Page 1

Chronologisch overzicht van de individueel bijgewoonde lessen

Aanvangsjaar opleiding: 2012 –2013 Student(e): Pieters Christine

Datum: 27/11/2012

School/organisatie: De Levensbooom Stad/gemeente: Marke (Kortrijk)

datum

vak

1. 27/ 11/12 muziek

leraar M. Vercruysse

jaar

Lesonderwerp

2de -3de kleuter

Sinterklaas

2. 27/11/12

muziek

M. Vercruysse

2 de -3de kleuter

Sinterklaas

3. 27/11/12

muziek

M. Vercruysse

1 ste -2de leerjaar

Sinterklaas

4. 27/11/12

muziek

M. Vercruysse

1 ste -2de leerjaar

Sinterklaas

Vakmentor: Marie Vercruysse


Observatiestage Postgraduaat Muzikale Vorming van Kinderen 4-8 jaar 2012-2014 Christine Pieters 1ste uur: Lesdoelen en reflectie: Doel: Sinterklaasliedjes kennen tegen einde van de les, want maandag komt de Sint en dan moeten ze het kunnen voordoen. Lukt dit? Niet alle kindjes kennen de liedjes perfect, maar ze weten wel hoe het moet (de dansjes en de tekst kunnen ze wel als ze iemand anders horen en zien).

Lesstructuur en reflectie: De kindjes komen binnen in de klas en zijn rumoerig. Marie zegt dat ze allemaal in een kring mogen zitten op de grond en dan begint ze op haar altviool te spelen totdat de kindjes stilletjes zijn en beginnen te luisteren. Dan vraagt ze of ze ook de melodie herkennen en ja, sommigen weten nog dat het een liedje is van Sinterklaas dat ze vorige week geleerd hebben. Ze vraagt of ze nog weten welke bewegingen ze moesten doen bij welk woord: pepernoot = 2 korte stapjes vooruit, tai tai = hoofd naar rechts draaien , chocolade = zwaaien met open handen. Daarna staan ze weer allemaal recht en zingen ze het lied op 5 verschillende manieren: 1 ste maal samen, 2de keer traag want Sinterklaas is super oud, 3de maal super stil want de kindjes slapen en de Sint loopt op de daken, maar de kindjes mogen nog niet wakker worden, dus ook stilletjes springen, de 4 de maal is er een kindje moe en gaan ze dus allemaal op de grond liggen en zingen ze erg rustig en tot slot vraagt Marie hoe ze het nog zouden kunnen voordoen en dan stelt er een kindje voor om te zingen als een ‘zotte Piet’. De kindjes mogen een plaats kiezen in de ruimte en dan doen ze het nogmaals maar met de pc. Als het liedje gedaan is , moeten ze ‘bevriezen’ zodat Sinterklaas foto’s kan nemen. Zo oefenen ze nog eens extra het einde van het lied. De kindjes moeten weer wat rustiger worden. Marie neemt zwarte lakens en maakt bedjes op de grond. De kindjes gaan eronder liggen en Marie neemt opnieuw haar altviool en begint een ander liedje te spelen: ‘Ik lig te woelen in mijn bed…’ Daarna luisteren ze naar de cd; de eerste maal zingt de grote zus, daarna wordt elke zin herhaald door kleine broer. De lakens worden aan de kant gelegd en de kindjes mogen mee bewegen: knik, knik met de knieën, tik, tik met de voeten. Op het bord heeft Marie tekeningen gemaakt: Zwarte Piet, Paard, zak met picknickjes, Mijter van de Sint. Met een stok duidt Marie een figuur aan en dan moeten de kinderen een kort melodietje hierop zingen dat ze hen aangeleerd heeft. (zie bijlage a) Daarna stelt ze dit anders visueel voor met streepjes (zie bijlage b). Daarna vormen alle kinderen een lange rij (soort trein) en doen ze weer actief mee. Een kind weigert mee te doen.

Visualisering van de lesstructuur en reflectie: Voor de visuele voorstelling gebruikt Marie voor het eerste liedje ook zelfgemaakte prenten die als geheugensteuntje dienen voor de kleuters. Ze gebruikt ook het bord waarop ze tekeningen had gemaakt. De media die ze gebruikt zijn enkel de pc. De leerlingen hebben enorm veel steun aan de visuele beelden, maar ik


vond die wat te eentonig. Ik zou meer afwisseling aanbrengen (alleen al door met kleurplaten te werken i.p.v. snel gemaakte tekeningen), het bord , maar ook met bvb. een overheadprojector waardoor de beelden meer overkomen naar de kinderen, dat ze meer onder de indruk zijn. Leerinhouden en reflectie: Het doel van de les was dat ze de Sinterklaasliedjes kunnen zingen en dansen en dit lukt uiteindelijk toch voor het grootste deel van de groep. Wat leuk was is dat Marie ook de begrippen ‘hoge tonen, lage tonen, korte noten, snelle noten,..’ aanbrengt zodat de kinderen toch iets over muziek leren. De inhoud is inhoudelijk correct, jammer dat het een liedje uit Nederland was want daar spreken ze over ‘pepernoot en tai tai’ wat bij ons niet gekend is. Pepernoten kan je nog tonen via de computer en met tai tai bedoelen ze speculaas… Marie gebruikt geen bestaande cursus. Haar 2 liedjes komen uit volgende boeken: ‘Rood rood mannetje’ van Jeroen Schipper en ‘Sinterklaas’ van Bart Peeters. De meeste leerlingen vinden dat super leuke liedjes. Er zijn drie jongens die niet willen meedoen omdat ‘ze geen zin hebben’. Ik zou de inhoud niet zozeer veranderen, want uiteindelijk zijn de kinderen absoluut geboeid door alles wat met Sinterklaas te maken heeft, maar zou er meer variatie in brengen. Een heel uur vullen met Sinterklaasliedjes is niet meer zo boeiend voor de kinderen. Ik zou bvb werken met beeld en ze ook laten experimenteren met kleuren en muziek.


2de lesuur: Didactische werkvormen en vaardigheden, vraagstelling, didactisch materiaal. Didactische werkvormen, vaardigheden en reflectie:

1. Lesbegin: liedjes aanleren van Sinterklaas 2. Corpus: fase 1 luisteren naar Marie die speelt op altviool fase 2 naar prenten kijken en aan de hand daarvan proberen liedje te zingen fase 3 goed oefenen met bewegingen fase 4 herhalen. Dit wordt herhaald voor het andere liedje ook. 3. Leseinde: geen duidelijk einde van de les. De bel rinkelt en iedereen loopt de klas uit als een zotte bende. Vaardigheden: De vaardigheden die worden getraind is vooreerst leren luisteren: stil zitten, luisteren naar de muziek, luisteren naar elkaar als een kindje een vraag stelt, luisteren naar Marie die iets vertelt. Ze leren ook het verschil tussen hoge en lage noten zingen, snelle noten en lange noten (verschillende ritmes). Ze leren ook tekst vanbuiten. Ritme wordt aangeleerd door het stampen met de voeten, de choreografie van het liedje, zwaaien met de handen, heupbewegingen, knikken met de knieën (= zoentjes geven met de knieën),… Tekst leren ze door herhaling en Marie geeft veel uitleg bij de tekst. Ze doet dit met ingehouden stem, blijft kalm en neemt af en toe een kind bij de hand. Didactische vraagstelling en reflectie:

1. Wat was dat in de turnzaal? Waarom moesten jullie daarheen? 2. Over wat ging het ander liedje? ‘ Over 2 kindjes’ en wie waren die kindjes? ‘Broer en zus’. Ze vraagt dus gewoon verder tot ze het meest volledige antwoord heeft. 3. Kunnen jullie een mijter tekenen? (niemand reageert) Marie doet het voor op het bord en spontaan komen er een paar kinderen in actie op het bord. 4. Geen irrelevante vragen. 5. Marie stelt veel vragen om zo verder te vertellen. Zo blijven de kinderen alert. Ze zijn dit zeker gewoon, want te pas en te onpas vertellen ze van alles. 6. Wat doet Sint als hij bevriest? ‘Hij staat stil want hij ziet zijn Pieten niet meer. ‘ of ‘ Hij kijkt naar de mooie tekeningen die de kinderen gemaakt hebben.’ Ze antwoorden altijd heel enthousiast wat Marie neemt hun idee over voor de hele groep! Didactisch materiaal: Marie gebruikt het krijtbord om op te tekenen, zwarte lakens om bedjes te maken en de kinderen rustig te houden, haar altviool, een pc, en tekeningen die ze gemaakt heeft, gele kegels (voor de meisjes) en rode kegels (voor de jongens) om zo te leren elk op zijn beurt te zingen. Een andere instap voor deze les zou zijn om te vertrekken vanuit een blanco blad papier en ze eenmaal het liedje te laten horen. Daarna mogen


ze elk 2 stiften kiezen en iets tekenen dat ze gehoord hebben in het lied, maar niet ‘Sinterklaas, Zwarte Piet en het Paard’. (te evident) Aan de hand van alle tekeningen proberen het lied te reconstrueren en daarna wat ontbreekt eventueel bij tekenen. Zo leren ze de tekst (zonder inspanning) en hebben ze nog een leuk souvenir om mee te nemen naar huis (niet onbelangrijk bij kleuters!) De klas ontbreekt aan warmte. Ik zou voor elke kleuter een kussentje voorzien zodat hij niet op de koude stenen vloer moet zitten. Ik vind ook dat de klas een betere muziekinstallatie verdient. Het is toch een muziekklas. Ook leuke posters zouden er aan de muren kunnen hangen ipv saaie grijze betonblokken.


3de lesuur: De leraar en de leerlingen De leraar in de klas en reflectie: Houding en taal: Marie is ontspannen in de klas en zit bij de kindjes op de grond. Ze blijft erg rustig, ook al zijn de kinderen soms super rumoerig. Ze wacht tot ze stilletjes zijn en gaat dan pas verder. De groep was zeer druk. Ze verheft haar stem en telt tot 3. Daarna moet het rustig zijn. Er is één kind in de groep die niet wil luisteren en die moet een beetje apart gaan zitten. De les gaat gewoon verder. Ze verwittigt de leerling meerdere malen alvorens in te grijpen, maar doet dit allemaal zeer rustig. De woordenschat is aangepast aan de leeftijd. Ze legt uit dat ‘flamenco’ een Spaanse dans is waarbij de dansers heel fier rechtop staan (doet het voor en kinderen doen automatisch achter). Als het publiek stil is, dan wil dat zeggen dat het optreden geslaagd was want ze zijn blijven luisteren en kijken. Het publiek zorgt ook voor een goed optreden. Ze splitst de groep uit in dansers en publiek en wisselt daarna om. De klas was zeer druk. Ik zou de groep meer opsplitsen en kleinere activiteiten ermee doen. Door met een kleinere groep te werken, zou er ook meer oog zijn voor het juist uitvoeren van de dansjes. (hoofd naar rechts draaien en niet zomaar wat schudden met je hoofd..) Ook misschien meer licht in de klas zou helpen. Instructies: Marie toont alles voor, maar staat soms niet echt centraal waardoor niet alle kindjes alles goed kunnen zien. Om te kijken of de leerlingen het goed begrepen hebben, laat ze een groepje voordoen. De andere kindjes kijken toe of alles klopt en ze geven commentaar. Ze leren uit elkaars fouten. Het optreden van Marie vond ik deels geslaagd, maar doordat de groep echt vreselijk druk was, is ze niet echt tot een goed resultaat geslaagd van de les. Ik betwijfel het of deze groep de liedjes zal kennen. Misschien was hier een rollenspel met een beetje verkleedkleren een goed alternatief geweest. Deze kinderen konden echt niet stilzitten en door ze te laten toneel spelen, zouden ze toch actief meewerken en de sfeer niet verpesten… De leerling in de klas en reflectie: Leerling 1: een groot meisje (2de leerjaar) dat niet wil meedoen. Ze stelt zich aan en eist aandacht! Ze werd gestraft (door aan de kant te moeten staan) en heeft daarna goed meegedaan. Leerling 2: een kleine jongen (1ste leerjaar) doet zeer goed mee. Hij antwoordt goed op de vragen en doet actief mee. Hij geniet ervan. Leerling 3: een grote jongen (2 de leerjaar) is zeer actief en doet goed mee. Marie gaat sneller te werk bij deze groep (eerste graad lager onderwijs) dan bij de kleuters. Het tempo ligt hoger, maar dit is ook absoluut nodig. Ik denk dat het nog iets te gemakkelijk was. Ze hebben meer uitdaging nodig dan de kleuters. De leerlingen hebben grote pret met elkaar; het is een hechte bende, maar niet ideaal voor de juf…, hoewel de leerlingen Marie heel graag hebben. Je voelt dat gewoon. Ik zou niet zo graag in die klas zitten want ze zijn te druk en voor de kinderen die iets willen bijleren is dat echt niet leuk. Gestrafte leerlingen mogen weer in de groep maar eerst vraagt Marie waarom ze gestraft waren. Als ze het verteld hebben mogen ze opnieuw meedoen. Marie eindigt die les met alle leerlingen in een kring te laten zitten en een paar vragen te stellen. ‘Wie vindt van zichzelf dat hij niet zo goed heeft meegedaan vandaag?’ ‘Waarom was dat zo?’ ‘Wie heeft het een beetje verpest vandaag door zo druk te zijn?’ Ze eindigt de les met een gesprek over de houding van de leerlingen en eindigt de les met het zinnetje: ‘ Ik denk wel dat het volgende week beter zal gaan! Denken jullie dat ook?’ De kinderen roepen enthousiast: ‘JAAAA!’


4de lesuur: Eigen aandachtspunten 1. Aandachtspunten zijn: ritme en zang. Wordt er wel muziek gemaakt? 2. Het gaat tenslotte over muziek lessen en ik vind het resultaat op dat vlak te weinig. Het ritme is dikwijls niet juist. Ze zingen sneller dan de cd (cd is misschien te traag) en niemand die hierop reageert. Ze zingen ook laag en er is niet echt een kind dat zijn mond echt opendoet! Ze zingen wat in groep en het komt wel over, maar er is geen echte overgave. Ik zou wat meer aandacht geven aan ademhaling door ze gewoon mooi rechtop te laten staan en eens goed in – en uit te ademen. (ik ben tenslotte een fagottist, blazen en ademhaling zijn belangrijk!) 3. Muziek is niet voor alle kinderen even leuk. Sommigen vinden er gewoon niets aan. 4. Het is niet evident om een lesuur te vullen als de leerlingen niet echt bereidwillig zijn. Het is de taak als juf om in te gaan op de groep (en niet alleen je agenda te volgen). Willen ze met instrumenten spelen of meer dansen of gaan we iets met tekeningen doen? Heel creatief zijn, luisteren naar de invallen van de kinderen kan heel interessant zijn en geeft een totaal ander lesuur dat zowel voor de kinderen als voor de juf boeiend zijn. (Er was een groep die vroeg wat de tekeningen op het bord waren en Marie heeft de klas onderverdeeld in 4 groepjes met elk groepje zijn eigen instrument: belletjes, schuddertjes stokken en castagnetten. Marie duidt met een stok een tekening aan op het bord en die groep mensen moet het ritme nadoen van Marie. Ze wisselt van groep en laat ook groepen door elkaar spelen. Dit was een totaal andere les dan de vorige en toch hebben de kinderen alles gezien wat de andere groep ook gezien had. Doordat ze eerst hun eigen ding hebben mogen proberen, waren ze weer alert om daarna de liedjes te zingen die Marie voorbereid had.)


Rtj 541  
Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you