Page 1

Never Alone Always Together Over samenhang en invloed, context en inspiratie. EDITIE 1 - JANUARI 2018 viermaandelijks magazine - €15

3


4


5


6


. R . d

7


8


33-45 MAGAZINE / Overrated

OVERRATED Samen rond de radio of alleen met de hoofdtelefoon? 17

“Muziek is een sociaal gebeuren dat groepsbanden versterkt. […] Het leidt tot betere samenwerking en daardoor tot hogere overlevingskansen.” Dat stond onlangs te lezen in de Wetenschapswinkel, de rubriek van De Standaard die op zoek gaat naar antwoorden op wetenschappelijke lezersvragen. “Het is ook maar een theorie”, stond er nog bij. Want wat nu het evolutionair nut is van muziek, daar hebben onderzoekers nog altijd het gissen naar. Wie regelmatig het openbaar vervoer neemt, zal inderdaad fronsen (of goed lachen) bij het lezen van die theorie. Als ergens het groepsgevoel ver te zoeken is, dan is het wel op een willekeurige bus vol hoofdtelefoonzombies. Alleen luisteren is bovendien op relatief korte tijd de meest gebruikelijke vorm van muziekconsumptie geworden. Valt dat nog te rijmen met saamhorigheid? Tekst Max De Moor | Fotografie Gert-Jan De Baets


33-45 MAGAZINE / Overrated

Paradoxaal genoeg bracht de mogelijkheid om alleen te luisteren uiteindelijk een massabeweging op de voet met uitlopers naar de revolutionaire jaren 60.

J

10

ezelf verliezen in muziek en de wereld rondom vergeten, is van alle tijden. Al gebeurde dat honderd jaar geleden eerder op een volksfeest of in een klassiek concertgebouw. Dat veranderde in 1877 toen Thomas Edison de fonograaf uitvond, een toestel dat geluid kon opnemen en weer afspelen. Voor het eerst was het dus fysiek mogelijk alleen te zijn met muziek. Niet toevallig benoemt Hank Bordowitz dit moment in zijn boek Turning Points In Rock And Roll als het eerste keerpunt. Hij doelt erop dat de fonograaf uiteindelijk een platenindustrie voortbracht, maar net zo goed kan je eruit opmaken dat de geschiedenis van rock-’n-roll en alleen luisteren opvallend gelijk lopen. Zo vormen de komst van draagbare radio’s en goedkope platenspelers in de jaren 1950 opnieuw een keerpunt. Ze maken het voor een massa jongeren mogelijk om in hun eentje muziek te beluisteren. Ook muziekkenner Robert Van Yper merkt dit op. In zijn standaardwerk Rock It!!! beschrijft hij levendig hoe rockmuziek op die

manier de huizen van miljoenen nietsvermoedende gezinnen binnendrong. Iedereen kent wel het clichématige ideaalplaatje van de all-american family, gezellig rond de radio. Door die radio schelde toen brave blanke vaudeville, melige verzuchtingen van zangeressen met namen als Teresa Brewer en Vera Lynn. Maar zodra de jongeren zelf aan de knoppen zaten, vonden hun vingers vliegensvlug de weg naar meer gedurfde, zwarte radiozenders. “Crooners zijn passé, de jeugd wil dansen”, constateerden de blanke radio-dj’s. Al snel voerden ze meer ‘gekleurde’ muziek op. Zo ook ene Alan Freed in Cleveland. In de late uurtjes doopte hij zichzelf om tot Moondog, uw nachtelijke gids tot de hipste ‘rhythm-and-blues’-klanken. Tussen de nummers door riep hij lustig obscene oneliners de ether in. “Yeah baby, let’s rock-’n-roll!” was er eentje van. De term stond in de zwarte achterbuurten synoniem met van bil gaan, maar voor het onwetende, blanke publiek had hij de naam van het genre uitgevonden.


19

Zodra hij de play-knop indrukte, leek het net alsof ze zweefden. Wat die dj’s ontketend hadden, werd pas echt duidelijk toen Alan Freed zijn ‘Moondog Coronation Ball’ hield, een concertavond in de Cleveland Arena. Capaciteit? 10.000 man. Meer dan het dubbele van dat aantal daagde op. De jeugd verenigde zich die avond in iets dat de oudere generatie nooit zou begrijpen. Dankzij de radio voelden ze

zich onderling verbonden, “als in een geheim verbond”, schrijft Van Yper. Smalend vat hij het generatieconflict samen: “Ach, vader met zijn nieuwe auto, zijn vervelende sportuitslagen. Moeder met haar zelfgebakken appeltaart. Who cares? Geef ons Billy Ward & The Dominoes!” Paradoxaal genoeg bracht de mogelijkheid om alleen te

luisteren uiteindelijk een massabeweging op de voet met uitlopers naar de revolutionaire jaren 60. Dit was saamhorigheid op haar toppunt.


33-45 MAGAZINE / Overrated

Ook the Velvet Underground had het zo begrepen. Behalve een lofzang op het genre, is hun nummer ‘Rock and roll’ een nostalgische ode aan die formatieve periode. “You know why parents gonna be the death of us all / Two TV sets and two Cadillac cars / It ain't gonna help me at all”. [...] “She started dancin’ to that fine fine music / Her life was saved by rock and roll”.

20

Lou Reed vertelt het verhaal van Jenny, wier leven nooit meer hetzelfde is nadat ze voor het eerst afstemt op een rock-’n-roll-zender. Achteraf gaf hij toe dat het nummer gebaseerd is op zijn eigen rock-’n-roll aha-erlebnis. “Als ik die muziek nooit gehoord had op de radio, dan had ik nooit geweten dat er leven was op aarde“, schreef hij in zijn liner notes. De allerindividueelste expressie van de allerindividueelste muziekervaring kwam er misschien pas met de walkman. De geestelijke vader van de draagbare cassettespeler herinnert zich het eerste moment met zijn uitvinding nog levendig. 33 jaar later beschrijft hij het aan The New York Times als “een onvoorstelbaar gevoel, het plotse besef dat ik aan elke situatie een esthetische laag kon toevoegen”. De Duits-Braziliaanse Alexander Pavel bevond zich toen in Zwitserland met zijn vriendin. Het jaar was 1972 en hij weet nog goed hoe sneeuw met vlokken uit de hemel kwam vallen en hoe, van zodra hij de play-

knop indrukte, het net leek alsof ze zweefden. In de jaren dat hij zijn uitvinding aan de man wilde brengen, werd hem dikwijls toegebeten dat hij dwaalde. “Wie haalt het in zijn hoofd om en plein public rond te lopen met een hoofdtelefoon?”, klonk het. Het zou uiteindelijk zeven jaar duren vooraleer hij zijn medemens werkelijk zo gek kreeg. Al was het

dan zonder zijn toestemming. Sony bracht in 1979 het eerste model van de walkman op de markt. Terwijl een jarenlange patentenstrijd losbarstte tussen de man en de technologiegigant, ging het publiek massaal voor de bijl. Wat verkocht werd als gadget, “een soundtrack bij het leven”, zou het luisterpatroon van miljoenen mensen grondig herschikken.


33-45 MAGAZINE / Overrated

Fast forward naar 2001. Op 23 oktober vindt in een onooglijk zaaltje, ergens in Silicon Valley, opnieuw een luisterrevolutie plaats. Een kalende man met karakteristieke rolkraag stapt het podium op. Achter hem start een powerpointpresentatie in een knullig lettertype - het tweelingbroertje van Comic Sans MS lijkt het wel. Maar wat Steve Jobs op dat moment voorstelt, is alles behalve knullig: de belofte om jouw volledige muziekcollectie in je broekzak te steken, de iPod. Net voordat hij het product voorstelt, doet hij echter nog een ander voornemen. De prijs van muziek moet zakken: “Als een cd-speler $75 dollar kost en een cd tien tot vijftien nummers bevat, dan betaal je ongeveer vijf dollar per liedje. [...] Of je koopt een harde schijf als jukebox voor $300. Die draagt een duizendtal nummers en kost dus ongeveer dertig cent per liedje.” Dat is waar we heen willen, besluit hij.

Het probleem: muziek was in de ogen van vele jongeren al lang geen cent meer waard. Via Napster werden illegale MP3’s duchtig gedeeld. De euro die Apple in haar iTunes Music Store zou aanrekenen voor een nummer, was daarom nog steeds een euro te veel. Pas wanneer jaren later de streamingdiensten hun intrede doen, slaagt de muziekindustrie erin om hun zakelijke belangen te verenigen met de eisen van hun publiek. Zo hebben we nu voor bijna geen geld de meest volledige muziekbibliotheek ter wereld op zak, allemaal in één handige telefoon. Voor minder doen we het niet. Rest de vraag: wat betekent muziek nog wanneer het overal toegankelijk en letterlijk waardeloos is? En kan het mensen dan nog samenbrengen?

Underground gedijt immers bij de gratie van schaarste. Zij die er weet van hebben horen erbij, de rest tast in het duister.

21


33-45 MAGAZINE / Overrated

22

Hoogleraar sociologie Rudi Laermans biedt in een essay voor het Vlaamse cultuurtijdschrift Rekto:Verso een pessimistische visie. Hij merkt op hoe onze wegwerpcultuur infiltreert in onze luistergewoonten, doordat muziek zich volledig contextloos over ‘de digitale snelweg’ verspreidt: “daaruit pik je als muziekliefhebber goeddeels at random dingen op waar je met gedimde concentratie even naar luistert, om dan vrolijk verder te surfen op de digitale zee van muzikale mogelijkheden”. Nog voor zich een echte indruk kan vormen is het lied alweer verdwenen in het grote streamende niets. Dankzij netjes gecureerde afspeellijsten en slimme algoritmes kan er zeker iets nieuws aan de oppervlakte komen, maar de impact is gering. Kortom, overdaad schaadt. En zeker voor ondergrondse muziekstromen is dat een probleem, vindt Laermans. Underground gedijt immers bij de gratie van schaarste. Zij die er weet van hebben horen erbij, de rest tast in het duister (“moraal van de underground: gij zult moeite doen om erbij te horen”, aldus de hoogleraar). Maar via Spotify hop je van Sonic Youth naar Yo La Tengo naar Daniel Johnston. De underground van weleer op een gouden schaaltje. Dan is de uitdaging er wel vanaf.


Behalve waarde, creëert schaarste binnen alternatieve muziekkringen ook gemeenschappen. Zo vertelt de muziekjournaliste Jessica Hopper (ex-Pitchfork, ex-MTV) in een interview met de podcast Longform dat groepsdruk een belangrijke motivatie was om te beginnen schrijven. Ze herinnert zich nog levendig hoe ze, als puber, iemand die ze bewonderde binnen de ‘scene’ hoorde roddelen over een kennis: “O die gast? Hij gaat enkel naar optredens.” Dit interpreteerde Hopper als een gebrek aan engagement. “Hij speelde niet in een band, schreef niets, organiseerde geen optredens. He didn’t do his part.” Markant is de tijdsaanduiding die ze erbij geeft: “Dat was nog voor het internet, toen van iedereen verwacht werd dat ze bijdroegen aan het voortbestaan van onafhankelijke muziek.” Het is geweten dat indie-liefhebbers hun neus niet ophalen voor wat muzikaal elitarisme, maar er wordt zelden bij stilgestaan dat die groepsdynamiek ook ontstond uit een economische noodzaak. Nu toegang tot obscuurdere muziek niet meer bewaakt wordt door een sociale context met eigen normen en ongeschreven regels, kan de vraag gesteld worden of die hechte gemeenschappen van toen vandaag vervellen tot losse verbanden. Natuurlijk zijn er ook lichtpunten. Tegelijk met streaming is ook vinyl aan een steile opmars bezig. Als mobiel luisteren een middel is om je van de buitenwereld af te sluiten, dan is de vinylplaat er om muziek haar rechtma-

tige plaats toe te kennen. L’art pour l’art. Dankzij vinyl vinden ook platenwinkels een tweede adem. Op amper vier maanden tijd openden in 2016 evenveel nieuwe platenwinkels in Brussel. Die doen vaak meer dan enkel muziek verkopen: luistersessies, dj-sets, miniconcerten, … Het live-circuit zelf is bovendien al jaren springlevend. Grote festivals verkopen jaar na jaar uit en ook nieuwe spelers vinden dankzij vernieuwing en scherpe programmatie de weg naar het publiek. Ondanks de wegwerpcultuur en het overaanbod wordt muziek en de beleving errond nog steeds gekoesterd, zoveel is zeker. En de wetenschap? Ook die kwam tot andere inzichten. Kort samengevat: saamhorigheid is overrated. Of toch als verklaring voor muziek. Onderzoekers van de Ohio State University en Chemnitz University of Technology vonden in een grootschalige enquête naar motieven om muziek te beluisteren dat andere redenen, zoals het beheersen van emoties, tijdverdrijf en plezier, veel sterker doorwegen dan sociale, zoals deel uitmaken van een groep. Neurowetenschappelijk onderzoek lijkt dat te bevestigen. Tijdens het luisteren komen immers dopamine en opioïden vrij, dezelfde stoffen die ons plezier bezorgen bij voeding, seks en ook drugs. Muziek is dus prettig en waarom zou dat niet volstaan als verklaring?

15


33-45 MAGAZINE / Interlude

24

Interlude 1 - Take Care In 1959 schrijft Brook Benton I’ll Take Care of You voor Bobby “The Lion of the Blues” Bland. Het wordt een bescheiden hit met een 89e plaats in de Billboard Hot 100. Zoals wel vaker in de beginjaren van de popmuziek wordt het nummer regelmatig gerecycleerd. Ook Gil Scott-Heron pikt zijn graantje mee en plaatst het resultaat op zijn comebackplaat in 2010. Jamie XX is volledig overdonderd door het album en besluit de uitdaging aan te gaan het integraal te remixen. We’re New Here zet de eerste stappen naar Jamie’s alom geprezen solowerk, een mengelmoes van soul, dubstep en house. Na een omzwerving van 50 jaar scoort Brook Benton’s stuk uiteindelijk zijn grote succes in de Hot 100. De herwerking van Drake, Take Care, in samenwerking met Rihanna, klimt naar de 7e plaats.

De volledige playlist van Never Alone, Always Together is te vinden op 33-45magazine.com/editie1

Tekst Quinten Cormenier | Illustratie Joke Vandenabeele


Loops Wakker worden. Opstaan. Muziek. Slapen.

W

akker worden. Opstaan. Muziek. Slapen. Wakker worden. Opstaan. Muziek. Slapen. Voor mij een constante uit het verleden, in het heden en wellicht ook in de toekomst. Geprikkeld door Miles Davis op zondagochtend of die ene afspraak met de tandarts op woensdagmiddag die je eigenhandig (en vooral achter de rug) annuleerde om toch maar naar De Afrekening te kunnen luisteren - mooie herinneringen aan een vervlogen tijd. Het gemak waarmee ik ze me voor de geest haal, moet wel ergens op duiden en allicht was het voor m’n ouders toen al lang duidelijk dat muziek een prominente plaats in m’n leven zou innemen. Waar het aanvankelijk nog begon met het intensief luisteren naar en het ontdekken van een resem aan muzikale genres, groeide ook al snel de nood om zelf aan de slag te gaan. Na enkele weken vakantiewerk in de zomer was het dan eindelijk zover, deze jonge knaap had z’n eerste elektrische gitaar bijeen gespaard! De liefde was groot - en volgens mij ook wederzijds - maar geef toe, een gezinsuitbreiding met toetsen en drums is toch ook niet mis? Helaas mocht het niet zijn en na een aantal gestrande projecten of bands ontpopte zich een nieuwe constante: metrum bleek niet m’n beste vriend te zijn. Van “Pieter, je valt te laat in!” tot “Neen neen, te vroeg nu!”;

33-45 MAGAZINE / Loops

ik moest het allemaal ondergaan, en dan bespaar ik je nog van erger. Ja, beste lezer, de muzikant in mij werd snel met de grond gelijk gemaakt en de gitaar ging wijselijk aan de haak. Het luidt dat oude liefdes terugkeren en ook deze keer bleek dit te kloppen. Even afstoffen, verwennen met nieuwe snaren en een nieuw avontuur kon beginnen. Gewapend met verse moed en nieuwe muzikale horizonten begon ik er aan. Maar deze keer moest het, weliswaar noodgedwongen, anders. Ik besloot me te focussen op het creëren van geluiden eerder dan het volgen van een metrum. Esthetische consistentie in plaats van academische, zoiets. Laag na laag bouwde ik op en na geduldig zwoegen had ik een hoop stenen om mee aan de slag te gaan. De fundamenten van dit nieuwe huis lagen neer, maar hoe bouw je verder als je enkel op jezelf aangewezen bent? Een experiment bood zich aan: wat als ik het eerste stuk gewoon blijf afspelen? Leuk! De eerste loop was geboren en het smaakt naar meer. Wat als ik nu nog een tweede of zelfs een derde toevoeg? Op een mum van tijd vulden tientallen loops de kamer en ik kon rustig achterover leunen en luisteren. Rust. Ik weet niet exact wat het was maar deze composities hadden iets magisch. Was het het herhalende karakter dat het hem deed? Of misschien het asynchroon samenvallen want vergeet niet dat metrum en ik de vriendschap hadden opgegeven - van de verschillende loops? Wat ik wel weet was dat dit werkte. Ik had eindelijk een medium gevonden dat me toeliet me muzikaal uit te drukken. Ik heb niet langer medemuzikanten nodig of laat staan een dirigent. Neen, vanaf nu ben ik zelf het orkest.

Wil je Pieter aan het werk zien? Bekijk zijn exclusieve sessie met Will Samson op 33-45magazine.com/editie1

Tekst Pieter Dudal | Fotografie Gert-Jan De Baets

25


33-45 MAGAZINE / VS.

Groepsdruk Tekst Quinten Cormenier Fotografie Gert-Jan De Baets

56

Mijn voorjaar staat volledig in het teken van de festivals. Eigenlijk vreemd, want het is wachten tot begin juni voor de eerste weiden worden geopend. Maar wie speelt waar, wanneer, hoe lang… En vooral, wie speelt tegelijk?! Podia schieten als paddenstoelen uit de grond. Elk jaar opnieuw: meer en meer. The Barn, The Booth, The Lift, KluB C, The Red Bull Elektropedia Playground Session Room Tent… Organisatoren denken aan de marketing. Een nieuwe tent betekent vaak een nieuwe sponsor of de introductie van een nieuw genre, en dus ook een nieuw publiek. Waar ze echter niet aan denken is de stress. Ieder jaar is het vol ongeduld wachten op dat ene papier dat antwoord biedt op al jouw vragen: de timetable.

Zorgvuldig pluis ik uit of het mogelijk is Run the Jewels en Babyshambles te combineren. Lukt het om met een gedurfd sprintje langs de bar toch nog net het begin van Soulwax te zien? (Het antwoord op die vraag is nee: Max Colombies groupies steken er een stokje voor.) Ik slaag erin vrede te nemen met het verlies van DIIV, om Savages en Chvrches aan de lijst toe te voegen. Het past allemaal in elkaar. En dan kom je aan op de camping, enkele vrienden lenen je steekkaart en prompt worden er sterren en cirkels toegevoegd. Al snel wordt duidelijk dat niet alles volledig volgens jouw plan zal verlopen. Want wie staat er plots met stip aangeduid: MACKLEMORE & RYAN LEWIS. En dat terwijl zowel Elbow, Nina Kraviz, Angel Olsen als Bonobo elders afsluiten. De keuze wordt snel gemaakt: “Ik vind jullie wel in de Boiler!”, en ik

vertrek als eerste naar de weide om het record zoveel mogelijk artiesten voor de middag te verbreken. Wat zeg ik, te verpletteren. “Bis, bis!! - Maar niet te lang, want Cass McCombs gaat beginnen. - Bis, bis!!” Na een half uurtje languit in het gras met een burger, is het tijd voor ronde twee. De bassen delen de klappen uit en hoe later het wordt, des te meer ik incasseer. Ik ga bijna knock-out. De verlossende SMS: “Main stage. Ter hoogte van de falafels, derde paal van links.” Ik zwicht. Ik kom aan met enkele vers getapte pinten en krijg een slok smokkelwaar in de plaats. Na drie dagen wordt dit mijn afsluiter: warme gin-tonic in het midden van een springende en kwelende massa, zowel op als naast het podium.

VS


S.

33-45 MAGAZINE / VS.

Groepsgevoel Tekst Fay Haelterman Fotografie Gert-Jan De Baets Het is zaterdagnacht en ik sta op de parking van een industrieterrein. Ik word omgeven door groepjes mensen die zich in dezelfde richting begeven, als een zwerm insecten die wordt aangetrokken door infrasone trillingen. Het verschil is dat deze trillingen hoor- en voelbaar zijn voor iedereen. Het zijn de dreunende bassen van een technofeest. Wij hebben dit niet verzonnen. Indianenstammen gebruikten eeuwen geleden al de eindeloze maat van de drum om in extase te raken. De oude Grieken wisten het zelfs nog vroeger: collectieve waanzin leidt tot puur genot. Laat dit een moment zijn om de echte wereld te vergeten. Om te vergeten dat het milieu naar de kloten is, Donald

Trump ĂŠcht president werd en de kat vergiftigd werd en stierf. Naast me staat een onbekende met gesloten ogen en een gelukzalige glimlach. We kennen elkaar niet, maar samen boetseren we een moment waarop problemen niet bestaan. Ik dans en stamp en geef me volledig over aan dit nachtelijk escapisme. Ik zou nooit geloofd hebben dat ik zou kunnen genieten van gedreun in een gore, donkere discotheek. Het is een rite of passage. Over een smerige drempel naar binnen strompelen. Naar buiten wandelen na een loutering, knipperende ogen tegen het licht. Een beetje verward, na zonder enige voorbereiding deel te nemen aan een sjamanistisch ritueel. In plaats van de voorspelbare en uitgekiende gitaar, is er de rauwe, machinale muziek. Ik sleep me voort op een

cadans, een eeuwig ritme dat me in trance brengt. Ik, samen met talloze anderen. Opeens begrijp ik de rituelen van generaties die elkaar nooit begrepen. Het einde van de eighties, vrienden die een pil in stukken beten en zich samen in een veel te kleine auto wurmden om het hele land te doorkruisen van feest naar feest. De jaren zestig, waarbij suikerklontjes met LSD werden uitgedeeld en mensen gingen liggen om muziek te zien, te proeven. Ik begrijp nu precies wat het betekende om samen dat moment te ervaren. Samen met de massa word ik overspoeld door golven van Dionysische extase. Ik geef me over aan de collectieve danservaring. Het is niet gewoon samen zat zijn op zaterdag, maar een loutering van de ziel.

57


Lyrics written by: Quinten Cormenier, Sven Sabbe, Max De Moor, Pieter Dudal, Gwenny DHaese, Laura Bonne, Fay Haelterman, Tom Vandenhove

Produced by: Anders Vranken Gert-Jan De Baets Quinten Cormenier

Mixed by: Quinten Cormenier

Mastering by: Judith Bontinck

Photography by: Gert-Jan De Baets

Artwork & Design by: Anders Vranken

Illustrations by: Joke Vandenabeele

Published by: 33-45 Magazine

Contact: 33-45magazine.com info@33-45magazine.com (+32) 477 93 04 23


Dit is een selectie van wat er te lezen valt in editie 1 van 33-45 Magazine: Never Alone, Always Together

Niet jouw exemplaar? Koop het jouwe op www.33-45magazine.com of bij ĂŠĂŠn van de verkooppunten.

21


Never Alone Always Together 1. Intro 2. Muze - Vrouwen als inspiratie door de jaren heen 3. Overrated - Samen rond de radio of alleen met de hoofdtelefoon? 4. Interlude 1 - Take Care 5. Loops - Wakker worden. Opstaan. Muziek. Slapen. 6. Input - Banddynamiek 7. Interlude 2 - Feel Free 22

8. Beeldverhaal - Collectief onthechten van de realiteit 9. Virale radio op tape - Succesjaren van Liaisons Dangereuses 10. Interlude 3 - Dear God 11. De Recensent - Crowded House 12. Broeders - in de hiphopscene 13. VS. - Groepsgevoel / Groepsdruk 14. Playlist Machine - Soundtrack als identiteit

All lyrics written by Quinten Cormenier, Sven Sabbe, Max De Moor, Pieter Dudal, Gwenny DHaese, Laura Bonne, Fay Haelterman, Tom Vandenhove Produced by Anders Vranken, Gert-Jan De Baets, Quinten Cormenier | Mixed by Quinten Cormenier | Mastering by Judith Bontinck Photography by Gert-Jan De Baets | Artwork & Design by Anders Vranken | Illustrations by Joke Vandenabeele | Published by 33-45 Magazine

33- 45 Magazine: Never Alone, Always Together  
33- 45 Magazine: Never Alone, Always Together  

Magazine over muziek & beleving.

Advertisement