Issuu on Google+

Overal!Overijssel Cultuurdeelname in Overijssel Magazine 2010-2011

1

2

Inhoudopgave

4

Overal kunst en cultuur!

5

Mogen wij ons even voorstellen? Werkbijeenkomst cultuurmakelaars Overal!Overijssel

6

Hanzetour over de IJssel! Mip van der Heide en Alwin Rozendal over Hanzetour ‘over de IJssel’

10

Mime spelen in het riet Allard van Lenthe over het Locatietheaterfestival Doake

12

Amateurs aan zet Cultuurambtenaar Cora Vonk namens arrangementsgemeente Steenwijkerland

14

Folklore leeft! Wim Hofman en Arjen de Vries over het Internationaal folkloristisch festival

16

Havenwerk: theater voor en door jongeren Erik-Jan Post over het Festival Havenwerk

18

Groei door samenwerking Cultuurambtenaar Peter de Klerk namens arrangementsgemeente Losser

20

De oogst van Overijssel

22

Zelf aan de slag! Regeling Cultuurdeelname

24

Colofon

26

Overal!Overijssel

Voorwoord Dick Buursink

3

Hoe krijgen we meer mensen actief betrokken bij cultuur? Deze vraag houdt ons flink bezig. Overijssel heeft er in de afgelopen jaren werk van gemaakt om zoveel mogelijk mensen te laten genieten van kunst en cultuur. Nu willen we bevorderen dat mensen ook zelf aan de slag gaan met kunst en cultuur. Zelf iets maken geeft plezier en geluk. En opent de ogen voor professionele kunst en cultuur. Immers: wie meer weet, ziet ook meer!

Inhoudsopgave

In 2009 zijn er aansprekende resultaten geboekt: 6 arrangementsgemeenten geven een impuls aan het gemeentelijke cultuurbeleid. De provincie heeft 44 projecten gesubsidieerd, variërend van € 2500,- tot € 50.000,- om mensen in Overijssel actief aan kunst en cultuur mee te laten doen. In 2010 heeft provincie Overijssel 60 projecten gehonoreerd. Dit magazine informeert u daarover. Ik hoop dat deze verhalen u inspireren om de kansen te grijpen die de provincie u wil bieden. Om te netwerken en samen te werken en zo met elkaar te ontdekken dat uit elke verbinding iets moois kan groeien. Provincie Overijssel heeft in 2010 cultuurmakelaars aangesteld. Culturele verkenners, die ons helpen om door een andere bril te kijken, grenzen te overschrijden en verrassende resultaten te boeken. Zij ‘makelen’ en schakelen, brengen mensen met elkaar in contact en inspireren ons werk te maken van cultuur.

Dick Buursink Gedeputeerde Cultuur, Europa en Stedelijke Netwerken

4

Overal kunst en cultuur! Het programma Cultuurdeelname 2009-2012, ook genoemd Overal!Overijssel, kent drie aandachtsgebieden: amateurkunst, (buitenschoolse) cultuureducatie en volkscultuur. Daarnaast kent het programma drie doorsnijdende thema’s: verankering, vernieuwing en diversiteit. Ook na schooltijd: cultuureducatie Op het terrein van cultuureducatie richten we ons binnen het programma specifiek op cultuureducatie na schooltijd. Alle Overijsselaars wordt de gelegenheid geboden actief in aanraking te kunnen komen met kunst en cultuur. We willen dat er goed educatief aanbod bestaat voor alle leeftijds- en bevolkingsgroepen. Talent en ambitie: amateurkunst De aanwezigheid van talent en ambitie is bepalend voor de veelzijdigheid van de amateurkunst. We willen het kwalitatief en kwantitatief aanbod van amateurkunst stimuleren evenals de actieve deelname.

Hoe doen we dat? Dit doen we door middel van subsidies, een adviescommissie, cultuurmakelaars, samenwerking met gemeenten, communicatie en monitoring en evaluatie. De adviescommissie Cultuurdeelname adviseert ons over subsidieaanvragen boven de € 20.000,- en over de koers van het programma. Er wordt regelmatig onderzoek gedaan naar de resultaten van het programma, zodat eventuele bijsturing van het programma mogelijk is. Partners waarmee de provincie samenwerkt, zijn de steunfunctieorganisaties en de Overijsselse gemeenten.

Overal!Overijssel

Verhalen en tradities: volkscultuur Volkscultuur, de cultuur van het dagelijkse leven, houdt zich bezig met tradities. De provincie wil de toegankelijkheid van volkscultuur vergroten. We vinden het belangrijk dat de verhalen die horen bij gebouwen en landschappen aandacht krijgen en bewaard blijven voor de toekomst.

Aanvragen voor culturele projecten in het kader van het programma kunt u het gehele jaar door indienen. Het complete programma, de subsidieregeling en het aanvraag­­formulier kunt u vinden op: www.overijssel.nl/cultuurdeelname

5

Mogen wij ons even voorstellen? Werkbijeenkomst Overal!Overijssel We zijn aanwezig in het Havenkwartier in Deventer voor een werkbijeenkomst met de Cultuurmakelaars. De vraag van vandaag: wie zijn die cultuurmakelaars nu en wat gaan ze doen?

6

Tijdens de opening van de bijeenkomst vertelt gedeputeerde Dick Buursink over het provinciaal beleid: “de provincie heeft met Overal!Overijssel als doelstelling om cultuurdeelname te bevorderen. De cultuurmakelaars zijn hierbij een prima onder­ steuning: in een aantal gemeenten in Overijssel en ook daarbuiten waren al cultuurmakelaars actief en daar bleek het cultuurklimaat aanzienlijk op te bloeien. Er was meer aandacht voor cultuur, zowel actief als passief, meer mensen waren betrokken bij het creëren van cultuur en meer mensen kwamen kijken.”

Luisteren, adviseren en stimuleren De taken van een cultuurmakelaar zijn heel divers, zo zeggen de makelaars, maar de bottomline is simpel. “We verbinden, adviseren, helpen projecten te ontwikkelen en helpen bij het werven van fondsen”, aldus Renée. “De basis van al dit werk is veel luisteren en zorgen dat je met het hele culturele veld in gesprek blijft. De gemeente voert de regie en de cultuurmakelaar vult het vacuüm tussen de verenigingen, instellingen en de gemeente.” Eléon vult aan: “door al deze gesprekken kun je ideeën brengen en het aanbod stimuleren.”

De provincie Overijssel heeft nu drie cultuur­ makelaars aangesteld die ondersteund worden door twee projectmedewerkers. Corrie Goldsteen-Meliefste beheert de regiogemeenten, samen met projectmedewerksters Ilse van der Baan en Margreet Zwart. Renée Nieuwenstein is cultuurmakelaar in Staphorst en Steenwijkerland en Eléon de Haas is cultuurmakelaar in Olst-Wijhe, Rijssen-Holten, Borne en Losser.

Door het leggen van verbindingen tussen mensen, verenigingen en hun initiatieven wordt gezorgd voor een kwaliteitsslag. Dat wat organisaties doen, kunnen ze door samenwerkingen beter doen. Hierdoor kunnen de verenigingen zich laten zien, meer mensen betrekken bij de activiteiten en zich wapenen tegen bezuinigingen op cultureel gebied. Buursink: “Cultuur is een makkelijk slachtoffer om op te korten. We moeten er voor waken dat de uitgaven op het gebied van cultuur te snel worden

Wilt u een cultuurmakelaar spreken om samen plannen te maken of uw plannen succesvol te realiseren? Dan kunt u contact opnemen met: - Renée Nieuwenstein, cultuurmakelaar Steenwijkerland en Staphorst. M. 06 515 158 97, rnieuwenstein@kco.nl - Eléon de Haas, cultuurmakelaar Rijssen-Holten / Olst-Wijhe / Borne en Losser. T. 0546 82 14 06 / M.06 230 401 69, edehaas@kco.nl - Corrie Goldsteen - Meliefste, overige gemeenten. T. 038 42 37 045 / M. 06 364 945 20, cgoldsteen@kco.nl - Margreet Zwart, projectmedewerker. M. 06 289 197 49, mzwart@kco.nl - Ilse van der Baan, projectmedewerker. M. 06 222 257 16, ivanderbaan@kco.nl Kijk voor meer informatie op www.kco.nl of bel 038 - 422 50 30

De cultuurmakelaars merken dat ook in de gesprekken die ze voeren. “We adviseren de verenigingen om te zorgen dat ze zichtbaarder worden in de maatschappij, om te proberen hun initiatief onmisbaar te maken. Soms worden instellingen gedwongen een andere route te kiezen dan die van de gemeentelijke subsidies, omdat ze bijvoorbeeld te weinig subsidie van de gemeente krijgen.” Renée vertelt verder dat er nog andere mogelijkheden zijn: “zo kunnen ze bijvoorbeeld terecht bij fondsen, zoals het Prins Bernhard Cultuurfonds en de Stichting Doen. Deze fondsen hebben allemaal een andere aanpak nodig en verwachten andere dingen van een projectplan. Hier kunnen wij dan in adviseren. Hoe schrijf je zo’n plan en is het nuttig om ook dit fonds te proberen? Daarnaast moet je ook niet bang zijn iemand te vertellen dat iets verspilde moeite is.” Cultuurmakelaars verbinden netwerken In workshops krijgen de deelnemers ‘s middags de gelegenheid nader kennis te maken met de cultuurmakelaars en hun werk. Zo worden onder andere de verwachtingen van de deelnemers geïnventariseerd.

Er blijken een hoop vragen en onduidelijkheden te zijn. “Kunnen wij als organisatie nu zomaar een opdracht bij een cultuurmakelaar neerleggen?”, vraagt iemand zich af. Eléon en Renée vertellen in deze groep dat zij een verbindende taak hebben tussen beleidsmakers en vooral tussen de mensen ‘in het veld’, de verenigingen en groepen. “De cultuurmakelaars hebben een netwerk van vaardige mensen, waarmee ze verenigingen kunnen helpen bij de organisatie van projecten. De makelaars brengen verenigingen in contact met andere verenigingen en personen, waardoor de organisatie van een evenement of welk plan dan ook soepeler verloopt. De verenigingen moeten het wel zelf doen: “Cultuurmakelaars zijn geen uitvoerders, maar helpen mensen op weg en brengen ze met elkaar in contact”, aldus Eléon.

Overal!Overijssel

geschrapt. De beste manier om dit te doen is meer mensen verbonden te krijgen met de verenigingen en groepen die cultuur maken, dus door de actieve cultuurdeelname te verhogen.”

Corrie vertelt: “De gemeenten willen de bevolking betrekken bij de culturele activiteiten in de gemeente en ze willen dat de bevolking kennismaakt met de verenigingen en met wat die te bieden hebben. Om dit te bereiken stimuleren de cultuurmakelaars ‘cultureel ondernemerschap’. De makelaars zijn zelf geen eigenaar van de projecten maar stimuleren de verenigingen en instellingen om zelf onder­nemend te zijn en voorstellingen en evenementen te organiseren. De cultuurmakelaars zijn hierin ondersteunend, kunnen de organisatoren door­verwijzen naar fondsen en subsidiegevers en helpen met de aanvragen, maar vooral met het doorverbinden in hun eigen netwerk.”

7

Deze netwerken bouwen de cultuurmakelaars op, gebruikmakend van hun jarenlange ervaring in het culturele veld. Corrie en Ilse zijn betrokken geweest bij Edu-art, de Gelderse stichting voor cultuur­ educatie. Renée heeft een communicatie­bureau, gericht op de culturele sector. Eléon is al een aantal jaren cultuurmakelaar in Overijssel en Margreet is, naast het werk voor de cultuurmakelaars, werkzaam in het Utrechtse culturele veld. Door de vele verkennende gesprekken die nu gevoerd worden met de verenigingen en instellingen, groeit het netwerk van de cultuurmakelaars razendsnel. Bruggenbouwers Eléon vertelt dat de verenigingen die hij heeft gesproken enthousiast zijn over de cultuur­ makelaars. “Ze zijn blij met de aandacht en vinden het fijn dat er iemand langs komt om naar hun ideeën te luisteren. Veel verenigingen hebben, al dan niet latent, de behoefte om samen te werken. Ze draaien allemaal volledig op vrijwilligers en hebben daarom geen tijd om bruggen te slaan en netwerken op te bouwen. Daarnaast is het lastig om zomaar bij een andere vereniging of organisatie binnen te stappen om daar eens over de schutting te kijken. Dit kan als een bedreiging worden gezien, omdat iedereen toch in dezelfde vijver denkt te vissen. Wij als cultuurmakelaars staan neutraal tussen de verenigingen in en kunnen zo veel makkelijker de rol van bruggen­ bouwer vervullen.”

8

De deelnemers van de werkbijeenkomst vragen vooral om duidelijkheid. Zo is er de vraag om een duidelijk takenpakket voor de cultuurmakelaar. “Stel een duidelijk kader wat je wel en niet doet als cultuurmakelaar”, stelt een deelnemer voor. Een andere deelnemer voegt daaraan toe dat het belangrijk is om eerst te zorgen voor een inventarisatie van de culturele bezigheden in het gebied van de makelaar. Dat brengt weer iemand anders op ideeën: “en breng vervolgens vraag en aanbod bijeen op iets van ‘cultuur-funda.nl’!” Een van de deelnemers vindt dat de samenwerking tussen professionele gezelschappen en amateurs zeker niet geschuwd moet worden. Tot slot adviseert een deelnemer te zorgen voor continuïteit: “Zorg ervoor dat projecten ook hun doorgang vinden wanneer een cultuurmakelaar klaar is met zijn werk.” Geen kant en klare antwoorden Aan het eind van de dag concluderen de cultuurmakelaars dat het een pittige bijeenkomst was en dat de deelnemers blijkbaar behoefte hadden aan kant-en-klare antwoorden. Het geven van zulke antwoorden is lastig omdat het werk afhankelijk is van veel factoren. Er kan dus niet zo een-twee-drie antwoord gegeven worden op alle vragen. Een van de eye-openers voor de cultuurmakelaars is dat de mensen juist behoefte hebben aan een netwerk uit een heel ander type gemeente. Dit is ook een lijn die zij graag volgen: “Sommige gemeenten zijn verder dan andere”, aldus Eléon. “Door over (gemeente)grenzen heen te kijken, kunnen we

àCultuurmakelaars zijn geen uitvoerders, maar helpen mensen op weg en brengen ze met elkaar in contactà

Cultuur zorgt voor sociale cohesie Tot slot hebben de cultuurmakelaars een aantal adviezen voor de cultuur- en beleidsmakers. Renée: “Laat je vooral niet ontmoedigen door bezuinigingen en/of andere tegenslagen. Kunst en cultuur hebben een hele belangrijke functie in de maatschappij. Jullie maken de wereld mooier!” Eléon is het daar helemaal mee eens en vult aan: “Denk ‘out of the box’. Durf gebaande paden te laten voor wat ze zijn en kom zo tot nieuwe ontdek­kingen.” Margreet vervolgt: “Het is belangrijk om cross-overs te zoeken. In de cultuur maar ook in het beleid. Zo zijn welzijn en kunst te combineren tot een pakket dat heel goed kan werken.” “Sta open voor de mogelijkheden die kunst en cultuur te bieden hebben”, zegt Ilse. “Dit kan een doel zijn, maar ook een middel om de samenleving te versterken.”Als laatste van de club cultuur­ makelaars komt Corrie aan het woord: “Cultuur heeft meer effect dan dat het alleen cultuur is. Het zorgt voor een sociale cohesie die bijvoorbeeld ingezet kan worden bij de leegloop van dorpen.” De cultuurmakelaars hebben ook nog een gezamenlijke boodschap voor de beleidsmakers: bezint eer ge begint. Bezuinigingen op cultuur kunnen op korte termijn wel financiële winst betekenen, maar op de lange termijn zul je zien dat er veel kapot is gemaakt en dat het jaren duurt om dat weer op te bouwen.

Overal!Overijssel

expertise exporteren en zo voorkomen dat we het wiel meermaals proberen uit te vinden!”

9

Hanzetour ‘over de IJssel’ Mip van der Heide en Alwin Rozendal koor De Koor

Hanzetour over de IJssel! Het Zwolse gemengde koor ‘De Koor’ werkt sinds 2009 jaarlijks aan een bijzonder project. In 2009 deden ze in één dag een Elfstedentour, met een speciaal Elfstedenlied ‘It giet oan’. In 2010 leidde hun project hen over het water, met de Hanzetour ‘Over de IJssel’.

De Elfstendentour De Koor bestaat sinds 1996 en treedt met grote regelmaat op in Zwolle en omgeving. In 2008 ontstond bij toeval het idee voor het eerste project, de Elfstedentour. Dirigente Mip van de Heide vertelt: ”Ik was bezig met het arrangeren van een muziekstuk voor het orgel. De bedoeling was om dit stuk enkel door zangers en zangeressen uit te laten voeren. Het bleek dat de klanken van het orgel zich perfect lieten vervangen door de namen van de steden uit de Elfstedentocht. Toen ook nog eens bleek dat de Vereniging De Friesche Elf Steden in 2009 haar 100-jarig bestaan zou vieren, was het idee om hier een speciaal evenement rond te bouwen snel geboren!” Er werd een oproep gedaan via Omrop Fryslân en al snel werd de spelersbus van SC Cambuur ter beschikking gesteld. Zo gebeurde het dat De Koor op 10 januari 2009 met een bus door alle elf Friese steden toerde en overal haar Elfstedenlied “It giet oan” ten gehore kon brengen.

10

Deze eerste tour smaakte naar meer en om een en ander een stabiele basis te geven, werd de stichting ‘Projecten De Koor’ opgericht. De stichting heeft als doel: het organiseren en verwezenlijken van een interstedelijk, interprovinciaal, nationaal of mogelijk internationaal project voor De Koor. De Hanzetour In 2010 werd met de Hanzetour gekozen voor een discipline-overstijgend project, waarin naast zang ook ruimte was voor poëzie, dans, beeldende kunst en theater. Zwolse stadsdichter Alet Boukes verzorgde het gedicht ‘Over de IJssel’, dat door Mip op muziek is gezet en tijdens de Hanzetour op diverse manieren ten gehore is gebracht. De tour begon in Deventer, in de Lebuïnuskerk, waar het lied ‘Over de IJssel’ onder begeleiding van een harpiste is uitgevoerd. Vervolgens tourde het gezelschap per boot naar achtereenvolgens Wijhe, Hattem, Zwolle en Kampen. In al deze steden werd een andere kunsttak gecombineerd met de liederen van

Fotografie: Rein Braspenning | Attle Productions

Combineren en samenwerken Naast de combinatie van kunsten is ook het onderwijs bij de Hanzetour betrokken. Alle basis­­scholen in de vijf bezochte steden zijn betrokken bij het project. De leerlingen van deze basisscholen werden uitgedaagd deel te nemen aan een gedichtenwedstrijd, met als thema ‘Mijn stad aan de IJssel’. De winnaars van deze wedstrijd zijn een stuk met De Koor meegevaren en werden zo onderdeel van het totaalproject. “De kracht van dit project is de samenwerking”, vertelt Mip. “We hebben echt geprobeerd elkaar te stimuleren, zowel binnen als buiten De Koor. De verschillende kunstenaars hebben elkaar gemotiveerd en aangestoken en de samenwer­ kingen met bijvoorbeeld het Hanzeorkest was heel speciaal. Ook de promotie van het geheel heeft mensen aangezet tot creatieve uitingen. We hebben de mensen in de verschillende steden namelijk zelf promotie laten maken voor de Hanzetour, dus ook daardoor is veel creativiteit aangewakkerd.”

Overleg! De Koor hoorde via de informatiebijeenkomst in Odeon Theater De Spiegel in Zwolle voor het eerst van de mogelijkheid om subsidie voor de cultuurdeelname aan te vragen. ‘Over de IJssel‘ was het eerste project waar De Koor subsidie voor heeft aangevraagd. “Een omvangrijk project als dit is niet te organiseren zonder sponsoren en subsidie­ verstrekkers”, volgens Alwin. “Zonder de subsidie van Overal!Overijssel hadden we bijvoorbeeld de samenwerking met de andere disciplines niet kunnen bewerkstelligen.”

Overal!Overijssel

De Koor. Zo heeft De Koor in Hattem het beel­dende kunstwerk ‘Over de IJssel’ begeleid van de haven naar de Tinne, werd in Zwolle het lied ‘Over de IJssel’ uitgevoerd onder begeleiding van het Hanzeorkest en dansten in Kampen meermalig Nederlands danskampioenen Hans en Belinda Blaauw op de klanken van ‘Over de IJssel’.

“Het aanvragen van de subsidie kost wel wat tijd en het nodige papierwerk”, aldus Alwin. “Er willen nog wel eens wat dingetjes veranderen in de regels en dan moet je aanvullingen doen. Daarin zie je wel het verschil tussen beleidsmakers en cultuurmensen. Je moet gewoon van te voren zorgen dat je een goed plan hebt, want de mensen van Overal!Overijssel denken wel goed met je mee.” Dat is ook gelijk de tip die Alwin het belangrijkst vindt voor nieuwe deelnemers aan Overal!Overijssel: ”Ga praten! De mensen waarmee je spreekt geven je prima tips over hoe je de aanvraag het beste kunt aanpakken!” www.koordekoor.nl www.projectendekoor.nl

11

Locatietheaterfestival Doake Allard van Lenthe Stichting Man en Muis

Mime spelen in het riet Doake verbindt inwoners Steenwijkerland met cultuur en natuur Een theaterfestival midden in de Kop van Overijssel. Dat klinkt gek, want de Kop van Overijssel is wel rijk aan natuur en water, maar niet aan theaters. Doake is dan ook een locatiefestival dat midden in de natuur plaatsvindt, al twaalf jaar lang, in vier verschillende dorpen. Het afgelopen jaar was dat in Dwarsgracht: een monumentaal veendorp met 200 inwoners, vlakbij Giethoorn. De omgeving is niet doorspekt met theaters, maar dat is ook niet de bedoeling van Doake. Het theater van Doake wordt gebracht in de openlucht, op straat, in natuurgebieden, op boerderijen, in huiskamers en in schuren. Overal waar je het eigenlijk niet zou verwachten.

Het festival wordt georganiseerd door de stichting Man en Muis en de inwoners uit het dorp waar het plaatsvindt. De stichting zorgt voor de programmering en de subsidieaanvragen, aan de mensen uit de omgeving wordt gevraagd te helpen: het festival vindt plaats in de natuur, dus alles moet opgebouwd, maar ook weer afgebroken en opgeruimd worden. Doake is daarmee een echte samenwerking tussen organisatie en bevolking. “De organisatie van het festival vraagt veel van de inwoners”, vertelt Allard: “We moeten een hoop werk verzetten om de voorstellingen te kunnen laten plaatsvinden en dit rust grotendeels op de schouders van de inwoners. Daarom organiseren we Doake het liefst elk jaar op een andere locatie.”

12

Van hooischuur tot dorpsplein Kenmerkend aan Doake is, naast de onverwachte locaties, dat de programmering expliciet op de hele familie is gericht. Er is bewust gekozen voor voor­stellingen die ook kinderen trekken. “Het programma is opgebouwd door bekende professionele groepen voor straattheater uit binnen- en buitenland en amateurgroepen die een voorstelling hebben gemaakt, gericht op een locatie. Dat soort festivalproducties zijn er voor gemaakt om uitgevoerd te worden in bijvoorbeeld een boeren­ schuur, of in het riet”, aldus Allard. Daarnaast worden er op het festival workshops gegeven op het gebied van beeldende kunst en toneel. Allard vertelt: “dit jaar was er een acrobatengezelschap, dat eerst een optreden gaf, vervolgens een

Fotografie: Geke Mateboer

Met deze line-up en uitzonderlijke locaties trekt Doake gemiddeld zo’n 4000 bezoekers. “De bezoekersaantallen zijn zeer afhankelijk van het weer”, aldus Allard. ”Regen is niet goed, hitte is nog minder goed. Goed fietsweer is goed Doakeweer!” Kopje Cultuur Naast de organisatie van Doake houdt Allard zich bezig met de organisatie van Kopje Cultuur in Steenwijk. Dit festival wordt jaarlijks georganiseerd in het centrum van Steenwijk, tezamen met de open monumentendag. Allard: “Kopje Cultuur is omvangrijker dan Doake (het trekt 12.000 bezoekers). Niet de natuur, maar de monumentale binnenstad is de trekpleister. Qua doelstelling komen beide festivals wel overeen: positieve belangstelling voor de regio genereren en het culturele leven stimuleren.” Overal!Overijssel De instelling van de cultuurmakelaars vindt Allard een goede ontwikkeling. “Deze nieuwe opzet werkt beter dan het subsidieloket. Dat was onduidelijk. Een cultuurmakelaar kan meer betekenen voor de organisatoren dan alleen beslissen of het festival wel of geen subsidie krijgt. Ik denk dat deze mensen een goede steun in de rug kunnen zijn voor de vele vrijwilligers!”

Het aanvragen van de subsidies verloopt volgens Allard wel goed. “De cultuurplannen zijn meestal zo’n vier jaar geldig. Daardoor is er recent een verschuiving van accenten geweest. Voorheen was het voornaamste doel: verbreding van het culturele bereik, wat voor Doake vooral betekende dat de focus werd gelegd op families. Tegenwoordig ligt het accent op cultuurparticipatie. Daar heeft Doake zijn programmering op aangepast, door de workshops aan het programma toe te voegen. Op basis van dat soort verschuivingen moet je je plannen aanpassen. Maar als je plan goed is, is het niet zo’n probleem.” Daarin ziet Allard dan ook de beste tip voor andere subsidieaanvragers: “het begint met een goed idee en plan. Vervolgens maak je een goede begroting, wat lastig is, want je moet bijvoorbeeld inschatten hoeveel geld er binnenkomt via de bezoekers. Hierdoor weet je wel wat je te kort komt aan financiën. Dit kun je aan­vullen met eventuele sponsoren. Daarna leg je contact met achtereenvolgens gemeente, provincie en eventueel het rijk. Op die manier heb je structuur in je vraag en kun je de wegen makkelijker bewandelen!”

Overal!Overijssel

workshop deed met de toeschouwers en tot slot een optreden deed mét de toeschouwers.”

www.doake.nl www.kopjecultuur.nl

13

Arrangementsgemeente Steenwijkerland Cora Vonk Cultuurambtenaar

Amateurs aan zet Cora is sinds 2001 cultuurambtenaar bij de gemeente Steenwijk. “Doordat we een arrangementsgemeente zijn voor Overal!Overijssel ben ik wel druk geworden ineens”, lacht ze. “Maar dat zijn alleen maar leuke dingen, zoals het organiseren van voorlichtingsavonden. Steenwijkerland is een grote gemeente en we willen alle verenigingen en instellingen bereiken om te vertellen wat er gaat gebeuren nu we arrangementsgemeente zijn.”

De gemeente Steenwijkerland, in de Kop van Overijssel, heeft 43.195 inwoners en beslaat de plaatsen Steenwijk, Blokzijl, Vollenhove, Kuinre, Giethoorn en een flink aantal omringende buurtschappen. In zo’n grote gemeente zijn veel culturele instellingen en verenigingen te vinden. Zo zijn er bijvoorbeeld 7 musea en 101 verenigingen. Aan Cora Vonk, ambtenaar Cultuur van de gemeente Steenwijkerland, de taak hier eenheid in aan te brengen. Profileren Ze vertelt dat de focus op drie elementen van het programma Overal!Overijssel ligt, namelijk cultuureducatie, volkscultuur en amateurkunst. Cora legt uit: ”Volkscultuur hebben wij vertaald naar musea en historische verenigingen. Op dit gebied willen we een kwaliteitsslag maken. Het feit dat we arrangementsgemeente zijn, geeft ons als

14

gemeente mogelijkheden. Zo willen we een voorstel doen voor de aanstelling van een museumregisseur, die de musea moet helpen zich te profileren en te onderscheiden op het gebied van hun collectie.” Betrokkenheid Het thema amateurkunst vinden we in Steenwijkerland terug in het verenigingsleven. “Steenwijkerland bestaat uit een flink aantal kernen”, gaat Cora verder. “In al deze kernen is een flink aantal verenigingen gevestigd en met al die verenigingen hebben we gepraat. Wat ze in de toekomst willen doen, hoe ze dat willen bereiken en vooral met wie. Op die manier willen we zorgen voor groei in het verenigingsleven. Eén van de behoeften die verenigingen bleken te hebben, is betrokkenheid van de jeugd. Die jeugd kan in sommige gevallen ook wel 40 of 50 jaar oud zijn, maar nieuwe aanwas is van groot belang.”

àIk verwacht meer samenwerking tussen verenigingen, zowel binnen als buiten de gemeenteà

Aanjager Door de verwording van Steenwijkerland tot arrangementsgemeente zijn de bestaande regelingen gewijzigd. “Het beleid was voorheen alleen gebaseerd op het geven van subsidie. Nu wordt er veel meer een richting gegeven aan de verenigingen. De gemeente is aanjager van diverse projecten, maar de verenigingen zorgen voor de daadwerkelijke uitvoering.” Een voorbeeld van dit soort door de gemeente aangejaagde projecten is het project ‘Scholier en Cultuur’. Het is een culturele variant van het in Steenwijkerland lopende project ‘Scholieren en Sport’. Door dit project kunnen kinderen uit groep zes tot en met acht van de basisschool voor een klein bedrag bij alle sportverenigingen proefdraaien.

“Ze kunnen dan een aantal weken meedoen met de trainingen en dan weer ergens anders gaan kijken. Dit zelfde systeem willen we gebruiken om de cultuurdeelname te verhogen. Er is een terug­ loop in langdurige lidmaatschappen merkbaar. Met dit project willen we kinderen op jonge leeftijd bekendmaken met de culturele verenigingen en die terugloop terugdringen. In de eerste periode, tot 2012, zal de gemeente dit project subsidiëren. Daarna is het de bedoeling dat het project doorgaat, maar zichzelf dan in stand kan houden door de bijdragen van de deelnemers.”

Overal!Overijssel

De verenigingen willen graag een ‘Kopje Cultuur’ voor amateurkunstenaars organiseren. ‘Kopje Cultuur’ is het drukbezochte theater- en cultuur­festival in Steenwijk. De cultuurmakelaar gaat aan de slag met de uitkomsten van de gesprekken met verenigingen. Een derde belangrijk element van het provinciale programma is buitenschoolse cultuureducatie. De gemeente Steenwijkerland had haar beleid echter juist gericht op de binnenschoolse cultuur­ educatie. Om de combinatie te leggen tussen het onderwijs en verenigingen, heeft de gemeente een cultuurcoach aangesteld. Voorlopig blijft daar ook de focus op liggen.

Samenwerking Met de komst van de cultuurmakelaar verwacht Cora vernieuwend en grensoverschrijdend cultuur­ aanbod. “Ik verwacht meer samenwerking tussen verenigingen, zowel binnen als buiten de gemeente. Er is nu op gemeentelijk niveau al veel samen­ werking met de gemeente Staphorst. We willen dat graag ook op verenigingsniveau bereiken. Maar de eerste prioriteit ligt binnen de gemeente. Het contact tussen de verenigingen is nog minimaal. We willen toewerken naar een gezamenlijk evenement voor amateurkunst, dus daar is nog een slag te maken. Daarnaast verwacht ik door toename in kwaliteit en evenementen een hogere cultuurdeelname, zowel actief als passief. Want het is van groot belang dat de inwoners van Steenwijkerland ofwel meedoen met cultuur, ofwel meekijken!” www.steenwijkerland.nl

15

Internationaal folkloristisch festival Wim Hofman en Arjen de Vries Folkloristische Dansgroep Hellendoorn

Folklore leeft! De Folkloristische Dansgroep Hellendoorn organiseert elke vijf jaar een internationaal folkloristisch festival, met dit jaar, naast groepen uit Hellendoorn en Markelo, veel internationale gasten. De Hellendoorners ontvingen dansgroepen uit Costa Rica, België, Ierland, Hongarije, Guam, Slovenië en Zweden.

Het hele festival draait op vrijwilligers. ”Dat vraagt best wat van de mensen,” vertelt Arjen. “De dans­groepen die op het festival komen slapen bijvoorbeeld allemaal in gastgezinnen. Een aantal dagen een stel mensen uit Hongarije over de vloer is, hoe leuk het ook is, best een zware taak. Hierbij was de groep uit Ierland wel heel speciaal, aldus Wim: “De groep uit Ierland kwam uit Dublin en bestond enkel uit dove dansers. Heel bijzonder om te zien dat die mensen zo goed konden dansen en zo’n plezier hadden. We kenden deze groep weer van een andere folklore groep uit Dublin, die we op een ander festival hadden ontmoet.” Organisatie De organisatie van het International Folkloristisch Festival wordt geleid door vier personen, uit de vereniging die zo’n 40 leden telt. Arjen vertelt: “We hebben een hele actieve vereniging. Zo organiseren we fietstochten, wandeltochten, een jaarlijkse bonte avond en dus dit vijfjaarlijkse festival. Daarnaast zijn we betrokken bij de organisatie van

16

het ‘Heldersfees’, de palmpasenoptocht, de oranjevereniging en helpen we musea met activiteiten rondom oude ambachten.” “We zijn twee jaar geleden al begonnen met de voorbereidingen voor het festival. Wij organiseren het festival, zorgen voor de locatie, de horeca en de andere faciliteiten en betrekken er andere clubs bij. Zo is er niet alleen het dansfestival, maar worden ook een folkloristische markt, een kinderfestival én het NK klompenmaken georganiseerd.” Met het bed in de polonaise De mannen vertellen dat het doel van de dansgroep en het festival, naast dat het natuurlijk leuk en gezellig is, het uitdragen van cultuur is. De uitnodigingen voor de festivals gaan over en weer. De Folkloristische Dansgroep Hellendoorn heeft nu een groep uit bijvoorbeeld Slovenië naar Nederland gehaald en normaliter worden zij op termijn ook in Slovenië uitgenodigd. “Zo zijn we bijvoorbeeld al in China geweest”, vertelt Wim. “Daar waren we een echte bezienswaardigheid met onze klompen.

Ondanks alle gezelligheid blijken de mannen streng in de leer. Zo dragen de dames en heren van de Folkloristische Dansgroep altijd wanneer ze gaan optreden de ‘daagse dracht’, behalve op zondag. Dan draagt men de zondagse dracht. Arjen: “Dus dan dragen we schoenen in plaats van klompen.” Zelfs rond de repetities worden de omgangsvormen van weleer behouden. “De dames zitten aan de ene kant van de kantine en de heren aan de andere kant. Dat is altijd al zo en dat hoort ook zo: we zijn tenslotte een folkloristische dansgroep!”

De sponsorbijdragen en subsidies zijn wel minder geworden. Aan de andere kant geven sponsoren meer bijdragen in natura dan voorgaande jaren.” Wim gaat verder: “De aanvraag van de Overal!Overijsselsubsidie ging heel makkelijk. We doen het tenslotte elke vijf jaar. De man binnen ons bestuur die de subsidies heeft aangevraagd is een oud-wethouder, dus die weet ook wel van de hoed en de rand. Dat scheelt natuurlijk een boel.”

Overal!Overijssel

Dat kennen ze daar natuurlijk niet. In Michigan in de V.S. blijkt een flinke Hollandse gemeenschap te zijn, die vonden het geweldig om ons en de Hollandse Folklore weer te zien. Zo komen we overigens vaker Nederlandse Expats tegen als we in het buitenland optreden. Het gaat niet alleen om activiteiten in het buitenland! Hier in Nederland treden we veel op in bejaardenhuizen en daar leven ze vaak helemaal op als ze ons in onze klederdracht zien. Als er bedlegerige mensen tussen zitten en ze vinden het leuk, nemen we ze gewoon met bed en al mee in de polonaise!”

“Het contact met de gemeente is goed. We moeten ons natuurlijk aan de regels houden, maar dan gaat het ook goed. Net als de veiligheidsdiensten als brandweer en politie. Zij werken ook soepel mee. Ook als we bijvoorbeeld een optocht helpen organiseren. Voor zoiets is altijd wel een bereidheid om tijdelijk wegen af te zetten.” www.folkdancehellendoorn.nl festivalhellendoorn.johandemkesharmonica.nl

Aanwaaien “We willen de drempel voor het festival laag houden, dus het bezoek is gratis. We willen dat mensen gewoon aan kunnen komen waaien en dat doen ze dan ook veelvuldig. Dat betekent wel dat je afhankelijk bent van sponsoren en subsidiegevers. Ook wij merken dat de crisis heeft toegeslagen.

17

Festival Havenwerk Erik-Jan Post Theaterschip, Deventer

Havenwerk: theater voor en door jongeren Het oude binnenvaartschip Drost van Salland werd vroeger gebruikt voor het vervoer van grind en zand. Sinds 2005 is het een drijvend theater dat plaats biedt aan jongerentheater, educatie en bedrijfstheater. Directeur van het Theaterschip is Erik-Jan Post, die enthousiast over Havenwerk en het Theaterschip vertelt.

“We werken op het Theaterschip voornamelijk met jeugd en jongeren. 90% van onze voorstellingen is voor jongeren en daarvan wordt het overgrote deel ook gemaakt door jongeren. We doen veel projecten en een van de pijlers van deze projecten is de jeugdtheaterschool. Op een gegeven moment zijn we gaan bedenken hoe we onze voorstellingen voor het voetlicht konden brengen. Niets is leuker dan het resultaat van het werk ook te laten zien aan publiek en dan is het nog mooier als dat publiek niet alleen uit ouders en opa’s en oma’s bestaat.” Op eigen kracht Na deelname aan bestaande Deventer festivals zagen de mensen van het Theaterschip in 2008 ruimte voor een eigen festival: “We zagen dat er in het voorjaar nog ruimte was voor een theaterfestival en we besloten hier zelf invulling aan te geven.” Wat in 2008 begon als een eendaags festival met 500 bezoekers, is in 2010 uitgegroeid tot een festival van vier dagen, met 5500 bezoekers,

18

jeugdtheatergroepen uit binnen- en buitenland, muziek, workshops en kunst. Topsport en breedtesport “Er is een aantal dingen dat Havenwerk zo bijzonder maakt”, vertelt Erik-Jan. “De omgeving waar we Havenwerk organiseren, het Havenkwartier in Deventer, is een culturele broedplaats waar van alles leeft en gebeurt. Daarnaast is Havenwerk een combinatie van ‘topsport’ en ‘breedtesport’. We hebben jeugdtheatergroepen uit de topklasse zoals TJ Jan uit Antwerpen en JTO (jeugdtheater Overijssel) die hun voorstellingen hier spelen, maar ook kleine theatergroepen met minder ervaren spelers. Deze groepen geven presentaties of kleine voorstellingen van zo’n 20 minuten. Hierdoor doen deze jongeren ook ervaring op en krijgen ze de kans geïnspireerd te raken door toppers.” Gevarieerd programma Het festival is een combinatie van kunst, theater, workshops en muziek. Sinds 2009 verzorgt poppodium het Burgerweeshuis in Deventer de

Fotografie: Jeroen Helle

Financiën Erik-Jan geeft aan dat dit soort festivals voor een groot deel afhankelijk zijn van subsidies. “Ik schat dat 60 à 70 procent van onze financiering afkomstig is uit subsidies, dus je kunt zeggen dat dit festival hiermee valt of staat. Gelukkig is er erkenning voor ons festival. Het fonds voor cultuurparticipatie heeft ons zelfs hét jeugd­cultuuren theaterfestival van Nederland genoemd. Zo’n uitspraak is toch een steun in de rug bij het werven van fondsen.”

De directeur van het Theaterschip vertelt dat de relatie met sponsoren en subsidiegevers zeer goed te noemen is. “Het festival wordt elk jaar uitgebreid geëvalueerd, óók met de sponsoren en subsidiegevers. Dit heeft inmiddels gezorgd voor een goed basisplan dat elk jaar aangepast en verbeterd wordt.” Deze continue verbetering van de aanpak, heeft ervoor gezorgd dat de organisatie inmiddels probeert de subsidieaanvraag ineens voor twee jaar aan te vragen. “Dat scheelt ons een boel tijd, maar biedt ook de mogelijkheid om zekerheid te bieden en een langdurigere relatie op te bouwen met deelnemers en andere belanghebbenden.”

Overal!Overijssel

programmering van de popmuziek. Daarnaast is er in samenwerking met het Artez conservatorium een programma voor klassieke muziek. Het afgelopen jaar is er voor het eerst samengewerkt met de opleiding kunst en techniek. “De studenten van deze opleiding zijn uitgedaagd een installatie te bouwen, geïnspireerd op onze sponsoren. Daarvoor zijn de studenten bij hen op bezoek gegaan en hebben ze in de weken voorafgaand aan het festival aan hun installatie gebouwd. Deze installaties zijn op het festival in werking gezet.” Ook zijn er sinds de tweede editie van Havenwerk workshops aan het programma toegevoegd. De scholen uit Deventer worden uitgenodigd om hier tegen een lage prijs aan deel te nemen. “Het zijn altijd bijzondere workshops”, betoogt Erik-Jan. “We zorgen voor spannende workshops, zoals stuntwerk, zwaardvechten en ‘on-stage combat’, maar ook zeefdrukken en dans, gegeven door bijvoorbeeld de wereldwijd bekende theaterdansgroep ISH.”

Tips Voor de editie van het festival van 2010 zijn alle subsidieaanvragen in één keer goedgekeurd. Erik-Jan denkt dat dit komt doordat Havenwerk een uniek festival is, dankzij de ervaring en vooral het overbrengen van enthousiasme, zowel mondeling als op papier. Voor anderen die een subsidie aan willen vragen heeft Erik-Jan twee tips: “Wees op tijd en leg je oor te luisteren bij ervaren mensen. Als je ruim op tijd bent, heb je tijd om eventueel dingen in je aanvraag aan te passen en kun je met een gerust hart de rest van het evenement organiseren. Ervaren mensen kunnen je helpen, weten welke wegen je moet bewandelen en hoe je de aanvraag het beste kunt funderen.” www.festivalhavenwerk.nl www.theaterschip.nl

19

Arrangementsgemeente Losser Peter de Klerk Cultuurambtenaar

Groei door samenwerking Verenigingen, deel je dromen! “Ik was als gemeentelijk beleidsmedewerker cultuur vooral bezig met subsidie- en monumentenbeleid. Toen ik hoorde van de mogelijkheid om arrangementsgemeente te worden, zag ik een kans om echt richtinggevend cultuurbeleid te gaan maken.”

Doelgericht Voor we arrangementsgemeente werden, kregen de verenigingen een subsidiebedrag dat ze naar eigen inzicht konden inzetten. De gemeente had hier geen sturing in, dat was met de jaren zo gegroeid. Doordat we nu arrangementsgemeente zijn, kunnen we veel meer regie voeren en eisen stellen aan de ontvangers van de subsidie. We hebben een aantal doelen gesteld in onze nota cultuurbeleid. Met deze visie gaan we in overleg met de verenigingen, om zo uit te vinden hoe we samen naar die doelen toe kunnen werken.” Peter de Klerk is sinds drie jaar werkzaam voor de gemeente Losser en zo’n anderhalf jaar is Losser arrangementsgemeente. Hij praat met ons over Overal!Overijssel en de toegevoegde waarde van het zijn van arrangementsgemeente. De gemeente Losser, in het Oosten van Twente, heeft 22.640 inwoners en beslaat vijf kernen: Losser, Overdinkel, De Lutte, Beuningen en Glane.

20

In de gemeente Losser ligt de focus op een aantal aandachtsgebieden. “We richten ons onder andere op samenwerking”, vertelt Peter. “Culturele organisaties zijn vooral intern gericht, terwijl ze door samenwerking met andere verenigingen boven zichzelf uit kunnen stijgen. Daarnaast is in kaart gebracht wat de wensen en mogelijkheden van zowel de gemeente als de culturele organisaties zijn. Door dit te overleggen met elkaar, is er echte synergie ontstaan. De verenigingen weten elkaar veel beter te vinden dan eerst en ze komen nu zelf al met wijzigingen of suggesties voor bestaande plannen. Een voorbeeld daarvan is de aansluiting van de Kunstroute Losser-Overdinkel en Kunst­ schatten Losser bij het programma ‘Kennismaken met beeldende kunsten’. Samenwerking Een groot deel van de subsidie gaat naar het project ‘Kennismaken met muziek, zang, dans en theater’. Dit project is een samenwerking tussen de Muziekschool, zeven muziekverenigingen en de ‘Culturele Basisvorming Losser’. Zij verzorgen op

àAlle kinderen in Losser maken kennis met muziek, zang, dans en theaterà

Visie Peter heeft een duidelijk idee waarom er nu juist voor Losser als arrangementsgemeente is gekozen: “We hebben een complete visie aangeleverd. Deze bestond niet alleen uit uitgangspunten en ideeën. We hadden door onze cultuurnota ook al duide­ lijke programmalijnen voor ogen, inclusief een inventarisatie van verenigingen en de bedragen die er nodig waren om de plannen te realiseren. De gemeente heeft het framewerk opgezet, op basis waarvan de aanvraag is gedaan, maar de uiteindelijke invulling wordt gedaan door de verenigingen zelf. Door deze voorbereiding konden we, toen de financiering rond was, ook direct van start met het programma.” Volgens Peter is het wel een groot voordeel dat hij inhoudelijk gezien een volledig mandaat van het college heeft gekregen. “Dat scheelt een heleboel tijd. Uiteraard sta ik in nauw contact met wet­houder Hassink, maar als je voor de inhoudelijke gang van zaken steeds terug moet naar het college,

wordt een programma als dit onmogelijk om uit te voeren.” Dat is direct een van de tips die Peter mee wil geven aan mogelijke toekomstige arrangementsgemeenten: “Leg als inhoudelijk verantwoordelijke ambtenaar vast waarvoor je wel en waarvoor je niet naar het college hoeft!” Peter vindt dat de rol van de cultuurmakelaar op details ondersteunend is. “Je moet een cultuurmakelaar niet inzetten om inzicht te krijgen in het veld, dat moet je zelf al hebben als beleidsmedewerker cultuur. Ze zijn vooral nodig in de ondersteuning van de inhoudelijke uitvoering in het veld. Zo gaat Eléon de Haas, de cultuurmakelaar in Losser, samen met de muziekschool kijken wat er aan cultuureducatie gedaan kan worden in de buitenschoolse opvang.”

Overal!Overijssel

13 basisscholen in de groepen drie tot en met acht, lessen in algemene muzikale vorming en kunst­ vorming. Hiermee wordt een doelgroep van 1700 basisschoolleerlingen voorzien van een culturele basisvorming. De muziekschool is in dit project een van de grote trekkers. Het is een grote organisatie die gewend is met grotere budgetten om te gaan. Dat is in zo’n omvangrijk project van groot belang. We zetten erop in dat dit project zichzelf na 2012, als de subsidie stopt, in stand kan houden”, aldus Peter.

Kansen, wensen en dromen Voor zijn collega’s heeft Peter nog wel wat tips: “Er komen veel kansen voorbij, maar die zie je pas als je het hele spectrum in beeld hebt en als je weet wat er speelt in je gemeente. Verenigingen moeten daarom hun wensen kenbaar maken. Niet in financiën, maar in visie: welke toekomstdromen heeft deze specifieke vereniging? Die dromen kunnen ver gezocht lijken, maar door een samenwerking tussen verenigingen, kan vaak een boel gerealiseerd worden. De basis hiervoor is goed contact tussen verenigingen en organisaties, maar ook met de gemeente. www.losser.nl

21

De oogst van Overijssel Met het programma Overal!Overijssel 2009-2012 wil de provincie Overijssel bereiken dat meer inwoners van Overijssel zich actief bezighouden met kunst en cultuur. Het programma ging van start in januari 2009. De subsidieregeling Cultuurdeelname was al snel bij een groot publiek bekend.

Wel even wennen Een groot verschil tussen het vorige provinciaal programma ‘Vuur en Vlam’ 2005-2008 en het huidige programma is dat Overal!Overijssel zich richt op een bredere doelgroep en kunst en cultuur voor alle groepen toegankelijk wil maken. Het element ‘zelf actief bezig zijn met kunst en cultuur’ is nieuw. Aanvragers moesten vooral het eerste jaar wennen aan de nieuwe regeling en de in­vulling van het begrip ‘actieve cultuurparticipatie’. In 2009 subsidieerde de provincie 44 projecten vanuit de regeling Cultuurdeelname. De bijdragen variëren van € 2500,- tot € 50.000,-. Het totale bedrag uitgegeven aan subsidies in 2009 bedraagt bijna € 400.000,-. In 2010 zijn 60 projecten gehonoreerd. Aanvragers weten de provincie dus steeds beter te vinden. Impuls De provincie organiseerde in april 2009 twee informatiedagen in Hengelo en in Zwolle. Het doel was bekendheid te geven aan het programma en

22

te informeren over de mogelijkheden voor subsidie. De informatiedagen leverden veel positieve reacties op. Tijdens deze dagen nodigde de provincie alle gemeenten in Overijssel uit om een aanvraag te schrijven om in aanmerking te komen voor een zogenaamd cultuurarrangement. Een cultuurarrangement is een afspraak tussen gemeente en provincie over het gemeentelijk cultuurbeleid. De arrangementsgemeente ontvangt vier jaar lang budget van de provincie om een impuls te geven aan cultuur. De gemeente legt zelf ook geld in. De gemeenten Losser, Borne, Olst, Wijhe, Holten-Rijssen, Staphorst en Steenwijkerland zijn de gelukkigen in de periode 2009-2012. Bijna de helft ‘doet aan cultuur’ In hoeverre houden inwoners van de provincie zich bezig met kunst en cultuur? En hoe zit dat met volkscultuur? Maakt het uit of iemand in een stedelijk of landelijk gebied woont voor wat betreft deelnemen aan cultuur?

Cultuurparticipatie in Overijssel, Tim de Beer en Marjolein Zonjee, TNS NIPO, 12 juli 2010. 1

Volkscultuur en streektradities in Overijssel. Vooral nog in leven in landelijke gebieden van Overijssel Tim de Beer en Marijn Scholte, TNS NIPO, oktober 2009. 2

Overal!Overijssel

Fotografie: Het Burgerweeshuis

De provincie krijgt inzicht in dergelijke vragen door metingen te verrichten. In 2009 voerden wij een nulmeting uit om een startpunt te bepalen. Aan een burgerpanel stelden wij vragen over acti­ viteiten over kunst en cultuur. Met welke vormen van kunst en cultuur houden inwoners van Overijssel zich bezig? En hoe vaak? Het rapport Cultuurparticipatie in Overijssel zoomt in op deze vragen. In 2009 doet 43% mee aan cultuur. Van alle activiteiten komt fotograferen en filmen als meest beoefende activiteit uit de bus. 17% van de respondenten fotografeert en filmt. Zingen, dansen en muziek maken worden het vaakst beoefend. Toneelspelen lijkt in opkomst: 29% staat sinds 2009 voor het eerst op de planken. Personen uit West Overijssel namen in 2009 vaker deel aan kunst en cultuur dan inwoners van Twente. Een ander interessant gegeven is dat één op de tien personen vrijwilliger is geweest voor een culturele vereniging, stichting of evenement. Ouderen en hoger opgeleiden zijn hierin actiever

dan jongeren en minder opgeleide bewoners van Overijssel. 1 Dorpsfeesten, braderieën en TwentseWelle Het onderzoek Volkscultuur en streektradities in Overijssel stelt aan 1170 mensen de vraag of zij zich bezighouden met volkscultuur. Volkscultuur gaat over tradities en rituelen. De meeste inwoners bezoeken dorpsfeesten en braderieën. Er is een groot verschil tussen stedelijke en landelijke gemeenten, in het meedoen aan uitingen op het gebied van volkscultuur. In stedelijke gemeenten doet 22% mee in 2009, tegenover 41% in landelijke gemeenten. 20% van de Overijsselaars bezocht de afgelopen 12 maanden een streek­ museum. Museum TwentseWelle is met afstand het meest bezochte streekmuseum, met name door Twentenaren (25%) 2. Gedurende de jaren 2010, 2011 en 2012 zullen verschillende metingen worden verricht om de ontwikkelingen bij te houden. Waar nodig kan beleid aan de hand van resultaten van deze metingen worden bijgestuurd.

23

Zelf aan de slag! Met actieve cultuurparticipatie bedoelt de provincie dat mensen zelf actief met kunst en cultuur aan de slag gaan. Denk bijvoorbeeld aan zelf zingen of muziek maken, dansen, toneelspelen, schilderen, handwerken of schrijven. Maar ook nieuwe media vallen eronder, zoals zelf fotograferen, filmen of games ontwerpen. Receptieve cultuurdeelname zoals het kijken naar toneel of schilderijen of luisteren naar muziek wordt hier dus niet mee bedoeld. 

Overal in Overijssel Met de regeling Cultuurdeelname wil de provincie Overijssel bereiken dat er betere faciliteiten in Overijssel komen en dat er meer mensen actief met kunst en cultuur aan de slag gaan. Hierbij is het van belang dat alle leeftijdscategorieën worden bereikt, er een goede geografische spreiding is van activiteiten en alle terreinen van het cultuurbeleid. Voor het actief deelnemen van burgers aan het culturele leven in Overijssel kan de provincie Overijssel een subsidie verlenen van minimaal € 2500,- en maximaal € 50.000,-. In het programma staat het provinciale beleid voor cultuurdeelname 2009-2012 beschreven. Dit programma vindt u op de website van de provincie Overijssel: www.overijssel.nl/cultuurdeelname Criteria Er zijn drie aandachtsgebieden bepaald, namelijk: amateurkunst, buitenschoolse cultuureducatie en volkscultuur en drie doorsnijdende thema’s: diversiteit, vernieuwing en verankering. Met doorsnijdende thema’s wordt bedoeld dat deze

24

drie thema’s in de projectplannen tot uitdrukking moeten komen. U kunt in aanmerking komen voor subsidie als uw aanvraag voldoet aan onderstaande criteria: - Het stimuleren van of actieve deelname aan amateurkunst, volkscultuur of buitenschoolse cultuureducatie. - De activiteit vindt hoofdzakelijk plaats binnen de provinciegrenzen van Overijssel. - De activiteit draagt aantoonbaar bij aan het betrekken van meer actieve deelnemers en is aanvullend op de reguliere werkzaamheden of activiteiten van de aanvrager. - De activiteit draagt aantoonbaar bij aan de culturele ontwikkeling van de actieve deel­nemer. - Er is sprake van voldoende artistieke en inhoudelijke kwaliteit. - Er is aantoonbaar voor minimaal 25 procent voorzien in financiering van de totale begrote kosten door andere partijen. - De activiteit is divers.

Fotografie: Rein Braspenning | Attle Productions

Voor de gemeenten Deventer, Enschede, Hengelo en Zwolle gelden aanvullende criteria: - De activiteit is aantoonbaar overdraagbaar naar ten minste twee andere gemeenten dan de gemeenten Deventer, Enschede, Hengelo en Zwolle. - De provinciale financiële bijdrage is nooit hoger dan de bijdrage van de gemeenten Deventer, Hengelo, Enschede en Zwolle. - De methodiek is aantoonbaar overdraagbaar. - Alleen rechtspersonen kunnen een aanvraag indienen. Bellen Heeft u een idee hoe u met anderen actief bezig kunt zijn met kunst en cultuur in Overijssel en vraagt u zich af of u in aanmerking kunt komen voor een subsidie? Neem dan contact op met een van de betrokken beleidsmedewerkers om te bespreken of uw idee bijdraagt aan de actieve cultuurparticipatie in Overijssel: Ineke van Balen, 038 499 8348 Adriaan Buiks, 038 499 8325 Mandy Schuitemaker, 038 499 8327

Aanvragen U kunt gebruikmaken van het aanvraagformulier, dat te downloaden is van de website van de provincie Overijssel: www.overijssel.nl/cultuurdeelname Tevens vragen we u om een aantal aanvullende stukken in te dienen. Ten eerste het projectplan. Het is belangrijk dat het projectplan alle informatie bevat die nodig is om bovenstaande voorwaarden te kunnen toetsen. Ten tweede verwacht de provincie een begroting en een vermelding van het gewenste subsidiebedrag. Over de artistieke en inhoudelijke kwaliteit en de cultuurdeelname aspecten van een subsidie­ aanvraag vanaf € 20.000,- vragen Gedeputeerde Staten een advies aan de adviescommissie Cultuurdeelname.

Overal!Overijssel

- De activiteit geeft blijk van een vorm van verankering.

Beschikbaar budget: Op deze subsidie is een subsidieplafond van toepassing, dat wil zeggen dat aanvragen in behandeling worden genomen zolang het beschikbare budget dat toelaat. Het totale budget voor subsidies bedraagt € 400.000,U kunt de subsidie het gehele jaar door aanvragen bij de provincie. De subsidieaanvraag moet voor de start van het project worden ingediend. Wij adviseren u de aanvraag tijdig in te dienen, aangezien er een behandeltermijn geldt van maximaal 13 weken. Wij raden u aan uw definitieve aanvraag in te dienen in overleg met een medewerker van de provincie.

25

Colofon Het magazine Overal!Overijssel is een eenmalige uitgave van: Provincie Overijssel Postbus 10078 8000 GB Zwolle T (038) 499 88 99 W www.overijssel.nl Redactie Axis Media-ontwerpers, Enschede Provincie Overijssel (eindredactie) Tekst Axis Media-ontwerpers, Enschede Ontwerp: Provincie Overijssel, team Communicatie Coรถrdinatie en opmaak: Axis Media-ontwerpers Provincie Overijssel Fotografie Axis Media-ontwerpers, Enschede (tenzij anders vermeld) Druk Drukkerij Veltmann, Enschede Distributie Het Overal!Overijssel Magazine 2010 - 2011 wordt gratis verspreid onder personen en instellingen in de provincie Overijssel die zich in de breedste zin van het woord bezighouden met kunst en cultuur. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, film of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijk toestemming van de provincie Overijssel. Het Overal!Overijssel Magazine 2010 - 2011 is zorgvuldig en naar beste weten samengesteld. De provincie is niet aansprakelijk voor eventuele onjuistheden in deze uitgave.

26

Overal!Overijssel

WORD WAKKER! Van 14 tot en met 21 mei vindt door heel Nederland de Week van de Amateurkunst (WAK) plaats. Met optredens, exposities, workshops en veel meer. Met de WAK kunt u zich profileren en uw culturele gezicht laten zien aan een breed publiek. Kunstfactor, sectorinstituut amateurkunst, zorgt voor nationale coรถrdinatie en promotie. Ook een WAK in uw gemeente? Neem dan contact op met Kunstfactor via

www.kunstfactor.nl/wak

27

www.overijssel.nl Provincie Overijssel Postbus 10078, 8000 GB Zwolle


Overal!Overijssel