sociaal moeilijke momenten moet komen werken, moet daar iets tegenover worden gesteld! Het allerminste wat besturen moeten doen, is bv. in het geval van overwerk de

medewerker de vrije keuze laten om de teveel gepresteerde uren terug te nemen op momenten die hem best uitkomen. Er kan maar meer flexibiliteit aan het personeel worden gevraagd als ook het bestuur zich inschikkelijk opstelt naar het personeel. Wij betreuren dan ook de houding van sommige besturen die zich nu – zonder enige aanleiding – plots veel stroever opstellen in de compensatie van de onregelmatige prestaties. Voor ACV-Openbare Diensten moet de nieuwe rechtspositie op dit punt al zeker worden bijgestuurd. Wij zullen hiertoe de nodige stappen zetten.

Wijziging grensbedragen haard- en standplaatstoelage op komst ■ In

uitvoering van het sectoraal akkoord bij de Vlaamse overheid worden de grensbedragen voor de toekenning van de haard - en standplaatstoelage gewijzigd. O ok in de lokale sector verhogen hierdoor de grensbedragen .

D oor : Joris Lermytte Het besluit van de Vlaamse regering van 9 januari 2009 wijzigt de betreffende bepalingen in het Vlaamse personeelsstatuut vanaf 1 januari 2009. Het besluit moet nog gepubliceerd worden in het staatsblad alvorens het uitwering kan hebben, al zijn de bepalingen reeds opgenomen in het Vlaams personeelsstatuut. De regeling is automatisch van toepassing op het personeel van de Vlaamse provincies, steden en gemeenten, evenals de gemeenschappelijke graden in de ocmw’s. Een gehuwd personeelslid, een personeelslid dat samenleeft of een alleenstaand personeelslid van wie een of meer kinderen recht geven op kinderbijslag en deel uitmaken van het gezin, komt in aanmerking voor een haardtoelage. Een personeelslid dat geen recht heeft op een haardtoelage, komt in aanmerking voor een standplaatstoelage. Om recht te hebben op een haard- of standplaatstoelage mag het inkomen van deze personeelsleden bepaalde grenzen niet overschrijden. De nieuwe grensbedragen zijn de volgende: 100% Oude grens

Grens 2009

Index 1,4859 (1/10/2008 - ) Toelage per jaar

Grens 2009

Toelage per jaar

Toelage per maand

haard ≤16.099,84 ≤16.421,84 toelage

719,89

≤ 24401,21 1069,68

89,14

≤18.329,27 ≤18.695,86

359,95

≤ 27780,18

534,85

44,57

standplaats ≤16.099,84 ≤16.421,84 toelage

359,95

≤ 24401,21 534,85

44,57

≤18.329,27 ≤18.695,86

179,98

≤ 27780,18

22,29

De Nieuwe Tijd februari 2009

267,43

De toepassing van de nieuwe grensbedragen kan voor sommige personeelsleden een maandelijks voordeel opleveren tot bijna 40 euro. VVSG is het niet eens met de koppeling tussen de Vlaamse regeling en die van de lokale besturen. VVSG acht de verhoging ‘niet nodig’. Ze verwijst hierbij naar het feit dat de verhoging van de grensbedragen op Vlaams niveau samengaat met een algemene loonsverhoging. VVSG stuurt dan ook aan op het uitstellen van de publicatie van het Besluit in afwachting van het aanpassen van de wetgeving. Werk aan de winkel voor ons dus! Wat VVSG bepleit is een aanfluiting van het bestaande sectoraal akkoord. De koppeling van de haard- en standplaatstoelage maakt integraal deel uit van de bestaande arbeidsvoorwaarden. De wijziging was bekend bij de afsluiten van het huidige setoraal akkoord. Daarenboven werd in het akkoord overeengekomen te streven naar een integratie van de haard- en standplaatstoelage in de salarisschalen tegen 2011, wat een heronderhandeling betekent van de bestaande regelgeving. We zouden veel meer hebben aan een partner die ter goeder trouw handelt, dan aan één die voortdurend probeert er de kantjes van af te lopen.

■ 11


■ LOKALE & REGIONALE BESTUREN

ACV Openbare Diensten

Wat we zelf doen, doen we beter ■ Eind 2004

werd beslist om de dienst signalisatie , die verkeersborden plaatste en vaste wegmarkeringen aanbracht, zou worden uitbesteed aan de privé! Privéfirma’s konden dit beter en vooral véél goedkoper . D e dienst was te belastend en te duur .

D oor : Jan Dendooven

Signalisatie liep al gauw mank

Uitbesteding blijkt nog maar eens een slechte keuze

Na een overheidsopdracht werd het uitbesteed aan de firma Janssens uit Lokeren. Al gauw betaalde de Mechelaar plots veel meer als ze een bord moesten plaatsen en overal doken een hoog aantal onnodige tijdelijke borden op. Ook bij de vaste signalisatie liep het mank. In Mechelen sprak men al gauw van het oerwoud van verkeersborden. Ook merkte de stad snel dat de kosten veel hoger lagen dan voordien. Toen brak in november 2007 de zaak Janssens uit in Mechelen. Er was sprake van steekpenningen bij het binnenhalen van de overheidsopdracht en van betaalde verkiezingsfolders voor een schepen van de stad. Gevolg: de firma Janssens werd bedankt voor bewezen diensten en signalisatiebedrijf Fero en de politie namen de dienst tijdelijk waar.

Signalisatie opnieuw in eigen beheer

In de stadskrant Onder den Toren nummer 58 van januari-februari 2009 verschijnt een artikel met de titel “Duidelijk door de stad”. Hierin wordt de nieuwe dienst “Team Signalisatie” voorgesteld aan de Mechelaars. Het is echt belangrijk om een stuk uit het artikel volledig over te nemen: Wat zijn de voordelen van eigen beheer? “Doordat we een aantal tussenstappen uitschakelen, zal dit systeem veel efficiënter werken. Temeer daar onze werk- en investeringskosten gemiddeld lager liggen dan wanneer we externe firma’s aanspreken. Bovendien verkorten de aanvraagtermijnen en wachttijden, wat niet alleen de burger, maar ook de werking van onze andere diensten ten goede komt. Zo kunnen we er bijvoorbeeld voor zorgen dat signalisatiewerken beter aansluiten op wegenwerken zodat de hinder tot een minimum beperkt blijft. Werken met eigen mensen garandeert bovendien een permanentie van 24 uur op 24 en dat 7 dagen op 7.”

Dit bewijst eens te meer dat privatisering niet de juiste keuze is en nu krijgen wij de argumenten aangereikt van het bestuur waar de voorzitter van Open VLD burgemeester is!

De stad besliste uiteindelijk om de dienst terug in eigen beheer te nemen. “Ik zie de beslissing niet als een gevolg van de zaak Janssens”, zegt Greet Geypen, schepen van Openbare Werken (Open VLD). “Het is gewoon een betere formule om sneller in te grijpen indien nodig” (Het Nieuwsblad 6 november 2008). Ondertussen begon de stad aan het samenstellen van het team. Een ploeg van 11 mensen, die vanaf januari 2009 instaan voor alle tijdelijke en vaste signalisatie. Er werden nieuwe machines aangekocht met een kostprijs van 22.000 euro. Het oude materiaal werd in 2005 weg gedaan. Het hele pakket kost aan de stad zo’n 570.000 euro. “Het is de ambitie om goedkoper te werken dan toen alles werd uitbesteed aan de groep Janssens. Het belangrijkste is voor mij het resultaat op het terrein. We moeten sneller kunnen inspelen op problemen en over technici beschikken die problemen kunnen voorkomen”, volgens schepen Geypen (Het Nieuwsblad 6 november 2008) 12

Stop de privatisering! februari 2009 De Nieuwe Tijd


FEDERALE OVERHEID

ACV Openbare Diensten

Het Federaal Eisencahier 2009 – 2010 werd ingediend bij minister Vanackere. ■ Amper zes maanden na het afsluiten van het Sectoraal akkoord 2007 – 2008 werd een nieuw eisencahier ingediend bij minister voor A mbtenarenzaken Steven Vanackere. D oor : Marc Saenen

Minister houdt zich aan eerdere afspraken

Er was met zijn voorgangster (Vervotte) afgesproken dat binnen de twee maanden na het indienen van een nieuw cahier de onderhandelingen van start zouden gaan, en het ziet er naar uit dat de nieuwe Minister zich aan deze afspraak wil houden. Het eisenpakket is opgebouwd rond een aantal hoofdstukken waaruit we een aantal aspecten toelichten.

1. Een aantrekkelijk openbaar ambt Hieronder zit vooral het luik van de koopkracht omdat in deze financieel barre tijden onze werkgever ervoor moet zorgen dat hij voldoende aantrekkelijk blijft voor de arbeidsmarkt. Een lineaire loonsverhoging moet er komen, naar analogie met het Interprofessioneel Akkoord voor de private sector. Ook de verdere verhoging van de eindejaarspremie zit erin, evenals de volledige terugbetaling van de hospitalisatievergoeding en de invoering van maaltijdcheques. Betreffende toelagen en vergoedingen verwachten we dat er gevolg gaat gegeven worden aan de inventaris die de overheid hierover in het najaar opgesteld heeft. Een attractieve werkgever zorgt ook voor aantrekkelijke loopbaanperspectieven, met regelmatig georganiseerde loopbaanexamens die moeten resulteren in een daadwerkelijke loonsverhoging voor iedereen. En om loon naar werken te realiseren, willen we een functieweging voor de niveaus B, C en D.

2. Ontwikkeling en vorming van de ambtenaren Uiteraard willen we de gecertificeerde opleidingen hervormen, wat had je gedacht. De andere vormingen zijn wat in de vergeethoek gedrumd de laatste jaren. Daarvoor willen we nu een globaal voluntaristisch vormingsplan, waarover we in comité B het jaarverslag kunnen bespreken. De Nieuwe Tijd februari 2009

3. Een strategisch plan voor een statutair openbaar ambt Als sluitstuk van ons jaarthema “de Contractuelen” willen we nu onze visie voor een statutarisering van het volledig Federaal Openbaar Ambt in de praktijk brengen. Ook wordt ondertussen de tweede pensioenpijler en de tweede weddenschaal niet uit het oog verloren.

4. Een beter Welzijn

Momenteel ligt het eisenpakket van ACVOpenbare Diensten bij de minister en we nemen aan dat die van de andere vakbonden ondertussen ook toegekomen zijn. Het kabinet heeft nu even de tijd nodig om dit alles te bestuderen, maar dan willen we dringend aan het werk aan de onderhandelingstafel! Leden die de volledige tekst van het eisencahier willen lezen, surfen best naar www.acv-openbarediensten.be.

Welzijn van de werknemer is een ruim begrip. Via een specifiek eisencahier streven we naar een doeltreffend en geïntegreerd welzijnsbeleid. Ook het verlofbesluit willen we bijsturen. Voor de Sociale Diensten willen we een eenvormige financiering en dezelfde minimale voordelen voor iedereen. Ook mocht eens onderzocht worden of onze werkgever kinderopvang op een structurele manier kan organiseren.

5. Tewerkstelling en eindeloopbaan De vergrijzing wordt tegenwoordig wel erg duidelijk, en een geïntegreerde aanpak dringt zich op. De mensen die met pensioen vertrekken, moeten vervangen worden indien uit een werklastmeting blijkt dat dit nodig is voor het goed functioneren van de dienst. Met opgedrongen vervangingsnormen halen we ons alleen maar ellende op de hals.

6. Een Duurzaam beleid De ecologische problematiek gaat niet aan ons voorbij. Wanneer de burger bij hem thuis de nodige inspanningen doet om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen, dan verwacht hij ook van de overheid dat die hetzelfde doet. Bijvoorbeeld met een milieu-audit van alle dienstgebouwen. Ook moet er nagedacht worden over de mobiliteitsplannen, over carpoolen en over het optrekken van de fietsvergoeding tot de al zo lang beloofde 0,20€/km. En ook telewerk moet herbekeken worden als een volwaardig alternatief.

■ 13


■ FEDERALE OVERHEID

ACV Openbare Diensten

Verdeel en Heers! ■ Op 9

januari werden de vakbonden van de FOD B innenlandse Z aken op bijzonder informele wijze ervan op de hoogte gebracht dat de A lgemene D irectie Civiele Veiligheid (ADCV) ontmanteld zou worden en over vijf diensten zou versnip perd worden . D e nieuwe minister bleek al op zijn eerste werkdag het besluit hiervoor getekend te hebben . Van een werkijver gesproken !

D oor : Marc Saenen

Momenteel dus vijf diensten in plaats van 1 adcv: ■

■ ■

Het dagelijks beheer van het federaal opleidingscentrum voor de hulpdiensten en de logistiek gaat naar de dienst P&O. De operationele expertise en de opleiding van de leden van de hulpdiensten gaat naar het Kenniscentrum. Rampenplanning en alarmering, evenals voorlopig het beheer van de operationele eenheden komt in handen van het Crisiscentrum. Hervorming en rampendienst: Diensten van de Voorzitster. Brandpreventie en beheer van de gebouwen van de operationele eenheden en voorlopig de rest van de algemene directie wordt de bevoegdheid van de dienst Veiligheid en Preventie.

Bovendien zullen op termijn twee nieuwe Algemene Directies worden opgericht: ■ Het beheer van de operationele eenheden. ■ De rest van de vroegere Algemene Directie. (En wat dan met de juridische dienst en de financiële dienst?) Kortom: Zeven diensten in plaats van één ADCV!

En waarom dan wel? ■

Tot op heden werd er geen enkele functionele verantwoording gegeven voor deze splitsing! Wel ziet het ACV-Openbare Diensten enkel problemen rijzen: ■

Door de ADCV te versnipperen zal men de bestaande knowhow tussen diensten die van verschillende directies afhangen doen verslappen. Dat zal ongetwijfeld naar overtollige taken binnen de diensten leiden. Het risico is groot dat de interpretaties in functie van de dienst zullen verschillen. Het is evident dat de burgers, de plaatselijke overheden, de leden van de hulpdiensten… niet meer zullen weten tot welke dienst ze zich zullen moeten richten om een informatie te bekomen.

14

Bovendien zou de spreiding van de verschillende bevoegdheden binnen verschillende onafhankelijke diensten gevolgen kunnen hebben voor het functioneren van die diensten zelf: met zoveel onafhankelijke diensten wordt het risico op slechte communicatie en misverstanden vermenigvuldigd. ■ En de managementoplossing om voor gelijk wat samenwerkingsakkoorden af te sluiten zal alleen maar de administratieve last verhogen. Een belangrijke vraag hierbij is hoe deze versnippering te rijmen valt met de doelstelling van de politiehervorming? In tegenstelling tot wat er met de ADCV gebeurt, heeft men de politiediensten met elkaar geïntegreerd!

Conclusie: Het is duidelijk dat deze ondoordachte hervorming door minister De Padt en de Voorzitster van de FOD niet om functioneel/organisatorische maar wel om puur politieke redenen gebeurt. De niet-verlenging van het mandaat van de Directeur-generaal van de ADCV is hier zeker niet vreemd aan.

■ februari 2009 De Nieuwe Tijd


FEDERALE OVERHEID

ACV Openbare Diensten

Op bezoek bij Minister Turtelboom Eisenpakket voor Gesloten Centra ■ D e vakbonden dienen het eisenpakket voor de G esloten Centra in D oor : Marc Saenen Op woensdag 7 januari hadden de drievakbonden een onderhoud met het Kabinet van minister Turtelboom (directeur van de beleidscel mevr. Greetje Smet) om het eisenpakket van de Gesloten Centra voor Illegalen toe te lichten. Ook de top van Dienst Vreemdelingen Zaken (mevr. Bergans, De heren Roosemont en Sengeleng) alsook de personeelsdienst van de FOD (de heren Van Raemdonck en Hovart) was aanwezig. Dit was het eerste contact over het eisenpakket, nog niet zozeer de start van de onderhandelingen, maar eerder een gesprek om de eisen toe te lichten en in hun juiste context te plaatsen. Het eisenpakket omvat vier aparte luiken:

Kwantitatief luik In dit hoofdstuk willen we de premies ter sprake brengen: ■ De gevarenpremie moet integraal del uitmaken van het barema en zo in rekening kunnen gebracht worden voor de berekening van het pensioen; ■ De invoering van een weekendpremie; ■ Een functionele premie voor het gebruik van vreemde talen; ■ Transparantie bij de toekenning van de premie leidinggevenden.

Kwalitatief luik

Het luik loopbanen

Eerst en vooral moet de eindeloopbaanproblematiek en de erkenning van het belastend beroep besproken worden. ■ De recuperatieregeling voor treinstakingen en dergelijke moet op uniforme wijze toegekend worden voor heel de FOD. ■ De 36-urenweek is een recht voor iedereen die in een centrum werkt.

Het luik Veiligheid

Dit was in een notendop een samenvatting van de eisen. In de volgende fase zal het kabinet en de administratie bekijken wat dit budgettair betekent en welke prioriteiten zij zelf wenst te leggen. De vakbonden evenwel dringen aan op een snelle start van de uiteindelijke onderhandelingen. Daarom wordt een volgende ronde met het kabinet voorzien voor maandag 16 februari 2009

■ ■ ■ ■

De gratis professionele psychologische hulp na een conflict dient transparanter en geoptimaliseerd: Een betere hospitalisatieverzekering; Een evaluatie van de opleidingen van het personeel dringt zich op; Voldoende budgetten voor logistieke en infrastructurele omkadering; En vooral, de eerdere afspraken met de minister (1 september 2008) op het gebied van de beheersing van Smex en bewoners met een storend afwijkend gedrag moeten uitgevoerd worden.

Van de uitvoering van de loopbaanhervorming met inbegrip van de organisatie van de gecertificeerde opleidingen dient dringend werk gemaakt. ■ De invoering van een loopbaan directiesecretaris niveau B. ■ De functie van adjunct van de directeur dient gelijk geschaald te worden met de analoge functie binnen het gevangeniswezen.

Een nieuwe Openbare Instelling van Sociale Zekerheid, meer mogelijkheden voor de federale ambtenaren? Door: Johan Lippens EHealth platfom is een Instelling van Sociale Zekerheid die vorig jaar in de steigers werd gezet. Nu begint stilaan duidelijk te worden wat deze nieuwe instelling zal inhouden. Voor diegene onder jullie die denken dat een nieuwe instelling ook nieuwe werkgelegenheid betekent heeft het mis. Het doel van eHealth bestaat erin om een beveiligd elektronisch platform te worden waar alle betrokkenen uit de gezondheidszorg informatie kunnen uitwissen met respect voor de persoonlijke levenssfeer. In het verleden werd dit ook reeds

De Nieuwe Tijd februari 2009

gedaan voor de sociale zekerheid via de kruispuntbank van sociale zekerheid. Het probleem voor ons stelt zich hoofdzakelijk dat eHealth platform zal bevolkt worden door informatici via de Maatschappij van Mechanografie (de Smals), een vzw dat informatica personeel levert via een dienstencontract aan OISZ. ACV-Openbare Diensten betreurt deze keuze. We denken onder andere aan het recent afgesloten sectoraal akkoord 2007-2008 voor de federale ambtenaren waarin een mogelijkheid wordt voorzien om via een proefproject ambtenaren binnen de ICT sector op niveau B aan te werven via eerder verworven

competenties (EVC). Het is dan ook een gemiste kans om in eHealth onmiddellijk beroep te doen op de maatschappij van mechanografie en niet eerst de mogelijkheid te onderzoeken om ambtenaren via EVC aan te trekken. ACV-Openbare Diensten blijft dan ook betreuren dat departementen en instellingen beroep blijven doen op informatici via externe bedrijven, terwijl wij samen met de overheid alle nodige onderhandelingen voeren om een oplossing te vinden voor het probleem van de rekrutering van informatici in het statutair ambt! 15


■ FEDERALE OVERHEID

ACV Openbare Diensten

Veiligheidskorps ■ Het Veiligheidskorps is in 2003 opgericht en hoort bij de federale O verheidsdienst Justitie, meer bepaald bij de penitentiaire inrichtingen . D e personeelsleden van het Veiligheidskorps nemen enkele taken over van de politie, zoals onder meer het overbrengen van gedetineerden, en het handhaven van de orden in hoven en rechtbanken . D eze veiligheidsbeambten zijn telkens geïntegreerd in de lokale politiezones, maar vallen onder de verantwoordelijkheid van de minister van J ustitie. B ij opdrachten in verband met illegalen, vallen zij onder de verantwoordelijkheid van de minister van B innenlandse Z aken . D oor : Amélie Janssens De belangrijkste opdrachten van het Veiligheidskorps zijn: ■ het handhaven van de orde in de hoven en rechtbanken en andere plaatsen waar een magistraat of een lid van het openbaar ministerie zijn ambt uitoefent; ■ het bewaken van gevangenen bij hun verschijning voor een hof of rechtbank; ■ het overbrengen en bewaken van gevangenen tussen de gevangenissen en de hoven en rechtbanken; ■ het overbrengen en bewaken van gevangenen tussen de gevangenissen; ■ het overbrengen en bewaken van personen die illegaal in het land verblijven naar een gesloten centrum of naar een grens voor hun verwijdering uit het land; ■ het overbrengen en bewaken van vreemdelingen vanuit een gevangenis naar een gesloten centrum of naar een grens voor hun verwijdering uit hun land; ■ het uithalen en bewaken van gevangenen uit de gevangenissen om medische if humanitaire redenen; ■ het overbrengen en bewaken van minderjarigen naar en tussen specifieke instellingen (op verzoek van de gerechtelijke overheden); ■ … De belangrijkste taak van de veiligheidsbeambten is te zorgen voor de bewaking: zij moeten voorkomen dat de personen die zij begeleiden ontsnappen. Het zijn wel de politiediensten die voor de bescherming moeten instaan. Zij moeten maatregelen nemen zodat er geen ontsnapping met hulp van buitenaf kan gebeuren. Bij het uitvoeren van hun opdrachten mogen de veiligheidsbeambten: ■ dwang gebruiken; ■ personen aanhouden en overbrengen in hoven en rechtbanken waartegen een bevel tot uitvoerig van een vrijheidsbenemende maatregel werd getroffen; ■ personen vasthouden; ■ personen in hoven en rechtbanken, gevangenissen, inrichtingen tot bescherming van de maatschappij, gesloten centra voor illegalen of specifieke instellingen voor minderjarigen bestuurlijk vasthouden; 16

gevangenen en personen in hoven en rechtbanken fouilleren; ■ voorwerpen en dieren in ebslag nemen; ■ de identiteit controleren van personen in hoven en rechtbanken, gevangenissen, inrichtingen tot bescherming van de maatschappij, gesloten centra voor illegalen of specifieke instellingen voor minderjarigen. Bron: Brochure ‘Het veiligheidskorps’, federale overheidsdienst Justitie Op 15 januari heeft het veiligheidskorps actie gevoerd naar aanleiding van een ontvluchting eerder die dag. Een gedetineerde die moest voorkomen bij de Kamer van Inbeschuldigingstelling werd tijdens de zitting bevrijd door enkele gewapende kompanen van buitenaf. Dit was de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen voor de personeelsleden van het veiligheidskorps. Na afloop van de gebeurtenissen werden de begeleiders van de gedetineerden zelf verantwoordelijk geacht, terwijl zij volledig correct hebben gehandeld. Gezien hun beperkte mogelijkheden, konden zij enkel de overige aanwezigen in veiligheid brengen, maar moesten zij verder wachten op een politiepatrouille. We spraken met Michel Detilloux, veiligheidsbeambte, en met enkele van zijn collega’s. “Een van de belangrijkste problemen is ons statuut. Wij hebben enkel een uitvoerende functie, we hebben geen inbreng in de organisatie of het beleid van een gebouw. We

zouden beter een afvaardiging krijgen in het comité voor preventie en veiligheid binnen de verschillende paleizen. Dan zouden we mogelijke pijnpunten kunnen aankaarten. Tenslotte worden wij er dagelijks mee geconfronteerd en voelen we dus goed aan waar het beter zou kunnen.” “Bovendien zou een uitbreiding van onze taken en bevoegdheden ons ook een hele stap vooruit helpen. Ik denk dan bijvoorbeeld aan het mogen stoppen van het verkeer als we met een celwagen de baan op zijn, het zogenaamde ‘prioritair rijden’. Wanneer we nu een gedetineerde van de gevangenis naar een rechtbank moeten brengen, staan we vaak een tijdlang te wachten vooraleer we verder kunnen in het verkeer. Dat zorgt natuurlijk voor een groter risico op ontsnappingen of overvallen. In Nederland bijvoorbeeld, hebben de veiligdheidsbeambten de volledige bevoegdheid van een agent.” “We vragen vooral dat onze job erkend en gerespecteerd wordt. Er zijn op dit moment gewoon te weinig richtlijnen op het vlak van veiligheid, en soms mogen we onze taken zelfs niet uitoefenen omdat betrokken partijen ons niet kennen. Dit kan zo niet langer. Bovendien zorgen ook de vele verschillen tussen de politiezones ervoor dat er geen eenduidig statuut is, en geen eenvormige richtlijnen.” “Na onze actie op 15 januari is ons beloofd dat in komende onderhandelingen onze taken zouden herzien worden. Het blijft voorlopig nog afwachten.” ■ februari 2009 De Nieuwe Tijd


BIJZONDERE KORPSEN

ACV Openbare Diensten

Scheepvaartpolitie D oor : Jos Stragier

Problematiek Eind september, begin oktober 2008 vernamen we via diverse bronnen dat de controles te water bij de scheepvaartpolitie, sporadisch en op sommige plaatsen zelfs niet meer konden worden uitgevoerd, door gebrek aan budget. Het probleem is niet nieuw en was een jaarlijks terugkerend fenomeen. De eerste helft van het jaar waren er nooit problemen. De problemen doken steeds op rond augustus en september. Het personeel dat gemotiveerd zijn taken wenst uit te voeren, werd in die periodes steeds beperkt in de uitvoering van de diverse wettelijk voorziene taken. Het personeel van de scheepvaartpolitie en hun dienstchefs stonden met de rug tegen de muur en bevonden zich in een oncomfortabele situatie. Een tweede en tevens financieel gekoppeld probleem, is de invulling van het aantal personeelsleden van de scheepvaartpolitie. De overheid stelt een personeelsplan op waarin het minimum aantal personeelsleden per gradengroep wordt vastgelegd. Dit plan vermeldt het aantal noodzakelijke plaatsen van een politiedienst. De berekening is gemaakt op een minimale bezetting van alle diensten. Rendabiliteit en optimale werking. Indien deze minimale normen niet ingevuld zijn betekent dit dat het resterende personeel van deze diensten extra moet werken, m.a.w. overuren presteren en extra weekendprestaties moet uitvoeren. De arbeidsuren en het aantal nachten en weekends dat het personeel mag werken is, gelukkig maar, beperkt door de wetgever, zoniet zou het welzijn van het familiale leven daar sterk onder te lijden hebben. Door de budgettaire problemen van de scheepvaartpolitie werd het rekruteren van bijkomend personeel op de lange baan geschoven. De dienstchefs konden niet anders dan een minimale dienstverlening voorzien, enerzijds rekening houdende met de arbeids- en rusttijden van het personeel en anderzijds geremd door de budgettaire beperkingen.

Grootste problemen in Gent De problemen tekenden zich het scherpst af bij de scheepvaartpolitie van Gent. Meteen de reden waarom de problematiek aangekaart werd op het basisoverlegcomité van de federale politie te Gent. De overheid kon de berichten die we hadden noch De Nieuwe Tijd februari 2009

tegenspreken, noch bevestigen. Bijgevolg werd een stakingsaanzegging aangekondigd. Hierdoor moest de problematiek voor onderhandeling doorgeschoven worden naar het hoger overlegcomité.

Ondanks een blijvend tekort van 6 personeelsleden hopen wij dat de voorgestelde en vacante plaatsen snel zullen bezet zijn zodat de werklast voor het overige personeel kan verminderen.

Binnen het hoger overlegcomité ontvingen we van de overheid geen afdoende uitleg. De stakingsaanzegging werd bijgevolg aan de Minister van Binnenlandse Zaken overgemaakt. Hiervoor werd front gevormd met het ACOD, NSPV en VSOA. De stakingsaanzegging werd door ons voorzien tot 31/01/2009.

Budgetten

Op 16/12/2008 werd op de sluis te Kallo een 2.30 uur durende waarschuwingsactie gevoerd. De overheid kwam ter plaatse en deelde ons mee dat we verwacht werden bij de burgemeester van Antwerpen. Daarna dienden we ons te begeven naar de federale politie te Antwerpen, waar een delegatie van de vakbonden te woord werden gestaan door commissaris-generaal Koekelberg, directeur-generaal Libois en andere vertegenwoordigers van de overheid. De personeelsproblemen en de budgettaire problemen werden uitvoerig toegelicht aan de overheidsvertegenwoordigers. Concreet werd er afgesproken dat de overheid ons zou contacteren en een oplossing zou voorstellen tegen 06/01/2009. Op 06/01/2009 kregen de vakbonden een toelichting van de overheid. Er zijn tot heden 33 personeelsleden te kort volgens de wettelijk voorziene minimale norm. De overheid deed het volgende voorstel: Personeel 1. De detachering van één officier die nu in Antwerpen werkt, wordt beëindigd. 2. 2 officieren zullen aan het effectief van de scheepvaartpolitie toegevoegd worden en gerekruteerd worden via de school voor officieren. 3. 6 personeelsleden die van de DAR afgedeeld zijn bij diverse eenheden van de scheepvaartpolitie krijgen de mogelijkheid om mits hun akkoord herplaatst te worden in hun functie. Vanaf het ogenblik van herplaatsing zullen ze de nodige opleidingen kunnen volgen. 4. Bijkomend zal de overheid via rekrutering bij de politiescholen nog 19 personeelsleden toevoegen aan de diverse eenheden.

Betreffende de inconveniënten stelt de overheid dat er rekening houdende met de noodwendigheden een minimaal bedrag van € 3.558.906 voorzien wordt voor de scheepvaartpolitie, dit is een stijging van ongeveer € 600 000.

Consultatie militanten Voorgaande voorstellen van de overheid werden op 08/01/2009 voorgelegd aan de militanten van de diverse vakbonden. Er werd beslist het voorstel van de overheid te aanvaarden en de stakingsaanzegging op te zeggen.

Conclusie We kunnen concluderen dat het effectief van de personeelsleden met 27 personeelsleden op korte termijn aangevuld zal worden. Er blijven hoe dan ook nog steeds 6 personeelsleden tekort, rekening houdende met het minimale effectief. Het ACV-Openbare Diensten politie stelt als bijkomende eis dat de budgetten die verdeeld worden aan de diverse scheepvaartpolitiediensten zodanig moeten worden ingeschreven dat men de volle 12 maanden alle diensten kan blijven uitvoeren. Geen enkele maand mag te lijden hebben onder enige beperking. Geen enkel personeelslid mag in gevaar komen omdat men de nodige opleiding niet heeft kunnen volgen wegens budgettaire perikelen. Wij feliciteren de politionele overheid voor hun creatieve inzet en hopen dat we in de toekomst sneller gehoor krijgen. We wensen echter te waarschuwen indien de regering verdere besparingen op het nationale budget aan de politiediensten oplegt, men de veiligheid van de burger en het personeel ernstig in het gedrang brengt. De toenmalige Minister van Binnenlandse Zaken behield, zoals gewoonlijk, het gekende en hem typerende stilzwijgen! ■ 17


■ BIJZONDERE KORPSEN

ACV Openbare Diensten

Nieuwe pensioenberekening voor militairen in werking gesteld (Deel 1) ■ Het akkoord op 5 december 2008 afgesloten tussen de Minister van D efensie en drie syndicale organisaties voorziet in de herziening van de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de krijgsmacht, gekend onder de benaming: “G emengd loopbaanconcept ” (GLC). D oor : Walter Van den Broeck Het akkoord op 5 december 2008 afgesloten tussen de Minister van Defensie en drie syndicale organisaties voorziet in de herziening van de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen van het actief kader van de krijgsmacht, gekend onder de benaming: “Gemengd loopbaanconcept” (GLC). Deze herziening is gebaseerd op de politieke oriëntatienota van Pieter De Crem van juni 2008. Zo wordt de interne mobiliteit of overgang van militair personeel naar het burgerkader van Defensie niet langer vooropgesteld in de aantallen waar het gemengde loopbaanconcept van uitging, namelijk 10.000 burgerfuncties. Militairen die voldoen aan de gevraagde competentie-eisen van de opengestelde burgerfuncties komen vanzelfsprekend in aanmerking om deze in te vullen. Het oriëntatiepunt en de opdeling in drie doelgroepen, vermeld in het gemengde loopbaanconcept, worden door een actief externe mobiliteitsbeleid overbodig. Al deze veranderingen maken het inwerkingtreden van de wet van 28 februari 2007 (GLC) op 1 januari 2009 onmogelijk. Het sectoraal akkoord beoogt wel het op korte termijn inwerkingstellen van de artikelen uit de wet GLC met betrekking tot het nieuwe pensioensysteem.

Toelagen die meetellen voor de pensioenberekening Op 10 februari 2008 (Belgisch Staatsblad van 3 maart 2008) verschijnt een Koninklijk Besluit die het artikel 195 van de wet van 28 februari 2007 (wet gemengd loopbaanconcept) in werking stelt op 1 januari 2009. Dit houdt in dat per personeelscategorie, één toelage in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de rust- en overlevingspensioenen. (zie verder) Noodzakelijke wetswijziging om het nieuwe pensioensysteem te activeren Op 22 december 2008 (Belgisch Staatsblad van 29 december 2008) vinden we een eerste wetswijziging terug. Hoofdstuk 3. – Autonome bepaling betreffende de militaire pensioenen. Art 3. Voor de toepassing van artikel 4, zesde lid, van de bij het koninklijk besluit nr. 16020 van 11 augustus 1923 samengeordende wetten op de militaire rustpensioenen, worden de militairen van het actief kader, in dienst op datum van de inwerkingstelling van deze bepaling, geacht hun transferpunt voorbij te zijn. Het transferpunt in de wet GLC werd gedefinieerd als het ogenblik dat de periode tussen het oriëntatiepunt en hetzij het verlies van de hoedanigheid van militair in geval van een interne of externe overgang, hetzij de aanvang van de voortgezette militaire loopbaan (= de transferperiode) afsluit. Door de wet GLC te herbekijken en niet in zijn geheel in werking te stellen op 1 januari 2009, is er dus voor de huidige militair geen sprake van een oriëntatiepunt, een transferperiode en een transferpunt. 18

In de nieuwe pensioenberkening krijgt elke militair in dienst vanaf de datum van inwerkingstelling een tijdsbonificatie van twee jaar werkelijke dienst op voorwaarde dat deze militair het transferpunt voorbij is en ten minste twaalf pensioenaanspraakverlenende dienstjaren telt in de hoedanigheid van militair van het actief kader. Door elke militair voorbij zijn transferpunt te plaatsen, kan na activering van de artikelen betreffende het pensioen uit de wet GLC, ook daadwerkelijk de nieuwe berekening van kracht gaan. In werkingstelling artikelen wet GLC en KB van 14 juni 2009 Op 7 januari 2009 (Belgisch staatsblad van 16 januari 2009) verschijnt het Koninklijk besluit tot inwerkingstelling van de artikelen met betrekking tot de pensioenberekening van de wet GLC en tot inwerkingstelling van het Koninklijk besluit van 14 juni 2007 houdende bepalingen betreffende het pensioen en aanpassing van de loopbaan van de militairen van het actief kader. Dit houdt de volledige implementatie in van de nieuwe pensioenberekening. Wat zijn de belangrijkste verschillen met de vorige pensioenberekening? februari 2009 De Nieuwe Tijd


BIJZONDERE KORPSEN

ACV Openbare Diensten

1. Nieuwe leeftijdsgrenzen voor bepaalde categorieën Vorige leeftijdsgrenzen

Nieuwe (GLC)

Soort personeel

Ander (1)

LuM (2)

Alle (3)

Luitenant-Generaal

61 jaar

58 jaar

61 jaar

Generaal-Majoor

59 jaar

56 jaar

59 jaar

Kolonel

56 jaar

54 jaar

56 jaar

Luitenant-Kolonel

55 jaar

52 jaar

Majoor

50 jaar

Kapitein en Kapitein-Commandant

51 jaar

Onderluitenant en Luitenant

50 jaar

Militairen beneden de rang van officier

56 jaar

Militairen beneden de rang van officier die behoren tot het gebrevetteerd varend personeel van de Landmacht, de Marine en de Medische Dienst

51 jaar

45 jaar

56 jaar

Militairen beneden de rang van officier gebrevetteerd luchtvarend personeel op 1 Okt 83

45 jaar

Militairen beneden de rang van officier gebrevetteerd luchtvarend personeel na 1 Okt 83

51 jaar

Voor de militairen die in dienst zijn voor 1 januari 2009 zijn er overgangsmaatregelen uitgebracht voor: ■ De berekening van de nieuwe leeftijdsgrens. De militair die op 31 december 2008 zich op minder dan 5 jaar van de leeftijdsgrens bevindt, zal op rust worden gesteld op de leeftijdsgrens van toepassing in het oude systeem. De militair die op 31 december 2008 zich op meer dan 5 jaar van de leeftijdsgrens bevindt, zal op rust worden gesteld op de leeftijdsgrens van toepassing in het oude systeem, vermeerderd met het aantal volledige jaren dan hen scheidt van het ogenblik waarop ze 5 jaar van de leeftijdsgrens zullen zijn. ■ Verlenging van de loopbaan. De militair heeft de mogelijkheid van zijn loopbaan te verlengen tot ten laatste het einde van de trimester waarin ze de nieuwe leeftijdsgrens overeenkomstig met hun graad bereikt hebben. Deze regel is niet van toepassing voor de militair die geniet van het systeem van halftijds vervroegde uitstap of van disponibiliteit. ■ Behoud van de vorige leeftijdsgrens. De officieren en de militairen van het varend personeel die op 31 december 2008 een graad of brevet bekleden waarmeer ze ambtshalve op rust gesteld werden bij het bereiken van de leeftijdsgrens van 51 jaar, kunnen een pensioen op aanvraag bekomen op de eerste dag van het trimester dat volgt op het bereiken van de leeftijd van 51 jaar. Voorwaarde is dat de officier op 31 december 2008 ten minste de volle leeftijd van 42 jaar en dat de militair van het varend personeel de volle leeftijd van 35 jaar bereikt heeft. 2. Bonificaties Studiebonificaties In de vroegere pensioenregeling werd voor de officieren de werkelijke dienstjaren forfaitair met 2 jaar verhoogd uit hoofde van voorafgaande studies. Voor de officieren die hun vorming ontvingen in de Koninklijke militaire school (KMS) was deze bonificatie afhankelijk van de studierichting hieronder vermeld:

Studierichtingen KMS

(1) Personeel dat geen deel uitmaakt van het gebrevetteerd varend personeel van de Luchtmacht (2) Gebrevetteerd varend personeel van de Luchtmacht (3) Alle militairen – alle machten

Een militair wordt op rustpensioen gesteld op het einde van het trimester waarin zij de leeftijdsgrens bereiken. Voor bijzondere functies blijven uitzonderingen bestaan. ■

De CHOD De chef van Defensie heeft als leeftijdsgrens deze overeenkomstig met zijn graad, vermeld in het kader hierboven. De chef van Defensie mag zijn mandaat afwerken en kan dus de leeftijdsgrens overschrijden. Hij zal op rust gesteld worden op het einde van zijn mandaat.

Onderstaande opperofficieren kunnen hun loopbaan verlengen tot maximum: Max 67 jaar

Militair Commandant van het Paleis der Natie

Max 65 jaar

Opperofficieren voltijds verbonden aan de Koning of aan een lid van de Koninklijke Familie

Max 65 jaar

Aantal jaren

Sociale en militaire wetenschappen

3 jaar

Polytechnische faculteit

3 jaar

Geneesheren

5 jaar

Apothekers en dierenartsen

4 jaar

Vanaf 1 januari 2009 (Wet GLC) wordt de werkelijke dienstjaren verhoogd met de officieel vereiste studieduur voor het behalen van één of meerdere diploma’s, als het bezit van deze diploma’s een voorwaarde heeft uitgemaakt waaraan de betrokkene heeft moeten voldoen, hetzij ter gelegenheid van zijn aanwerving, hetzij ter gelegenheid van een latere benoeming. Het alzo bekomen aantal dienstjaren mag niet meer bedragen dan de voorziene pensioensleeftijd min 19 jaar. Deze bonificatie wordt enkel toegekend voor de diploma’s van universitair en niet-universitair hoger onderwijs en van hoger technisch, zeevaart- of kunstonderwijs met volledig leerplan, die overeenstemmen met studies van een duur die gelijk is aan of hoger dan twee jaar. ■

Hoofd van het Militair Huis van de Koning

Loopbaanbonificatie (Wet GLC) Vanaf 1 januari 2009 wordt aan alle militairen een loopbaanbonificatie toegekend van twee jaar op voorwaarde dat ze het transferpunt voorbij zijn en ten minste twaalf pensioenaanspraakverlenende dienstjaren tellen die werden doorgebracht in de hoedanigheid van militair van het actief kader, met uitzondering van de bonificaties toegekend wegens studies en van andere periodes vergoed wegens diensten die voor de vaststelling van de wedde meetellen.

In De Nieuwe Tijd van maart brengen we u het vervolg op dit artikel De Nieuwe Tijd februari 2009

19


■ VERVOER

ACV Openbare Diensten

De Lijn: Eisenbundel CAO 2009-2010 en nog veel meer! ■ Zoals jullie weten werd eind vorig jaar een interprofessioneel akkoord (IPA) afgesloten. Het ACV heeft nog voor de kerstvakantie zijn voornaamste bekommernissen en eisen geformuleerd. Begin februari werd met de andere bonden – ACOD en ACLVB – een gemeenschappelijk eisenbundel opgemaakt. D oor : Jan Coolbrandt

Een kort overzicht met wat commentaar: 1. Alhoewel de omstandigheden niet mee zitten – zie verkiezingen voor een nieuwe Vlaamse regering - wensen wij ook nu een CAO voor de duur van twee jaar af te sluiten. 2. In deze tijden van onzekerheid vragen wij toch werkzekerheid en het behoud van de verworven rechten. Ook hier zullen wij waakzaam moeten zijn opdat landelijke en lokale afspraken gerespecteerd blijven. 3. In verband met de geldelijke loopbaan blijven wij pleiten voor een verlen-ging van alle loopbanen (de zogenaamde jaarlijkse/tweejaarlijkse verho-gingen) voor alle beroepscategorieën. 4. Wij blijven voorstander van het verhogen van het aantal dagen anciënniteitsverlof. 5. Mobiliteit zal de komende maanden en jaren duurder worden. Daarom pleiten wij voor een mobiliteitsplan voor De Lijn met de invoering van de fietsvergoeding, alsook een verhoging van de verplaatsingsvergoedingen ingeval van woon- werkverkeer, ontstentenis openbaar vervoer, gesplitste diensten en verplaatsingen van het reserve-personeel.

6. Laten wij ook nog herinneren aan de uitvoering van de CAO 2007-2008 betreffende de herwaardering van de technische diensten (zie ook de stu-die Stork). Het betreft een snellere doorgroei naar het bis- en ter-barema en de verhoging van de wachtpremie. Met betrekking tot STORK zal De Lijn in februari de conclusies voorleggen. In het kader van de publieke-private samenwerking (noot: het PPS-verhaal kan geen succes worden genoemd. We stellen vast dat de over-heid veel – te veel - middelen moet ophoesten, de waarborgen op tafel moeten leggen om de projecten rond te krijgen. En de private sector? Zij worden er alleen maar beter van) mag het onderhoud van onze bussen en trams niet worden uitbesteed. 7. Een verhoging van de zaterdagvergoeding, de vergoeding voor gesplitste diensten en van de vergoeding voor nachtwerk. 8. De perequatie voor de niet-actieven. 9. De indexering van het syndicaal fonds. 10. En last but not least moeten wij het hier ook hebben over de koopkrachtverhoging. Onze prioriteit blijft ook vandaag een algemene forfaitaire en recurrente koopkrachtverhoging van 30 euro (bruto) per maand en dit vanaf 1 januari 2009.

Conclusie: Wij hopen dat nog voor eind februari de onderhandelingen over een CAO 20092010 kunnen worden opgestart. En het worden zeker geen gemakkelijke onderhandelingen! Toch zijn er ook nog andere belangrijke zaken die ons als vakbond moeten bezig houden. Met betrekking tot de arbeidsomstandigheden blijft de problematiek van de rij- en rusttijden onze volledige aandacht opeisen. De combinatie arbeid en gezin (zie ook tijdskrediet en andere stelsels) moet ook bij De Lijn aangepakt worden. Tevens moeten wij toezien op de uitvoering van het programma ‘sanitaire installaties’. Wij zullen ook meer aandacht moeten schenken aan de overgang van zwaar naar licht werk. Met betrekking tot de werkorganisatie blijven wij voorrang geven aan voltijdse tewerkstelling. Het aanwerven via deeltijdse contracten blijft voor ons een uit-zondering en sowieso moeten de aantallen, de voorrangregels en de grenzen worden vastgelegd. Betreffende de eindeloopbaan willen we graag herinneren aan het feit dat De Lijn onze brugpensioenregelingen heeft verlengd tot eind 2010. Hoe dan ook zullen wij in de toekomst ook meer aandacht moeten hebben voor de vraag hoe oudere werknemers aan de slag kunnen blijven via een aangepast personeelsbeleid (zie o.a. de stelsel tijdkrediet, de werkorganisatie, …).

■ 20

februari 2009 De Nieuwe Tijd


VERVOER

ACV Openbare Diensten

Bom bij Sabena Technics: 371 ontslagen! ■ Tijdens

de speciale ondernemingsraad van donderdag 22 januari werd bij Sabena Technics bekendgemaakt dat er werknemers het bedrijf zullen moeten verlaten . Een zoveelste mokerslag . D e directie haalde volgende elementen aan voor het verdwijnen van 1/3 (!) van het personeel:

371

D oor : Olivier Debecker - de huidige economische crisis: niemand zal ontkennen dat de huidige economische crisis niet bijdraagt tot het miljoenenverlies (13 miljoen euro) voor 2008. Maar volgens ons spelen ook andere factoren mee. Zo is een beloofde investering van 31 miljoen euro van de TAT-groep er nooit gekomen. Het is uiteindelijk de site in BRU die een autofinanciering van 31 miljoen euro heeft gedaan. De directie geeft dit ook zonder moeite toe. De wederopbouw van Hangar 40 heeft nooit plaatsgevonden. Toch heeft de maatschappij het geld van de verzekeringmaatschappij ontvangen. Foute managementbeslissingen, die de organisatiestructuur – vooral bij het management - alsmaar zwaarder maakten. Ondertussen ontbrak het op de werkvloer aan technische middelen en materialen om het werk naar behoren uit te voeren! Nochtans heeft de syndicale delegatie de laatste 3 jaar niets anders gedaan dan alarmbellen laten rinkelen over de ontelbare productieproblemen op de werkvloer. De directie heeft daar nooit iets mee gedaan!

- de niet-productiviteit van het personeel. Dat de directie dit als reden durft aan te halen is onaanvaardbaar! Het personeel van Sabena Technics heeft jarenlang inspanningen moeten leveren en heeft in 2008 nog meer dan 22.000 overuren gepresteerd. Het is ons een raadsel wat de directie met dergelijke verklaringen wenst te bereiken. Wenst zij ons voor te bereiden op de inleveringen van diegenen (ongeveer 720) die zou kunnen blijven? Mogen wij dan ook de vraag stellen welke de overlevingskansen zijn van wat nog zal resten van het destijds geroemde ‘Sabena Technics’?. En welke inspanningen zal de TATgroep leveren? En wat kan de overheid in deze moeilijke omstandigheden voor ons bedrijf doen?

In toepassing van de wet ‘Renault’ zijn we vrijdag 23 januari begonnen met de informatieronde. Deze ronde zal normaal een 3-tal weken in beslag nemen. Daarna beginnen we aan de onderhandelingen. Tijdens deze onderhandelingen zal het ACV zich alvast houden aan volgende principes: wij zullen nooit akkoord gaan met het presteren van de opzegtermijn voor diegenen die het bedrijf zullen moeten verlaten. Inleveringen op het loon (onder welke vorm ook) van diegenen die kunnen blijven zijn onaanvaardbaar! Wij zullen zeker vechten voor alle mensen die het bedrijf moeten verlaten, maar ook voor het voortbestaan van Sabena Technics!

Volgens de directie moet de Heavy maintenance verdwijnen omdat deze verlieslatend is. Dit baart ons echt grote zorgen voor de toekomst van het bedrijf, Wij denken dat dit geen goed concept is voor de huidige en de toekomstige klanten van Sabena Technics.

Het einde van Alitalia in België ■ Na jaren van aanhoudend verlies en ondanks de honderden miljoen euro overheidssteun houdt Alitalia op te bestaan. O p 12 januari werd het moederhuis Alitalia overgenomen door de financiële groep ‘la CAI’. KLM/Air France haalt dan hier toch ook zijn slag thuis. Voor een slordige 320 miljoen euro heeft deze groep 25% van de aandelen van het “N ieuwe A litalia” gekocht. D e mogelijkheid bestaat dat binnen een paar jaar de groep een meerderheidsparticipatie neemt. D oor : Olivier Debecker Het teloorgaan van Alitalia kost zowat 8000 werknemers hun baan. In België heeft Alitalia reeds een aantal herstructureringen achter de rug, mèt jobverlies. Toch vallen er nu nog 18 ontslagen. Spijtig genoeg heeft het ‘oude Alitalia’ deze sluiting op een onaanvaardbare manier aangepakt. Van de 18 werknemers werden er op 22 december al 12 ontslagen met het wettelijke minimum. Niets meer! De 6 overblijvende kregen een nieuw contract onder de neus geschoven op voorwaarde dat zij eerst zelf ontslag zouden nemen en op deze manier afstand doen van hun huidige arbeidsvoorwaarden (zoals beschreven in CAO De Nieuwe Tijd februari 2009

32bis) en hun anciënniteit. Over de nieuwe voorwaarden viel niet te onderhandelen. Alitalia heeft altijd elk gesprek hierover geweigerd en lapte het sociaal overleg aan zijn laars. Na hard verweer van de vakbonden, werd Alitalia verplicht om te praten. Dit wierp zijn vruchten af. De nieuwe contracten nemen nu toch de anciënniteit en de bestaande arbeidsvoorwaarden over. Toch hebben een aantal werknemers een nieuw contract met de nieuwe maatschappij alsnog geweigerd. De manier waarop de werknemers zijn behandeld laat een heel wrange smaak na! Zij hebben het beste van henzelf gegeven en krijgen dan een

ezelsstamp. Vele van onze gedupeerde leden hebben juridische bijstand gevraagd. Wij zullen alles in het werk stellen opdat hun rechten worden gerespecteerd! Wij zullen het ‘Nieuwe Alitalia’ moeten leren wat respect voor zijn werknemers betekent. Het sociaal overleg moet worden gerespecteerd. Het ACV zal hierop toezien.

■ 21


■ VERVOER

ACV Openbare Diensten

Beter zorgen voor de belangen van leden in de sector luchtvaart ACV-Openbare Diensten en ACV Transcom hebben beslist hun krachten te bundelen voor de sector luchtvaart. Samen lanceren we ACV-Aviation. De dienstverlening en syndicale belangenbehartiging zullen we voortaan samen organiseren vanuit ons nieuw secretariaat te Zaventem. We brengen op die manier zowel onze mensen als middelen samen om in te staan om te zorgen voor een beter dienstverlening, informatie en aanpak ten behoeve van onze leden. Op 9 februari is ACV Aviation officieel van start gegaan. De medewerkers bezochten in de voormiddag de verschillende bedrijven en diensten op en rond de luchthaven, en deelden tegelijk het driemaandelijks tijdschrift ‘Spotter’ uit. Dit kon alvast rekenen op heel wat positieve reacties.

ACV Aviation HOOGSTRAAT 19 – bus 15 1930 ZAVENTEM 3de verdieping TEL 02 208 24 43 FAX 02 549 08 03 www.acv-aviation.be aviation@acv-csc.be Ons kantoor is op volgende momenten open: Maandag tot en met donderdag van 08u45 tot 11u45 van 13u45 tot 15u45 vrijdag van 08u45 tot 11u45 Uiteraard kan je ook op afspraak terecht bij de secretarissen en medewerkers van ACV Aviation.

KORTE BERICHTEN

Autobus - Autocar Sociale programmatie 2009-2010 In het volgende nummer publiceren wij het eisenbundel voor de sector 140.01, 02 en 03. Bij het ter perse gaan was er nog geen overeenstemming over een gemeenschappelijke eisenbundel met de andere betrokken bonden, met name ACVTranscom en BTB.

Uitbetaling vakbondspremie 2008 Luchtvaart Bedrag:

Uitbetaling en procedure:

100 Euro.

Vanaf 15 maart e.k. worden de legitimatiekaarten door het Sociaal Fonds ‘Luchtvaart’ per brief bezorgd aan de werknemers van het P.C. 315.02. Van zodra deze kaart in ons bezit is gaan wij over tot de uitbetaling van de vakbondspremie. Gelieve deze kaart dan ook zo snel als mogelijk over te maken aan: ACV-Openbare Diensten, Sector Luchtvaart, Helihavenlaan 21 te 1000 Brussel.

Voorwaarden: Een voltijds lidmaatschapsbijdrage betaald hebben.

22

Luchtvaart Sociale programmatie 2009-2010 In het volgende nummer publiceren wij het gemeenschappelijke eisenbundel voor het P.C. 315.02. Bij het ter perse gaan was er nog geen overeenstemming tussen alle betrokken bonden.

februari 2009 De Nieuwe Tijd


PENSIOENEN

ACV Openbare Diensten

Pensioenen: back to basics ■ Begin dit jaar is de pensioenconferentie van start gegaan. Het is de bedoeling onze huidige pensioenstelsels door te lichten, te hervormen en versterken . I n deze context brengen we de basisprincipes achter onze pensioenstelsels . D oor : Joris Lermytte

Principe Het pensioenstelsel voor werknemers en zelfstandigen is fundamenteel een verzekering die tot doel heeft een inkomen te verschaffen aan wie niet meer actief is op de arbeidsmarkt. Verzekeringen onderscheiden zich van bijstandsregelingen doordat er een nauw verband tussen bijdragen en uitkeringen bestaat. Actieven verwerven pensioenrechten doordat bijdragen geheven worden op hun arbeid, door patronale bijdragen en door gemeenschapsmiddelen. Vanuit deze optiek is het rechtvaardig dat wie meer bijdraagt, meer rechten verwerft. Er is een beperkte solidariteit: enkel wie zelf bijdraagt aan het systeem kan rekenen op de bijdragen van anderen. In de openbare sector speelt een specifiek element: het uitgesteld loon. De pensioenen compenseren de lage lonen uit het verleden. In deze optiek kan men deze lage lonen beschouwen als een extra premie die betaald wordt door de werknemers in de openbare sector, waardoor men recht krijgt op een hogere uitkering.

Basisbescherming Deze strikte logica wordt gecorrigeerd door een component basisbescherming. Dit komt neer op een bijpassing vanuit sociale overwegingen. De diverse minimumregelingen voor pensioenen zijn hier een goed voorbeeld. Men gaat uit van behoeftes die moeten vervuld zijn om een menswaardig leven te kunnen leiden. Een ongelijkheid onder een bepaald niveau wordt moreel niet toelaatbaar geacht.

Sociale situaties Naast het minimum worden nog sociale correcties aangebracht. Ook deze sociale correcties zijn gebaseerd op verdelende rechtvaardigheid. Hier vertaalt zich dit in de mate van ongelijkheid die we moreel toelaatbaar achten en welke individuele kenmerken ongelijkheid kunnen verantwoorden. Zo kunnen professionele verdiensten, bijvoorbeeld het uitoefenen van een zwaardere functie en het verschaffen van motivatie aan zij die streven naar die De Nieuwe Tijd februari 2009

verdiensten ongelijkheid verantwoorden. Omdat we niet alle ongelijkheid, boven een bepaald minimum aanvaardbaar achten is solidariteit nodig: hier zit de ruimere sociale correctie van de verzekeringslogica.

Solidariteit We onderscheiden horizontale, verticale en intergenerationele solidariteit. Horizontale solidariteit betreft de solidariteit van ‘lage risicogroepen’ met ‘hoge risicogroepen’. In de context van de pensioenen zijn de hoge risicogroepen mensen die vroeg met pensioen gaan of langer van een pensioen genieten. Mensen die lang bijdragen en slechts kort van een pensioen zullen genieten behoren tot de lage risicogroepen. Een verzekering is in die optiek sociaal wanneer ze geen verschillende bijdragen vraagt afhankelijk van het risico. Verticale solidariteit betreft de solidariteit tussen de hogere en lagere inkomensgroepen. Het draagkrachtprincipe treedt hier op de voorgrond. Wie meer kan bijdragen aan een systeem moet dat ook doen zonder dat hier individuele voordelen tegenover staan. De verplichting om bij te dragen is hier dan ook noodzakelijk. In de context van pensioenen komt dit terug in de diverse maximumregelingen. Boven een bepaalde inkomensgrens moet men nog steeds bijdragen betalen, maar levert dit geen extra pensioen meer op. Deze vorm van solidariteit is niet in te passen in een verzekeringslogica opdat botst met de proportionaliteit tussen bijdragen en uitkeringen. Ze valt ook moeilijk te verenigen met individualisering en economisch-liberale logica omdat ze individuen, los van de aanwezigheid van een risico opzadelt met lasten van anderen. Verticale solidariteit staat vandaag dan ook onder druk. Intergenerationele solidariteit is de solidariteit tussen verschillende generaties, tussen actieven en gepensioneerden. De vorm van solidariteit is ingebakken in de pensioenstelsels die op repartitie gebaseerd zijn. De actieven betalen met hun bijdragen de pensioenen van gepensioneerden.

worden hier, als uitgestelde lonen gefinancierd met algemene middelen. De intergenerationele transfers verlopen hier meer via belastingen. De vergrijzing van de bevolking stelt de intergenerationele solidariteit op de proef. Wanneer er meer gepensioneerden zijn, zijn er minder actieven die steeds meer lasten moeten dragen. Ook dit draagt bij tot de huidige druk op de pensioenstelsels. Het moet duidelijk zijn dat er achter deze principes heel wat waarden verscholen zitten die we niet mogen opgeven. De vergrijzing en uitholling van het wettelijk werknemerspensioen vormen een bedreiging voor deze waarden. Wij zullen in deze context streven naar de versterking van die waarden.

Vragen over uw pensioen? U kunt bij ons terecht voor algemene informatie over pensioenen, vragen over de ramingen, betwistingen, ramingen en het bespreken van uw loopbaanopties. U kunt hiervoor terecht bij onze vakbondsconsulenten of bij de stafmedewerker pensioenen: openbarediensten.pensioenen@acv-csc.be .

Suggesties? We houden graag rekening met u. Heeft u suggesties voor deze rubriek dan kunt u ons deze bezorgen: openbarediensten.pensioenen@acv-csc.be

De meeste overheidsstelsels zijn evenwel niet gebaseerd op repartitie. Pensioenen 23


Vrouw en Vakbond: bewust en effectief communiceren op het werk D oor : Hilde De Leeuw De eerste bijeenkomst van de vrouwelijke militanten op 16 mei vorig jaar was een succes. Uit het evaluatieformulier kon men opmaken dat er nood was aan een cursus communicatie. Eerst werd een werkgroep opgericht (met militanten uit de verschillende geledingen) om na te gaan welke verzuchtingen er leven onder de vrouwelijke militanten en hoe we het geheel konden inkleden. Samen met VZW Arabel werd een leidraad uitgewerkt. Aan de hand daarvan is een cursus klaargestoomd. In elk gewest werd uiteindelijk minstens één cursus ingericht met als onderwerp: ”Bewust en effectief communiceren op het werk”. In de toekomst zullen we dit systeem verder volgen. Een hele dag wordt een training voorzien rond verbale en non-verbale communicatie. De deelnemers worden in groepjes ingedeeld om een aantal vaardigheden aan te leren. Verschillende principes worden tevens naar voor gebracht en beoefend. Eén van de onderwerpen is “netwerken”. Aan de hand van de definitie wordt dit onderwerp volledig uit de doeken gedaan. Hoe men contacten kan leggen, hoe netwerken moeten onderhouden worden en dergelijke meer. Iedereen kan naar haar aanvoelen en ervaring aanvullen en uitleggen hoe zij “netwerken” op de werkvloer ervaren. Een ander item dat wordt aangesneden is “assertiviteit”. Een paar oefeningen hebben de cursisten aangetoond hoe men zich best kan gedragen in gesprekken, op een overleg of onderhandeling. Ook lichaamstaal is één van de belangrijkste elementen waar men aandacht aan moet schenken. Uit lichaamstaal kan men niet alleen afleiden hoe men zich voelt, maar ook welke weg men wil volgen. Van-

uit de lichaamstaal kan men bepaalde signalen geven en respect afdwingen. De houding is met andere woorden één van de topitems.

Ieder kon een lijstje invullen om na te gaan bij welke categorie men het dichtst aanleunde. En dit leidde tot verrassende resultaten.

Er worden tips aangereikt en oefeningen gegeven om deze communicatie onder de knie te krijgen.

Op het einde van de dag had iedereen een stevige rugzak mee huiswaarts om het de volgende dag in de praktijk om te zetten.

Een derde onderwerp dat wordt behandeld is Gender: mannen- en vrouwentaal. Er is wel degelijk een verschil in beide taalculturen. Het oplossen van problemen en mensen aanspreken is verschillend. Dit kwam goed tot uiting tijdens de conversatie.

De cursus was een groot succes en in het najaar komt er zeker nog een vervolg.

De Nieuwe Tijd - februari 2009  

Het ledenblad van ACV-Openbare Diensten