Issuu on Google+

eindwerk cover 2012_Opmaak 1 3/07/12 09:04 Pagina 1

Deze handleiding is een praktisch naslagwerk voor wie een groot verslag, een masterproef of een afstudeerwerk schrijft. Dit handboek behandelt volgende onderwerpen: • Hoe begin je te schrijven? • Wat zijn de verplichte onderdelen? • Hoe breng je structuur aan in je ideeën? • Wat zijn de juiste taal, stijl en toon? • Hoe refereer je aan digitale en niet-digitale werken? • Welke vormgeving is verplicht? • Welke opmaak is gewenst? Een eerste bijlage behandelt vaak voorkomende spelling- en taalproblemen en biedt schrijvende studenten extra ondersteuning. Een tweede bijlage bevat een checklist voor een kwaliteitsvol eindwerk. Een film-uitlegsessie van 90 min. en een digitaal oefenpakket vervolledigen dit handboek. Herr Seele illustreerde en zorgde voor de cover. Leen Pollefliet, licentiate Germaanse Filologie (UGent), is al meer dan twintig jaar verbonden aan de Hogeschool Gent. Ze doceert er Communicatie aan studenten van de Geassocieerde faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen en Bio-ingenieurswetenschappen. Ze geeft ook regelmatig gastcolleges over presenteren en over schrijven van eindwerken aan andere hogescholen. www.leenpollefliet.be “Dit boek is niet alleen voor studenten een handige leidraad. Het is tevens een zegen voor de lesgevers in het hoger onderwijs die schriftelijke werkstukken begeleiden!” Eva Brems – Universiteit Gent “Het is belangrijk over dit heikele onderwerp de juiste dingen te schrijven. En dat doet Leen Pollefliet. Ze is praktisch, niet belerend. Ze schrijft kernachtig, niet oppervlakkig. Ze doet suggesties, legt niets op. Ik zou dus zeggen: lees het boek.” Rik Torfs – Katholieke Universiteit Leuven “Van ‘helder in het hoofd’ tot ‘helder op papier’ is een lange weg en zonder betrouwbare gids met ongelofelijk veel aandacht voor detail, is het een zattemansgang waarvan het eindpunt doorgaans de goot is. Kort en bondig, dit boek is zo’n gids.” Jean Paul Van Bendegem – Vrije Universiteit Brussel

Schrijven: van verslag tot eindwerk • do’s & don’ts • Leen Pollefliet

Een eindwerk is de bekroning en het sluitstuk van studies in het hoger onderwijs. De kwaliteit ervan wordt bepaald door de inhoud en de opmaak die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Vijfde herwerkte druk


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XI

Inleiding Waarom is een eindwerk schrijven een onvervangbare persoonlijkheidsoefening? Hoe begin je te schrijven als je geen schrijverstalent hebt? Wat zijn de verplichte onderdelen van een eindwerk? Hoe moet je op een correcte manier refereren aan zowel digitale als niet-digitale werken? Hoe kan je ideeën formuleren op een taalkundig correcte manier? Hoe breng je structuur aan in je ideeën? Wat zijn de juiste stijl en toon van een eindwerk? Wat zijn de meest voorkomende taalfouten waarvoor je op je hoede moet zijn? Welke vormgeving is verplicht? Welke opmaak is gewenst? Een eindwerk schrijven is een ganse opgave. Op vraag van vele studenten en vanuit het besef dat een handleiding met algemene en toch praktische schrijftips voor eindwerken noodzakelijk is in het hoger onderwijs, kwam deze handleiding tot stand. Daarbij waren de opmerkingen van begeleiders van eindwerken over steeds terugkomende fouten een belangrijke inspiratiebron voor dit boek. Verder is het ook nuttig om in de eerste bijlage een aantal belangrijke spelling- en taalproblemen te bespreken. Mijn interesse voor taal en communicatie loopt als een rode draad door dit werk. De tweede bijlage bevat een checklist met de belangrijkste aandachtspunten voor een degelijk groot verslag, een eindwerk. Deze controlelijst vat als het ware de kernpunten van dit handboek summier samen. De checklist voor eindwerken zal niet enkel de student1 helpen als hij een eindwerk schrijft, maar ook de promotor1 als hij het eindwerk begeleidt en beoordeelt. Deze handleiding is vooral een praktisch naslagwerk dat je telkens kan blijven gebruiken als je een groot verslag schrijft, of het nu een masterproef is, een bachelorproef, een onderzoeksrapport, een afstudeerwerk of een afstudeerverslag. Daarom zal in dit werk steeds worden verwezen naar ‘eindwerk’ omdat deze term alle geschriften bundelt die door studenten worden geschreven tijdens hun loopbaan in het hoger onderwijs.

1

In dit handboek is vaak sprake van ‘de student’ of ‘de promotor’. Alhoewel er natuurlijk mannelijke en vrouwelijke studenten (studentes) zijn, net zoals mannelijke en vrouwelijke promotoren, werd ervoor gekozen om in deze gevallen voor de ‘algemene, mannelijke’ vorm te kiezen, bv. ‘de student … hij, de promotor … zijn mening’. Op die manier worden de zinnen niet onnodig zwaar, bv. ‘ de student/de studente … hij/zij, de promotor … zijn/haar mening’.


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XII

Op het internet of in bepaalde onderwijsinstellingen verschijnen brochures over ‘Rapporteren volgens de nieuwe norm’. Verkeerdelijk denkt de student dan dat deze raadgevingen werden vastgelegd door het Normalisatiebureau (NBN)1. Verkeerdelijk, want er bestaat geen NBN-norm die bepaalt hoe een eindwerk moet worden geschreven. Meer concrete voorbeelden uit verschillende vakgebieden zouden deze handleiding nog vollediger maken. Aan de lezers van dit werk had ik daarom graag om een reactie gevraagd met suggesties, opmerkingen en voorbeelden via www.leenpollefliet.be. Wat is er veranderd in deze vijfde druk? De bronvermelding werd uitgediept. Er worden nu ook referenties beschreven van lange URL’s en documenten met een lange titel die geen auteur vermelden. Ook worden verwijzingen naar sociale media behandeld. Zo wordt bijvoorbeeld uitgelegd hoe een tweet, een blog of een forumbericht kan worden geciteerd, in de tekst zelf en in de referentielijst. Vervolgens werd het hoofdstuk over ideeën formuleren deels herschreven in de vorm van krachtige schrijftips. In dit gedeelte wordt nu ook ingegaan op de juiste schrijfstijl in een reflectieverslag en in de tekst op een poster. Ten slotte werd een handige bronnen-wegwijzer opgesteld. Kortom, deze vijfde druk is nog vollediger dan de vorige en beantwoordt nog completer alle vragen die studenten zich stellen als ze informatie opzoeken en een logisch opgebouwd en een taalkundig verzorgd werk willen schrijven. Tot slot is het belangrijk te vermelden dat dit handboek duidelijke voorstellen poneert wat betreft bronvermelding, opmaak, indeling van het eindwerk, taalstructuren … Studenten van o.a. technische, wetenschappelijke, bedrijfseconomische, sociale, geneeskundige, maatschappelijke, taalkundige, filosofische en fiscale opleidingen gebruiken deze handleiding. Het is evident dat elke opleiding andere accenten legt en andere eisen aan haar studenten stelt. Ook wordt 'onderzoek' in de ene opleiding anders ingevuld dan in de andere. Dit handboek stelt voor maar dwingt niet. Wellicht zullen bepaalde promotoren in bepaalde opleidingen bepaalde bronnen bv. e-mails, interviews - niet toelaten, andere wel.

1

NBN = Normalisatiebureau - Bureau de normalisation is de opvolger van het Belgisch Instituut voor Normalisatie (BIN).


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XIII

Het is mogelijk dat enkele opleidingen de voorgestelde volgorde van de verschillende onderdelen van een eindwerk licht willen wijzigen en bv. de lijst met figuren en tabellen voor het corpus willen plaatsen in plaats van na het corpus. Omwille van die subtiele persoonlijke of opleidingsgebonden voorkeuren is het wenselijk dat elke opleiding haar eigen voorkeuren duidelijk naar haar studenten communiceert. Indien de student duidelijk op de hoogte is van de eisen van de opleiding en indien hij de raadgevingen van dit handboek opvolgt, zal hij ongetwijfeld mooi werk leveren, een mooi eindwerk afleveren. Vanaf de vijfde druk wordt dit handboek een bijzonder boek, aangepast aan de nieuwe noden van studenten en docenten. De uitgeverij biedt aan docenten en studenten die dit handboek gebruiken, een film ĂŠn vele oefeningen aan. In de film van anderhalf uur geeft de auteur een uitlegsessie waarin ze de hoofdlijnen van het handboek benadrukt. Er wordt als het ware lesgegeven en die les kan in verschillende delen en op verschillende momenten aan de studenten worden gegeven naargelang de wens van de docent. De vele oefeningen zijn te vinden op een elektronisch leerplatform, samen met mogelijke oplossingen en feedback. Op die manier kan de leerstof van in het handboek grondig worden ingeoefend. Wie interesse heeft voor dit extra ondersteunend lesmateriaal kan contact opnemen met de uitgeverij (info@academiapress.be).


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XIV

Als schrijver zit je vaak in een zeer merkwaardige situatie: je moet licht scheppen terwijl je vaak in het donker zit. Bertus Aafjes


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XV

Verkorte inhoudsopgave

1 2 3

Inleidende opmerkingen • Wat? Doel? • Duidelijkheid en degelijke arbeidsmethode • Documentatie beoordelen

4

Ideeën formuleren • Vooraf • Formuleer zakelijk • Formuleer duidelijk en exact • Formuleer taalkundig juist • Formuleer in de juiste tijd

5

Ideeën structureren • Titels en koppen • Alinea’s • Verwijswoorden en signaalwoorden • Opsommingen • Voorkeursplaatsen

6 7

Uiterlijke vormgeving • Algemene richtlijnen • Opmaak • Typografie – spaties

Overwin je schrijfangst in vijf stappen • Schrijven, een communicatief huzarenstukje • Schrijven in vijf stappen • Het belangrijkste samengevat Onderdelen van een eindwerk • Vooraf een woordje uitleg – schema • Bedrukte kaft – blanco blad – titelblad • Woord vooraf • Inleiding • Abstract • Inhoudsopgave • Lijst met afkortingen (facultatief) • Corpus, de eigenlijke tekst van het eindwerk • Conclusie • Lijst met figuren en tabellen • Bronvermelding en referentielijst • Bijlage • Blanco blad - kaft

Commentaren van lezers-promotoren

Bijlage 1 - Spelling - Vaak voorkomende taalproblemen Bijlage 2 - Checklist voor een kwaliteitsvol eindwerk Bronnen-wegwijzer Trefwoordenlijst


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:28 Pagina XVI


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 132

132 Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren

3 Formuleer duidelijk en exact Denk aan het communicatieschema1 en herinner je dat er een goede communicatie is als de lezer de boodschap op de juiste manier interpreteert. Maak het de lezer dan ook gemakkelijk en zorg ervoor dat de tekst niet fout kan worden gelezen.

Het axioma van het leger: Ieder bevel dat verkeerd begrepen kan worden, wordt verkeerd begrepen.

3.1 Gebruik de juiste woorden voor je doelgroep Stem je woorden af op je doelgroep2. Wie zal je tekst lezen? Voor een gespecialiseerd publiek mag jargon of vaktaal worden gebruikt. Vaktaal bestaat uit woorden en uitdrukkingen die door een bepaalde groep van vakspecialisten worden gebruikt. Daarom is vaktaal uitermate geschikt voor wetenschappelijke en technische communicatie tussen vakgenoten.

In elk geval schrijf je in een taal die bekend is voor de lezer. Pen enkel woorden, begrippen, afkortingen … neer die de lezer van jouw eindwerk zal begrijpen.

3.2 Schrijf concreet en objectief Zorg dat de boodschap duidelijk blijft: schrijf duidelijk wat je bedoelt, gebruik geen ‘mooie’ maar nietszeggende woorden. Beschrijf tijd, hoeveelheid, bedrag en aantal op een nauwkeurige manier.

1

Zie hoofdstuk 2 Overwin je schrijfangst - 2.1 Schrijven, een communicatief huzarenstukje

2

Zie hoofdstuk 2 Overwin je schrijfangst - 2.1 Oriënteren - 2.1.3 Publiek?


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 133

Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren 133

De taal in een eindwerk moet controleerbaar en logisch zijn. • Vermijd vage termen (tot op zekere hoogte, min of meer, eventueel) en verregaande veralgemeningen.1 • Vermijd vage woorden voor hoeveelheid (aanzienlijk, enkele, sommige, hoofdzakelijk) en vermijd telwoorden en woorden die onzekerheid uitdrukken (vijftal, drietal, misschien, eens, eventueel, eigenlijk …, zullen, blijken, willen, hoeven …). Deze woorden zorgen ervoor dat de tekst een lage informatiewaarde krijgt want de lezer moet raden naar de juiste hoeveelheid of de juiste informatie. In dit geval maak je als schrijver een onzekere indruk.

1

Let er echter op om niet overdreven zelfzeker te schrijven.


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 134

134 Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren

vaag exact

De droogmethodetest werd enkele keren uitgevoerd. De droogmethodetest werd drie keer uitgevoerd.

vaag exact exact

Vele ingenieurs ondervinden problemen als ze in het openbaar moeten spreken. Zeventig procent van de ingenieurs Zeven op de tien ingenieurs …

vaag exact

een drietal testen … drie testen …

vaag exact

Ons team is het min of meer eens met bijna alle voorstellen. Ons team gaat akkoord met voorstellen 1 en 2, maar wil nog beraadslagen over voorstel 3. Ons team is het eens met …

vaag

Eventueel zou deze machine misschien in deze omstandigheden ook operationeel zijn indien … Deze machine is operationeel in deze omstandigheden indien …

exact

3.3 Vermijd overbodige woorden Achter het woord ligt de chaos. Henry Miller

Sommige woorden zijn totaal nietszeggend en maken de zin alleen maar nodeloos zwaar. Tijdens de tweede ronde van je schrijfproces1, de correctieronde, merk je deze overbodige woorden hopelijk op en kun je ze schrappen.

nietszeggend

korter

overbodig beter

1

Algemeen kan worden gesteld dat er tegenwoordig in de bedrijfswereld een bepaalde tendens is die meer en meer belang hecht aan deze vaardigheden. Tegenwoordig hechten bedrijven meer en meer belang aan deze vaardigheden. Het bedrijf heeft de wens te kennen gegeven om de BGT45 aan te kopen. Het bedrijf wil de BGT45 aankopen.

Zie ook Hoofdstuk 2 Overwin je schrijfangst in vijf stappen - 2 Schrijven - 2.4 Uitvoeren - 2.4.2 Tweede schrijfronde.


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 135

Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren 135

Nietszeggende en overbodige woorden vragen extra tijd en inspanning van de lezer. Daarenboven kunnen er interpretatiefouten optreden.

3.3.1 Vermijd nietszeggende voorzetseluitdrukkingen Voorzetseluitdrukkingen zijn gewichtig, maar stroef en zwaar. Ze lijken beleefd en formeel maar ze zijn omslachtig en vaak onduidelijk. Er bestaat meestal wel een kortere en duidelijkere variant.

minder goed

Bij wijze van voorbeeld wordt in een veldonderzoek ... Door middel van een veldonderzoek wordt gepoogd om ...

beter

Als voorbeeld wordt in een veldonderzoek … Met een veldonderzoek wordt duidelijk …

zware voorzetseluitdrukkingen • door middel van • met het oog op • ter gelegenheid van • uit oogpunt van • in verband met • in het kader van • als gevolg van …

betere, lichtere voorzetsels in plaats van bovenstaande zware uitdrukkingen • door • voor • bij • om • volgens • omdat • door • voor, bij • om • binnen • in, door …


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 136

136 Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren

3.3.2 Vermijd het overbodig gebruik van ‘kunnen’, ‘zullen’, ‘willen’ In vele gevallen staan deze hulpwerkwoorden nodeloos in de tekst.

nodeloos ‘kunnen’ korter

Er kan worden nagegaan of deze resultaten … Er wordt nagegaan of …

nodeloos ‘willen’

Het team wil graag de gelegenheid bieden deel te nemen aan … Het team biedt de gelegenheid deel te nemen aan …

korter

3.3.3 Gebruik geen tautologieën Een begrip wordt herhaald door een ander woord met dezelfde betekenis.1

tautologie bovendien is er ook … (‘bovendien’ en ‘ook’ is twee keer hetzelfde) gestelde vraag … (vragen worden steeds gesteld) moeilijk probleem … (elk probleem is moeilijk) nutteloze verspilling … (elke verspilling is nutteloos)

3.4 Vermijd ambtelijke afkortingen2 • Ambtelijke afkortingen Afkortingen zoals m.a.w., d.d., o.m., o.a., m.n., ca, t.w., nl., e.a., a.s. of jl. vermijd je beter. Ze maken een routineuze indruk, zijn niet zo soepel leesbaar, leiden af van de inhoud en zijn vaak overbodig. Daarbij komt dat een afkorting soms onduidelijk is omdat er meerdere interpretatiemogelijkheden zijn.

onduidelijke afkorting t.g.v.= ter gelegenheid van ten gunste van ten gevolge van …

1

Zie ook Bijlage 1 Spelling - Vaak voorkomende taalproblemen - Thema 12 - 2 Tautologie

2

In de Bijlage 1 Spelling wordt verder ingegaan op de juiste schrijfwijze van afkortingen. (Thema 6 Afkortingen)


do 2012 ok_Opmaak 1 28/06/12 16:29 Pagina 137

Hoofdstuk 4 Ideeën formuleren 137

Laat ambtelijke afkortingen weg of vervang ze door volledige woorden.

• Afkortingen van producten, systemen … Uiteraard mag je in een tekst afkortingen gebruiken. Het gaat hier dan wel om afkortingen van namen van organisaties, wetten, chemische formules enzovoort. Een benaming, een product, een bedrijf … wordt de eerste keer voluit geschreven. De afkorting wordt tussen haakjes geplaatst. Vanaf de tweede vermelding wordt enkel de afgekorte vorm gebruikt. In de lijst met afkortingen1 worden de gehanteerde afkortingen verzameld en verklaard.

voorbeeld van afkortingen – eerste en tweede vermelding Het AKOV (Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming) zetelt … AKOV werd ontwikkeld in de jaren … Onderzoek is verricht naar absorbeerbare organische halogenen (AOX). AOX is een methode die vaak gebruikt wordt om in afvalwater het totaalniveau van de halogenen te bepalen …

• Eigen afkortingen In een formeel gepubliceerde tekst - zoals een eindwerk - mogen enkel erkende afkortingen worden gebruikt die bijvoorbeeld ook in een woordenboek zijn opgenomen. Gebruik in geen geval afkortingen die je zelf hebt uitgevonden en die informeel zijn.

fout v.d. of v/d (van de) mbv (met behulp van) stavaza (stand van zaken) B (belangrijk) L (leerkracht) ll (leerling)

1

Zie Hoofdstuk 3 Onderdelen van een eindwerk – 7 Lijst met afkortingen.


eindwerk cover 2012_Opmaak 1 3/07/12 09:04 Pagina 1

Deze handleiding is een praktisch naslagwerk voor wie een groot verslag, een masterproef of een afstudeerwerk schrijft. Dit handboek behandelt volgende onderwerpen: • Hoe begin je te schrijven? • Wat zijn de verplichte onderdelen? • Hoe breng je structuur aan in je ideeën? • Wat zijn de juiste taal, stijl en toon? • Hoe refereer je aan digitale en niet-digitale werken? • Welke vormgeving is verplicht? • Welke opmaak is gewenst? Een eerste bijlage behandelt vaak voorkomende spelling- en taalproblemen en biedt schrijvende studenten extra ondersteuning. Een tweede bijlage bevat een checklist voor een kwaliteitsvol eindwerk. Een film-uitlegsessie van 90 min. en een digitaal oefenpakket vervolledigen dit handboek. Herr Seele illustreerde en zorgde voor de cover. Leen Pollefliet, licentiate Germaanse Filologie (UGent), is al meer dan twintig jaar verbonden aan de Hogeschool Gent. Ze doceert er Communicatie aan studenten van de Geassocieerde faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen en Bio-ingenieurswetenschappen. Ze geeft ook regelmatig gastcolleges over presenteren en over schrijven van eindwerken aan andere hogescholen. www.leenpollefliet.be “Dit boek is niet alleen voor studenten een handige leidraad. Het is tevens een zegen voor de lesgevers in het hoger onderwijs die schriftelijke werkstukken begeleiden!” Eva Brems – Universiteit Gent “Het is belangrijk over dit heikele onderwerp de juiste dingen te schrijven. En dat doet Leen Pollefliet. Ze is praktisch, niet belerend. Ze schrijft kernachtig, niet oppervlakkig. Ze doet suggesties, legt niets op. Ik zou dus zeggen: lees het boek.” Rik Torfs – Katholieke Universiteit Leuven “Van ‘helder in het hoofd’ tot ‘helder op papier’ is een lange weg en zonder betrouwbare gids met ongelofelijk veel aandacht voor detail, is het een zattemansgang waarvan het eindpunt doorgaans de goot is. Kort en bondig, dit boek is zo’n gids.” Jean Paul Van Bendegem – Vrije Universiteit Brussel

Schrijven: van verslag tot eindwerk • do’s & don’ts • Leen Pollefliet

Een eindwerk is de bekroning en het sluitstuk van studies in het hoger onderwijs. De kwaliteit ervan wordt bepaald door de inhoud en de opmaak die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Vijfde herwerkte druk


Schrijven: van verslag tot eindwerk