Issuu on Google+

Postgraduaat MUVO 4-8 jaar Lesverslagen Observatiestage Algemeen Onderwijs Karen Haspeslagh

Algemene beginsituatie KBT Sint Lutgart Tongeren Klaslokaal: een groot lokaal, akoestisch goed geïsoleerd, geen schoolbanken in het midden van de klas, wel 4 zitbanken en tegen de muren enkele schoolbanken; vooraan een smartboard, een overheadprojector, een digitale piano (keyboard), geluidsinstallatie, 2 PC’s (één voor persoonlijk gebruik door leraar en één voor gebruik door de lln) en enkele materiaalkasten. Het lokaal is voorbehouden voor Muzische Vorming en koorrepetitie. Muzische vorming is in deze school erg ingebed en Geert is de leraar die voor dat vak verantwoordelijk is in alle klassen van de lagere school. Daarnaast leidt hij ook het schoolkoor. De leerlingen krijgen 2 keer per week les van Geert, 1 les duurt ca. 1u40 en de andere les ca. 50 min.

Les 1 Leraar:Geert Baar School: KBT Sint Lutgart Datum:22 januari 2013 Jaar en richting:1ste leerjaar Lesuur: van 8u45 tot 9u35

Stad/gemeente:Tongeren

Aantal leerlingen:15

Lesonderwerp:Lied Peperbolleke

Beginsituatie: Deze les sluit aan op een vorig lesmoment waarbij het lied nog niet volledig was afgerond. Doel: vertrekkend vanuit een bestaand lied mogen de leerlingen zelf nieuwe strofes verzinnen en tekeningen maken Lied:


Fase 1: Geert herhaalt samen met de leerlingen de reeds gekende elementen van het lied (op het smartboard zijn de afbeelding van Peperbolleke met de ‘aantekeningen’ van de vorige les bewaard)

Fase 2: Dan mogen de leerlingen zelf bepalen wat er nog allemaal met ‘Peperbolleke’ gebeurt: met wie/wat? Opm: soms zijn de leerlingen meer bezig met de tekening en het zoeken naar nieuwe elementen dan met het zingen. Met de juffrouw van de klas Met een bal zo blauw als lucht Met een tas zo bruin als hout Opm: Soms passen de gebruikte woorden niet binnen het oorspronkelijke ritme van de tekst, hier wordt geen aandacht aan besteedt; sommige kinderen passen het ritme spontaan zelf aan, anderen zingen dan een verkeerd ritme. Fase 3: Telkens er een nieuwe strofe bij komt, worden de vorige strofes herhaald: Om de leerlingen de tijd te geven na te denken over de volgorde krijgen ze 4 tellen rust tussen elke strofe, deze tellen worden telkens opgevuld 1) door 4x te klappen => dit lukt prima 2) door inwendig te tellen (klappen voorstellen, maar niet echt uitvoeren)=> dit lukt iets minder vlot; de meeste leerlingen hebben moeite met de inwendige voorstelling van het tempo en de maat 3) enkele kdn krijgen een klein slaginstrument en mogen 4x slaan Fase 4: Laatste keer uitvoeren van het geheel


Reflectie Jammer dat er soms weinig aandacht aan het zingen besteed wordt. In deze klas zitten een aantal prachtige stemmetjes, maar ook enkele ‘brommers’, daar wordt niets mee gedaan. Het plezier staat centraal, wat op zich zeker ok is.


Les 2 Leraar:Geert Baar School: KBT Sint Lutgart

Stad/gemeente:Tongeren

Datum:22 januari 2013 Jaar en richting:2de leerjaar Lesuur: van 13u10 tot 14u25

Aantal leerlingen:19

Vak:Muzische Vorming Lesonderwerp:Hoekenwerk (drama, beeld, muziek, media, beweging) In deze les krijgen de leerlingen in groepjes per 2 à 3 een opdracht en een stappenplan toegewezen. Deze opdrachten kunnen ze op hun eigen niveau en tempo afwerken, weliswaar binnen de lestijd. De leraar begeleidt waar nodig. Beweging Bewegen op een gedicht (2 lln) 1) kiezen van een gedicht uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) samen lezen van het gedicht 3) Gebaren/bewegingen zoeken die passen bij de inhoud van het gedicht 4) Samen herhalen van de gebaren, samen met het opzeggen van het gedicht 5) Uitvoeren van de bewegingen zonder de tekst 6) Uitvoeren in 1 vloeiende beweging 7) Opnieuw met de tekst erbij 8) Beslissen welke versie de mooiste is: met of zonder tekst Dit is een moeilijke opdracht, vooral stap 6; de lln hadden moeite om deze opdracht zelfstandig uit te voeren Drama Toneeltje rond een gedicht / tekst (3 lln) 1) Kiezen van een gedicht / tekst uit 4 voorstellen+ keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het gedicht en de personages verdelen onder elkaar 3) Opzeggen van het gedicht met verschillende emoties (blij, boos, verdrietig, verliefd…) 4) Gebaren zoeken die passen bij de inhoud van het gedicht 5) Gedicht spelen met één emotie en gebaren 6) Verkleden in de gekozen rol De lln die deze opdracht uitvoerden hebben er zich nogal snel van afgemaakt. Ze volgden niet alle stappen van het stappenplan en maakten vooral veel plezier met het zich verkleden.


Het moeilijkste bij deze opdracht is het expressief zijn, durven tonen / spelen van emoties en daar hebben ze geen aandacht aan besteed. Toneeltje rond een dialoog (2 lln) 1) Tekstje (dialoog) kiezen uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van de dialoog 3) Verdelen van de rollen 4) Herhalen van de dialoog + inoefenen (indien mogelijk uit het hoofd leren) 5) Nieuwe tekst in jabbertalk verzinnen 6) Opnieuw in de originele versie uitvoeren De lln die deze opdracht uitvoerden hadden het niet helemaal begrepen en vonden vooral het stukje jabbertalk echt leuk en hebben zich vooral daarop gefocust Uitvoeren van een grap (2 lln) 1) Kiezen van een grap uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van de grappige dialoog 3) Inoefenen 4) Zorgen dat het grappig is en blijft zonder zelf te lachen 5) Uit het hoofd leren 6) Uitvoeren Deze lln hadden het grapje zelf niet begrepen en hebben het dus niet kunnen overbrengen op de rest van de klas Media Schaduwspel rond een stripverhaaltje met een grapje (2 lln) 1) Kiezen van een stripverhaaltje uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het stripverhaaltje 3) Kiezen van de nodige figuurtjes 4) Verhaaltje inoefenen op de overhead projector 5) Enkel geluiden maken, geen tekst zeggen Dit was goed gedaan, hier was het grapje wel duidelijk Beeld Zoeken van beelden bij een gedicht (1 ll) 1) Kiezen van een gedicht uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het gedicht 3) Bepalen van de belangrijke woorden in het gedicht 4) Zoeken van verschillende afbeeldingen/woorden in verschillende tijdschriften die passen bij die woorden 5) Uitknippen van de verschillende afbeeldingen / woorden en een collage maken


Normaalgezien zou deze opdracht per 2 uitgevoerd worden, maar 1 van de lln was ziek. Omdat deze ll duidelijk wat hulp kon gebruiken heb ik samen met hem alle stappen van de opdracht doorlopen zodat hij duidelijk wist waar hij aan toe was. Tekenen/schilderen bij een gedicht (2 lln) 1) Kiezen van een gedicht uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het gedicht 3) Zoeken naar een bepaalde stijl in een kunstboek die aanspreekt en past bij het gedicht 4) Tekenen van beelden die in het gedicht zitten of naar boven komen in de gekozen stijl De lln die deze opdracht deden kozen voor de stijl van Mondriaan en hebben dat uitzonderlijk goed gedaan (leek mij toch). Het gedicht ging over iemand die verdrietig was en onder een boom wat rust zocht. De lln tekenden in vierkanten een ‘soort’ boom in verschillende tinten groen en bruin. Hiervan was ik echt onder de indruk! Muziek Muzikaal ondersteunen van een gedicht (2 lln) 1) Kiezen van een gedicht uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het gedicht 3) Kiezen van een muziekfragment dat past bij de inhoud van het gedicht uit 15 voorstellen 4) Verantwoorden van die keuze 5) Voordragen van het gedicht op de gekozen muziek De lln kozen zeker een gepast muziekfragment, maar het blijkt zeer moeilijk om die sfeer ook om te zetten naar de expressie in het voordragen van de tekst. Instrumentaal musiceren op een gedicht (2 lln) 1) Kiezen van een gedicht uit 4 voorstellen + keuze verantwoorden 2) Samen lezen van het gedicht 3) Zoeken van passende klanken bij de tekst (op eenvoudige muziekinstrumenten) 4) Inoefenen van de combinatie tekst/geluid 5) Enkel geluiden uitvoeren 6) Beslissen welke versie: met of zonder tekst Deze lln kozen voor een treurig gedicht en voor zacht klinkende instrumenten (schudeitjes, triangel, wrijven over de handtrom) De les wordt afgesloten met een toonmoment waarbij telkens (indien niet in de uitvoering zelf) de gekozen tekst/gedicht wordt voorgedragen. Er wordt met de hele groep gereflecteerd over elke uitvoering. De leerlingen zijn heel eerlijk tov elkaar en sparen elkaar niet, maar blijven wel heel respectvol. De uitvoerders zelf kwamen niet aan bod. Toen ik Geert hierover aansprak wist hij me te vertellen dat kinderen op die leeftijd nog niet voldoende in staat zijn om aan zelfreflectie te doen en in te schatten hoe ze overkomen, ze vinden het meestal goed wat ze gedaan hebben.


Een manier om dit wel te doen zou kunnen zijn door alles te filmen en nadien de filmpjes te bespreken zodat de lln op de opname kunnen zien hoe het er werkelijk uit zag. Geert neemt ook foto’s van alle ‘kunstwerken’ zodat die bewaard blijven en de leerlingen hun eigen werk mee naar huis kunnen nemen. Reflectie Dit was een zeer interessante les om bij te wonen. De leerlingen zijn voortdurend actief bezig, er wordt beroep gedaan op hun creativiteit, fantasie, persoonlijkheid, elk naar z’n eigen mogelijkheden en er moet samengewerkt worden om de opdrachten tot een goed einde te brengen. Dit alles verloopt zonder noemenswaardige conflicten.


Les 3 Leraar:Geert Baar School: KBT Sint Lutgart Datum:22 januari 2013 Jaar en richting:1ste leerjaar Lesuur: van 14u40 tot 15u55

Stad/gemeente:Tongeren

Aantal leerlingen:19

Lesonderwerp: Geluiden zoeken bij een gedicht + grafisch weergeven

Gedicht ‘Winterman’ De winter nadert met zevenmijlslaarzen => trom, per stap een slag De moed in de thermometer zinkt => dalende lijn op een klokkenspel Ik droom al van witte vlokken => zacht geluid maken met de stem die dwarrelen over mijn gezicht => tokkelen op de wangen Het belooft een fijne tijd te worden: => uitroepen Joepie! Sleeën => fluiten in stijgende lijn Poppen => rechtstaan koude ballen => doen alsof met sneeuwballen gooien en buiten lopen met vriendjes => ter plaatse trappelen op de voeten en appelwangen => wangen opblazen Toe, winterman, vul je koffers met vlokken en kom naar hier! => hierbij wordt niets meer gedaan De leerlingen zoeken samen met Geert naar klanken, gebaren, woorden, geluiden én grafische weergave om de tekst per lijn te verklanken, uit te drukken en grafisch weer te geven. Reflectie: Eigenlijk heeft Geert op voorhand al een beeld in zijn hoofd van het eindresultaat en verloopt deze activiteit nogal gestuurd. Bijvoorbeeld voor het kiezen van instrumentjes: Geert kiest op voorhand al enkele instrumenten uit die passen bij bepaalde onderdelen van de tekst en die mogen de lln bespelen. Beter lijkt mij dat op voorhand alle soorten instrumenten klaargelegd worden en dat de lln uit alle mogelijkheden kunnen kiezen, op die manier kan het volledige gedicht instrumentaal ondersteund worden en kan er een heel klankenlandschap ontstaan. Wat ik ook wat mis is het spelen met de muzikale elementen bij het instrumentale: Dynamische afwisseling, afwisselen in tempo, afwisselen in maat, … De ll aan het klokkenspel had het moeilijk met het begrijpen van de tekst en de link leggen en uitvoeren van de dalende lijn op het instrument. Ze kreeg de opdracht om dit te doen, maar ik durf veronderstellen dat het beter zou lukken mocht ze zelf bepaald hebben hoe ze dat zinnetje zou verklanken op het klokkenspel. Dat zou echter wat meer tijd gevraagd hebben. Wat wel leuk is, is dat Geert op het einde de verschillende tekstdelen door elkaar haalt en alle klanken, gebaren, woorden, geluiden in een andere volgorde uitgevoerd worden; dit vraagt extra concentratie van de lln, wat niet eenvoudig is op het einde van deze lesdag.


Les 4 Leraar:Sanne Caluwaerts School: Sint Jozefschool Datum:5 maart 2013 Jaar en richting:1ste leerjaar Datum:Lesuur: van 13u30 tot 14u20

Stad/gemeente:Sint-Agatha-Berchem

Aantal leerlingen:19

Vak:Muzische vorming Lesonderwerp: Bos Beginsituatie: Lokaal = toneelklas met podium, toneelvloer (=> zonder schoenen betreden), vleugelpiano, geluidsinstallatie met laptop aangesloten Deze school is een samenwerking met de Academie voor Muziek en Woord van Sint-Agatha-Berchem aangegaan, waarbij Sanne (leraar academie) verantwoordelijk is voor het vak Muzische Vorming dit schooljaar in alle klassen van de lagere school. Wekelijks op dinsdag komen twee klassen van de school naar de academie voor elk een lesuur van 50 min., waardoor Sanne elke klas ongeveer om de 6 weken ziet. Het is dus al een hele tijd geleden dat Sanne en deze klas elkaar zagen. Fase 1: instap (zittend op de grond in een kring) Via een kring-vraaggesprek Welk seizoenen hebben we al gehad? Wie heb ik al eens mee gebracht? vos en haas Uit wat er besproken wordt en de antwoorden van de lln leid ik af dat de kdn zich de laatste les nog goed herinneren. Bespreken wie er vandaag is meegekomen: vos, haas en beer Sanne heeft een hoed meegebracht Lln mogen raden van wie die hoed zou kunnen zijn => de jager Conclusie: vandaag zijn er 4 personages =>vos, haas, beer, jager Fase2: (zittend op de grond in kring) Luisteren naar verschillende muziekfragmentjes, lln moeten zich intussen voorstellen welk personage bij welk muziekje hoort. 1. met fagotsolo (beer) 2. licht, luchtig pianosolo (haas) 3.jager uit peter & de wolf (jager) 4. altvioolsolo, zeer scherp gespeeld (20ste eeuws) (vos) Per fragment wordt besproken waarom de fragmentjes passen bij de verschillende personages Fase 3: (vrij in de ruimte) 1) Door elkaar stappen (niet op muziek) Telkens als Sanne in hdn klapt veranderen de kinderen in een standbeeld van het personage dat Sanne vernoemt Sanne wijst op het feit dat standbeelden geen geluiden kunnen maken en dat de beelden niet altijd hoeven te staan, maar ook kunnen zitten, liggen‌ 2) Even herhalen: kort de verschillende personages uitbeelden, zo snel mogelijk na elkaar, zonder geluid


Opm: Sanne zegt op een bepaald moment “haas” en nadien “ik zie geen oren”… is dit belangrijk of kunnen kdn zelf bepalen hoe een haas er in hun verbeelding uitziet en hoe ze dit kunnen uitbeelden? Fase 4: (vrij in de ruimte) Bewegen als de verschillende personages op de muziekfragmentjes, lln moeten goed luisteren welke muziek ze horen en hoe ze moeten bewegen; Sanne vestigt de aandacht op het feit dat het vooral belangrijk is te blijven luisteren naar de muziek en geen geluid te maken zodat ze weten welk personage aan de beurt is en zich te laten inspireren door de muziek

Fase 5: (zittend op blokken aan de piano) Begint met vraaggesprek Welke sprookjes hebben jullie al een samen met de juf gelezen op school? Assepoester, Hansje en Grietje, Roodkapje, Klein Duimpje, Doornroosje Welk sprookjespersonage woont in het bos? Roodkapje Daarna wordt het liedje ‘Roodkapje’ aangeleerd


        

Sanne begint met de melodie van de laatste 2 maten 'zo alleen'. Dit is de enige keer dat het ritme in het liedje anders is. Sanne begint met de eerste strofe van het liedje en zingt die 1 keer voor en vraagt de lln hoeveel keer ze ‘zo alleen’ horen => 3x in totaal Dit wordt enkele keren samen gezongen en als dat er goed in zit herhaalt Sanne de eerste strofe en de lln vullen telkens aan met ‘zo alleen’, de verandering van het ritme op het einde blijkt een moeilijk element te zijn. Sanne vestigt de aandacht op het woord ‘henen' en legt uit dat dat liedje al zeer oud is en dat men toen ‘henen’ zei ipv ‘heen’ Dan wordt de rest van het liedje in stukjes verder aangeleerd. Telkens via voorzingen van een deeltje en de aandacht van de lln op de tekst vestigen door op voorhand vragen te stellen. Soms wordt de melodie ook enkel op de piano gespeeld. De lln kunnen de melodie vrij snel meezingen en zingen behoorlijk juist samen. Telkens een nieuwe strofe is toegevoegd worden alle strofes herhaald. De lln zingen zéér enthousiast en genieten echt van dit samenzangmoment.

Dan verdeelt Sanne de groep in 2 waarbij de leerlingen in vraag en antwoord de 5 verschillende strofes uitvoeren. Bij de laatste strofe mogen de kdn elkaar bang maken => dit vinden ze geweldig plezant. Opm: hier had ook nog de mogelijkheid bestaan om de groepen om te wisselen, kwestie van iedereen eens de verschillende rollen te laten uitvoeren. Reflectie: Dit was een zeer gevarieerde les, waarin heel veel verschillende werkvormen en leerinhouden aan bod kwamen en waarin veel verschillende vaardigheden getraind werden en verschillende eindtermen beoogd worden: 2.4* genieten van zingen en musiceren en dit gebruiken als impuls voor nieuwe muzikale spelideeën of andere aanverwante expressiewijzen. 4.1* genieten van lichaamstaal, beweging en dans 4.4 bewegen op een creatieve manier en daarbij één of meerdere basiselementen van de beweging bespelen: tijd; kracht; ruimte; lichaamsmogelijkheden


Py5z2rebswbf